Archief voor de ‘theater’ Categorie

IMG_9898-HDRohh.jpg

Met intensieve veehouderij heeft De Boerderij in Huizen geen ruk van doen.
Met Cultuur des te meer.
Er is veel gedoe om het sympathieke theatertje bij de buren, volbloed dochter van SPANT!
Om z’n broek op te houden moet het Cultureel Centrum zelfstandig geld zien te verdienen. Want van de inkomsten uit het theater en het kunstcafé kon de schoorsteen na het gedeeltelijk dichtdraaien van de subsidiekraan niet roken. Die centjes werden de laatste jaren opgehoest door er naast de bestaande culturele activiteiten een evenementenlocatie van te maken. Bedrijfsborrels, bruiloften en partijen.
Over de ‘overlast’ die dat oplevert klagen sommige omwonenden.
Het Huizer college van B&W gaat die feestjes schrappen.
De Boerderij dient alleen in gebruik blijven als theater en locatie voor sociaal-culturele activiteiten.
DIE FINANCIËLE TEGENVALLER GAAT DE GEMEENTE HUIZEN COMPENSEREN MET EEN JAARLIJKSE SUBSIDIE VAN 72.000 EURO.
De komende drie jaar komt er nog eens een riante fooi bovenop van respectievelijk 22.000, 14.000 en 7.000 euro.
Daar moet toch een knappe broek van op te houden zijn, zou je zeggen.
Als tegenprestatie dient de Boerderij veertig theatervoorstellingen en andere sociaal-culturele evenementen te organiseren.
EEN GEMEENTELIJKE SUBSIDIE VOOR HET NIET ORGANISEREN VAN EVENEMENTEN…. dus.

Ons spiksplinternieuwe, met geen rooie cent gesubsidieerde en volledig op vrijwilligers draaiende Naardense Podium DeMess (niet voor bruiloften en partijen) kan er alleen maar van dromen.
Het opknappen van het gebouw kostte de privé-initiatiefnemers een knappe smak geld. Tel daarbij op de huur en een flinke partij vaste lasten en we komen dit jaar tot een bedrag dat aardig in de buurt komt te liggen van wat onze Huizer cultuurbroeders ELK JAAR toucheren.
Over  speeltuin gesproken.
NB: sinds de opening op 6 september heeft de Mess tot alleen al het eind van 2017 maar liefst 33 (..) zwaar culturele evenementen in de aanbieding.
Ons hoor je niet zeuren.
En over het ophouden van broeken gesproken: Wij gaan voor riemen en bretels waarin we zwaar hebben geïnvesteerd.
Zuur is het wel
Of hadden we onze toko toch een kilometer of acht verderop uit de grond moeten stampen?

Advertenties

messbetekenissen

Wie noemt zijn theater nou deMess?
Dat is toch vragen om ellende?
Hebben de jongelui zich meer dan een jaar het schompes gewerkt om in de Vesting Naarden  een uniek theatertje uit de grond te stampen, komen ze met een naam op de proppen waarmee ze eigenlijk al bij voorbaat hun doodvonnis over zich afroepen.
En dan kunnen ze wel apetrots verklaren dat MESS historisch een meer dan verantwoorde keuze is (in een grijs verleden was dit gebouw immers een officierskantine), MESS betekent niets meer en niets minder dan gewoon ROTZOOI.
Wat een uitdaging!

Die toko is nu bijna vier weken open. De velen die zich al hebben laten verleiden tot een bezoek, kunnen niet anders vaststellen dan dat het er allesbehalve een rommeltje is. Een geweldige, gevarieerde en verrassende programmering met uitstekende artiesten in een professionele setting. Knus (75 stoelen). Parkeergelegenheid voor de deur. Vooraf, in de pauze en na afloop kun je je in een uitstekende  ambiance (MESSCAFÉ) laven aan een ruim assortiment sapjes en licht-alcoholische versnaperingen. Zelfs de bitterbal doet deze week z’n intrede.
Hoezo rotzooi? dus.

Nu we het toch over namen hebben: dat de lokale politieke partij Hart voor BNM (Bussum Naarden Muiden) niet staat te juichen bij het idee dat muurbloempje Weesp ons (hoezo volksraadpleging?) binnenkort wellicht ook door de strot geperst wordt, mag duidelijk zijn.
Je kunt niet eindeloos je naam blijven aanpassen aan de grillen van de hoge heren.
Hart voor B&W (+NM) dan maar?
Als cynische hommage aan het College?

Keukenprinses

Geplaatst: 25 september 2017 in actualiteit, crisis, Naardenezen, theater, zorg

20170922_190516.jpg

Loop je toch in de tweede week van je bestaan al tegen de nachtmerrie van iedere theaterdirecteur aan. Een dag van te voren zegt de theatergroep die komt spelen af.
De jobstijding knetterde vrijdagmiddag 22 september tijdens de repetities voor de happening van die avond (Wies & de Liefde) binnen: LOS op zaterdagavond 23 kunnen we shaken. Het halve clubje ligt met griep tussen de klamme lappen.
En dan kan een gekende die-hard-bestuursadviseur, gepokt en gemazeld in ‘het wereldje’, wel zeggen: ‘Niets aan te doen, daar kun je je alleen maar gelaten bij neerleggen’, keihard schrikken blijft het.
Toch niet iets waar je als theater in opbouw op zit te wachten.
Je stelt alles in het werk om het regionale theaterminnende volk naar je toko te lokken.
Je wilt volle zalen.

En we hadden alles nog wel zo pico bello voor elkaar. Tot aan de catering toe.
Om het zeven koppen tellende gezelschap voorafgaand aan de voorstelling een exquise prak voor te zetten was een plaatselijke vier sterren topkok ingehuurd.
Onze Riet kan er wat van. Haar reputatie op culinair gebied geniet een bekendheid die tot ver buiten de vesting Naarden reikt. En neem maar aan: die gaat niet over één nachtje ijs. Op haar aanrecht circuleerden al dagenlang indrukwekkende lijstjes die de opmaat vormden voor een uitgekiend driegangen menu waar je u tegen zegt. Op vrijdagmorgen duwde ze haar karretje fluitend door de plaatselijke grootgrutter. En om 12.00 uur brandde het vuur onder haar volledige assortiment pannen.
Riet heeft ze in alle soorten en maten
Ze had er zin an.
Laat haar maar schuiven.

De ossenhaasjes lagen amechtig uit te sudderen. Roerend in het laatste gerecht, een voedzaam soepje waarmee de feestelijkheden geopend zouden worden: Telefoon.
‘Draai het vuur maar uit Riet, het gaat niet door morgen’.

Riet woont alleen in haar Hans en Grietje-huisje in de Peperstraat.
Ze gaat ongetwijfeld ontzettend lekker eten de komende week.
We komen haar vanavond wel een handje helpen.
Zeker weten dat ze dat in haar eentje niet trekt.
Hebben wij effe mazzel !

 

20170919_141000.jpg

Negentig euri moet de hevig verontruste Geerte Piening van de rechter neertikken. Dat waren er oorspronkelijk 140. Dus ze mag d’r handjes nóg dichtknijpen.
Gelijk kreeg ze trouwens wel met haar proefballonnetje.
Een duur plasje.
Openbare urinoirs zijn mondjesmaat weggelegd voor onze stiefmoederlijk bedeelde vrouwen.
Een geldkwestie.
In de vesting Naarden komt iedereen met een volle blaas desgewenst uitstekend aan z’n trekken. De plaatselijke horeca heeft kamer 100 behoorlijk op orde. En bij grote evenementen (de Matthaeus) springen we empathisch bij met een batterij mobiele dozen.
Maar ook de low budget toerist voor wie een bezoekje aan de horeca wat aan de begrotelijke kant is, kan prima aan z’n gerief komen. Zo ongeveer in de nog immer gestaag uitdijende achtertuin van de notoire Naardense querulant Erik M (nog even en het bescheiden parkeerplaatsje annexeert ie ook) staat immers een redelijk comfortabel openbaar gebouwtje, waarin je ongelimiteerd los kunt gaan.
Het aantal kommervol hunkerende Chinezen, Jappen en Tsjechen dat in hoge nood per abuis aanklopt bij het pal ernaast gelegen spiksplinternieuwe Cultuurcentrum deMess is intussen niet meer op de vingers van twee handen te tellen.
Na de recente ingrijpende verbouwingen beschikt deMess voor haar theatergasten over een uiterst riante toiletsectie met genderneutrale uitstraling.
De creatie Messieurs/Messdames mag er zijn.
Maar ook aan de gehandicapte medemens is uiteraard gedacht.
Het invalidentoilet (Plas des Invalides) is een regelrecht pronkstukje.
Misschien moet dat commercieel maar ’s uitgebuit worden.
Stichting deMess heeft zich flink in de schulden gestoken om dit unieke project van de grond te tillen. Het succesvolle Benefietconcert betekende aanzienlijk meer dan een doekje voor het bloeden.
Een gepeperd plastariefje voor passanten met hoge nood en de Stichting moet in een jaar tijd toch behoorlijk uit de brand zijn, zou je zeggen.
Ik wil als vrijwilliger wel een paar uurtjes per week achter dat schoteltje zitten.

zitten

 

uitverkocht 2

De ultieme natte droom van iedere theaterdirecteur.
Geen groter plezier dan je ronkende affiches diagonaal met vette chocoladeletters af te plakken.
Alle stoelen weg!
Het aardige van een intiem theatertje als deMess met 75 stoelen is dat het orgasme van de directie wat sneller bereikt wordt dan bij een nostalgische mega-toko als Carré, dat 1756 toeschouwers kan hebben.
Als niet bepaald bemiddelde student (en ook later in wat florissantere tijden) heb ik als toeschouwer bij immer uitverkochte voorstellingen vrijwel altijd gefigureerd in de hanenbalken van de galerij waar je je met ware doodsverachting stortte in een levensbedreigende steile wand race op weg naar je simpele zitplaats. Vele malen Herman van Veen, Freek de Jonge. Maar ook musicals. Speelde er eentje van Annie Schmidt, dan waren de perspectieven stukken florissanter. Vanwege m’n uitstekende connecties met de floormanager voor het dansgedeelte die over de vitale informatie mbt de leeg gebleven stoelen beschikte, zat ik na de pauze steevast in een riante zetel op één van de eerste rijen. En dan verstond je ook meteen alles, wat bovenin nog wel ’s wat te wensen over liet.
Het voordeel van deMess is dat iedereen eerste rang zit. Voor of achterin, het maakt geen drol uit. En onze geweldige geluidsinstallatie garandeert in twijfelgevallen optimaal luistergenot.
De eerste voorstellingen in deMess waren uitverkocht.
En wat mij betreft houden we dat zo.

Ook te lezen op de website van deMess,  www.demess.nl onder Nieuws/ Messpuntjes

ramses

Bij de slotmanifestatie van het indrukwekkende Benefietgala ‘Geef deMess Cultureel Kapitaal’ in SPANT! Bussum, sloop er wat mij betreft toch weer dat verrekte twijfelmomentje in.
De totale euforie die zich van het theater meester maakte ten spijt.
Tekst kwijt.
En het ging toch waarachtig om slechts zeven woorden.

Nou heb ik over het algemeen (nog) weinig reden tot klagen over m’n geheugen.
De psalmversjes die wij op de gristullukke lagere school op maandagochtend om de beurt moesten opdreunen (voor een cijfer: één hapering een 9, twee keer mis betekende een 8, en was je drie keer de weg kwijt dan moest je ’s middags nablijven) zou ik voor het merendeel nog rimpelloos kunnen produceren. Op de HBS werden we geacht regelmatig een gedicht (uit het hoofd) voor te dragen. Ik heb er 55 jaar na dato nog een stuk of tien op m’n harde schijf staan. Inclusief de volledige 28 rampzalige regels van de Rey van Engelen uit Vondels Lucifer waarmee ik later in m’n studententijd met een forse slok op, te pas en te onpas, in een zwaar doorgesnoven gezelschap goeie sier maakte.
Mijn compleet grijs gedraaide LP’s van Toon Hermans hebben er voor gezorgd dat ik als 14-jarige zijn volledige shows, inclusief adempauzes (in het subtiele zwijgen was Toon een ware meester) tussen de schuifdeuren van mijn ouderlijk huis, vermoedelijk tot vervelens toe, ten beste gaf.
Toen ik ooit als knaapje ter gelegenheid van een knie-operatie in het Bussumse Majella ziekenhuis verzeilde heb ik er op kerstavond voor een gehoor van drie bij elkaar geveegde zalen (en in die tijd stelde zo’n zaal numeriek nog wat voor) een volledige voorstelling van bij elkaar geluld.
En ook bij de sectievergaderingen Nederlands op de Naardense scholengemeenschap Godelinde had ik vet profijt van dat selectieve geheugen. Die bijeenkomsten, beurtelings bij een van de collega’s thuis, eindigden onveranderlijk in wat je tegenwoordig een Sing Along noemt. Samen met collega cabaretier/ tekstschrijver en later radiomaker bij de TROS Sietze Dolstra joegen we de plaatselijke neerlandici tot in de kleine uurtjes keer op keer meedogenloos door een gevarieerd cabaretrepertoire.
Toon was (toen nog) onze favoriet.
En geef me de eerste regel van een conference van Wim Sonneveld en ik maak ‘m af waar je bij staat.
Met m’n eigen teksten had ik later stukken meer moeite. Maar dat kwam omdat die per voorstelling nogal ingrijpend veranderden. Dat krijg je met cabaret op maat. Wij speelden altijd premières.

Terug naar die Benefiet.
Met alle optredende artiesten op het toneel kwam het tot een ware apotheose via de massaal meegezongen evergreen van Ramses Shaffy:
Zing vecht huil bid lach werk en bewonder.
Hoe het komt? Geen idee.
Ik krijg ze nog altijd niet in de goeie volgorde uit m’n bek.

tamara-bosHet moet toch al gauw een dikke veertig jaar geleden zijn dat ik haar voor het laatst zag. Een sprietig prépubermeisje. Met haar vader die schrijvend en als radiomaker stevig aan de weg timmerde, speelde ik in de nadagen van m’n honkbalcarrière bij HCAW in een softbalteam waarin nogal wat mannen van de ouwe glorie.
Kampioen van het district Gooi-Utrecht. Dat wel. Mooie tijd.
Ko de Boswachter sprak me soms, nadat we de nacht daarvoor nog stevig doorgehaald hadden en hij linea recta door ging naar de AVRO-studio,  op zondagochtend  om zeven uur in zijn vermaarde Boswachtershow in mysterieuze syllaben toe waarvan wij alleen de exclusieve code kenden. Heel veel gelachen. Eindeloze klaverjaspartijen ook. Volgens mij bedwongen we ooit nog samen op de lange latten de sneeuwpistes in het land van Jörg Haider.
Helemaal zeker weten doe ik dat niet.

De carrière van de talentvolle Tamara, ze vertrouwde me deze week toe dat ik nog in haar poezie-album schreef, heeft in die veertig jaar een flinke vlucht genomen. Aanvankelijk in de voetsporen van paps maar al gauw op eigen, sterke benen: succesvol en meermalen bekroond kinderboeken- en scenarioschrijfster.
En, zo ontdekte ik onlangs, levenspartner van cabaretier Johan Hoogeboom, artistiek leider van ons fonkelnieuwe Naardense theater deMess. Twee creatieve talenten die in hun respectievelijke business zo bezig zijn dat ze in deze beginweken van deMess van geluk mogen spreken als ze elkaar af en toe nog even tegenkomen.
‘Als ik hem nog wil zien, dan moet ik maar naar het theater’, verzuchtte ze.
Kaartje kopen dus.