20160625_183007.jpg

Sinds de stormachtige intrede van de individualisering lijkt het maar uiterst povertjes gesteld met de sociale cohesie. De traditionele zuilen, gebaseerd op het geloof en de maatschappelijke oriëntatie zijn na de jaren zestig behoorlijk gesloopt. Grote boosdoener is, zegt men, de televisie. Of, zeg maar: de moderne communicatie.
En inderdaad.
Als ik met m’n logeerhond Loes ‘s avonds over de vestingwallen slenter, stuit ik op fikse groepen Naardense jongeren die daar, bij schrijnend gebrek aan op hun noden en behoefte toegespitste faciliteiten, wel iets aardigs met elkaar lijken te hebben. Schone schijn. Tenminste dat denk ik als simpele pensionado wanneer ik die circa twintig pubers zonder uitzondering allemaal druk in de weer zie met hun smartphones. Twintig veelkleurige schermpjes verlichten even zo vele naar de ultieme communicatie hunkerende gezichten. De What’s App met de buitenwacht wint het glansrijk van de schier onbegrensde mogelijkheden die er liggen in het hier en nu op de flanken van Nieuw Molen. Even verderop ‘houst’ een soundblaster met bescheiden volume een ander groepje naar iets wat je in ieder geval met enige fantasie een gemeenschappelijke extase zou kunnen noemen. Een gecertificeerd elektriek golfkarretje (tenminste dat nemen we maar aan) snort geluidloos langs het sociale gebeuren.
De nostalgie klotst me onder de oksels vandaan
kanmpvuur.jpg

Rest slechts de teringzooi en de verkoolde restanten van een bescheiden kampvuurtje die een uurtje later de stoffelijke bewijzen leveren van hun aanwezigheid.
De pappa’s en mamma’s prikken intussen een vrolijk vorkje mee op de aangeklede borrel van de plaatselijke ondernemers in De Doelen. De naar medemenselijkheid hunkerende chapter Divorced City schurkt, zorgvuldig gebotoxt, samenzweerderig bijeen op het terras van Café Demmers voor de nieuwste pikante lokale achterklap.
In menige Vestingstraat pookt men de barbecue op, in een vermetele poging het wij-gevoel voor minstens een jaar nieuw leven in te blazen. En zelfs het bezit van hoogst irritant jeukende bulten na een gezamenlijke frisse duik in het van blauwe alg vergeven water van het Naarder Bos weet in ieder geval iets van een band te scheppen.
De sociale cohesie anno 2016.
Maar er is natuurlijk meer.
Wat te zeggen van ‘De meiden van de woensdagavond’ ? Ze maken deel uit van het meer dan eigenzinnige Naardense Jeu de Boules Genootschap ‘De Vestingballen’. Lange tijd profileerden ze zich als ‘de woensdagdames’. Een naam die een tomeloze truttigheid suggereert die op geen enkele manier te rijmen valt met de dynamiek die het subclubje, vooral sociaal gezien, ademt. Voor de duidelijkheid: van zoiets als manvijandigheid is in de verste verte geen sprake. Integendeel. Door een simpele speling van het lot vonden ze elkaar gewoon.
Wat mooi is moet je koesteren.
En gekoesterd wordt er.
Het zijn er een stuk of tien. In wisselende samenstelling. Hoe heterogeen kan een clubje zijn? Weer of geen weer, ze ketsen hun looiige ballen met een hartverwarmende toewijding waar je als buitenstaander je vingers bij aflikt. Natuurlijk tellen de puntjes. Maar de wekelijkse seances hebben daarnaast inmiddels een ongekende schat aan ervaringen opgeleverd waarmee men het leven, zo dat al nodig is, nóg beter aankan. Er wordt tussen de bedrijven door stevig geborreld en gehapt. En als men door de zelf aangesleepte proviand heen is, willen de verre van spiritualistische bijeenkomsten meer dan eens op liederlijke wijze eindigen in de plaatselijke horeca waar tot in de kleine uurtjes de nodige puntjes op de i worden gezet.
Ze hebben iets unieks met elkaar. Die meiden. Soms slaan ze hun vleugels uit. Enkelen hebben zich gestort in een heuse bridgecursus. ‘Een investering voor je ouwe dag’ mag dan klinken als een cliché, maar na één beginnerscursus is er inmiddels keihard afgerekend met die dooddoener.
De harde kern, de Madeira-clan, boekte onlangs een snoepreisje naar het gelijknamige eiland. Vier solisten, aan wie het leven niet ongemerkt voorbijgegaan is. Uitermate goedgemutste solisten. Dat wel. De solotoer van één van hen is ooit bewust gekozen. Niet ieder huwelijk blijkt bij nader inzien het beloofde sprookje te zijn. Voor de andere drie een kwestie van zich neerleggen bij het onvermijdelijke. En dat leverde een week lang de nodige gesprekstof op die het gebruikelijke niveau van koetjes en kalfjes ruimschoots ontsteeg. En wees eerlijk, als zo’n clubje in staat is om bijvoorbeeld een nooit ordentelijk verwerkt rouwproces van zo’n twintig jaar terug uitgebreid op de agenda te zetten, dan spreekt dat boekdelen over het uitzonderlijke karakter er van.
Fietsend langs de Karnemelksloot ontwaarde ik ze onlangs in de boot van Lex Maat (Vestingvaart) die hen de geheimen van de lokale natuur ontsluierde. Sociale cohesie op z’n best.

Nieuwe afbeelding (2)De natie is communicatief en spiritueel gezien behoorlijk in verwarring. De social media blijken niet in staat het gapende gat te vullen dat de verdwenen dorpspomp achter liet. Ik doe het m’n hele leven al met een stuk of vier, vijf goeie vrienden. Maar zelfs met een paar honderd driftig likende Facebookvrienden kom je tegenwoordig bij nader inzien geen steek verder. Voor een uitwisseling van geluk die voor inspirerende ontmoetingen en mooie ontdekkingen zorgt, kon je onlangs in Naarden  terecht bij een heuse ‘geluksroute’. Als je de foto van de mantra’s prevelende zweefmeisjes op hun yoga-matjes op de vestingwallen ziet die zich, bevrijd van hun materiële toestand,  suf mediteren op weg naar hun spirituele existentie, bekruipt je ter plekke het ware Zwitserlevengevoel.
We hebben wat gemist.
Maar er is meer.
Het evenementje is nog maar koud gewassen en gestreken of in Naarder Nieuws van 6 juli staat een ander clubje al weer in de startblokken te trappelen om ons liefdevol aan de hand te nemen naar ongekende verten.
TedTEDx, een podium voor iedereen met inspirerende ideeën.
Het kernprojectteam is er helemaal klaar voor.
Nu wij nog.
Likkebaardend stort je je op het artikel. Om je je na circa 200 woorden vertwijfeld af te vragen: Waar gaat dit in godesnaam over? Een in een blauw kader gevat tekstje helpt je in ieder geval wat de naam betreft uit de droom. Technology, Entertainment en Design.
Naar de X moeten we maar raden.
Het ‘Format’ is ‘The blendend community’. De gemixte gemeenschap die doelt op samengaan. Het mengen van inwoners van voormalige kernen tot een nieuwe gemeente: Gooise Meren. De blended levensstijl van lokaal wonen met een bredere blik op de wereld. Sprekers die hun persoonlijke verhaal omzetten in een inspirerend verhaal in TED-stijl.
M’n verwarring wordt er niet echt minder op.
Mengen van inwoners? Klinkt uiterst veelbelovend met een uitdijend AZC Crailo naast de deur. Maar het integreren van onze vluchtelingen zal vermoedelijk niet bovenaan prijken  in het woordenboek  van de vier hagelwitte initiatiefnemers (met onder meer een sales achtergrond). De treurige Sylvana Simons zal er, en voor het eerst terecht, ongetwijfeld bosbrand van in d’r liezen krijgen.
Op 29 oktober gaat het zaakje los.  In de voormalige Studio Concordia in Bussum. Entertainment. De broodnodige versnaperingen worden opgehoest door lokale ondernemers. Henk-Jan Smits (of all people) die z’n dagelijks brood verdient als communicatiestrateeg en bedrijven adviseert hoe ze hun eigen kracht kunnen vinden en inzetten, praat het programma aan elkaar. Het ontwerpduo Reinier en Carolina houdt een ‘talk’  over het werken aan innovatieve designoplossingen. Absoluut hoogtepunt van het programma, dat nog wel wat hoogstandjes kan gebruiken, gaat ongetwijfeld worden de bijdrage van ene Eric Herber die laat zien wat hij allemaal met z’n springtouw kan.
Nu de sponsors nog.
Mocht je denken dat dit een grap is: niets is minder waar. Ik citeer slechts uit het geneuzel van het kernprojectteam.

Nieuwe afbeelding (1)In dezelfde krant, op de gemeentepagina, is de buurtsportcoach op zoek naar beweegmaatjes in Naarden. Beweegmaatjes, een spiksplinternieuw jeukwoord, moeten bejaarden en vergelijkbare nooddruftigen over de drempel van het bewegen trekken. Bewegen schijnt gezond te zijn.
Ik ga als beweegmaatje m’n jeu de boules clubje in de blended community Naarden Vesting maar ‘s opporren met een fikse talk en m’n frisse, inspirerende ideeën. Een toernooitje. Een format  van heb ik jou daar. Ik zorg zelf voor de versnaperingen. En mochten de Vestingballen snakken naar wat entertainment in de marge, dan ben ik gaarne bereid om ze te laten zien welke kunstjes ik allemaal met een springtouw kan.

Over verbinden hoeft niemand mij iets wijs te maken.

 

1250

Deze week viel een missive van het GAD Gooi en Vechtstreek in de bus. Na zo’n jaar of drie experimenteren zijn ze er uit. Het is weliswaar een Concept Aanwijzingsbesluit.
Mét Overzichttekening.
Maar toch.
Scheiden krijgt in Naarden, Divorced City, een extra dimensie.
Als ik een beetje fatsoenlijk mik, kan ik binnenkort m’n vuilniszak vanuit de eerste verdieping van m’n huis aan Beijert regelrecht in de nieuwe ondergrondse container ND002 flikkeren. Daar hoef ik dus, als ik er een speciale milieudruppel voor op de kop kan tikken, geen poot voor te verzetten. Hoe leuk wil je het hebben?
Geen vuiltje aan de lucht, zou je zeggen.
Hebben we in Naarden na de Zwarte Pieten-discussie, de Zwarte Zaterdag en de Blanke Vla, ook eens iets om over te zeiken.

35c1bb_462c3443474245f4a6bdcdd1d651a68e (1)

Mijn ouwe heer zaliger had helemaal niets met sport. Dat overdreven fysieke gedoe leidde alleen maar af van de hogere, spirituelere zaken des levens. Maar toen hij als hoofd van een school met den bijbel in Soestdijk geroepen werd tot het ambt van voorzitter van de plaatselijke, uiteraard gristullukke, gymnastiekvereniging Olympia, kon hij niet versagen. Binnen de kortste keren waren z’n vier kinderen en iedereen in onze straat die op één of andere manier gelieerd was aan een kerkgenootschap bij de gymnastiek ingelijfd. Overbuurjongen ‘Boebie’ Paans moet het knarsetandend hebben aangezien. Boebie was spastisch. En zelfs een christelijke sportclub was niet bij machte om op liefdevolle wijze een plaatsje voor zo’n heidens knaapje (de familie Paans ging niet ter kerke) in te ruimen. Ondanks z’n fysieke beperkingen was er, zou je tegenwoordig zeggen, voor hem vanuit de naastenliefde en de psychologie best wel wat te verzinnen geweest binnen die ambiance.
Nee dus.
Maar Boudewijn heeft zich later volledig gerevancheerd. Als hoofdredacteur van mijn VPRO gids.
In een hagelwitte outfit moest ik het, als Poulidor avant la lettre, bij de jaarlijkse clubwedstrijden qua hoofdprijs immer afleggen tegen mijn elastieken Indonesische buurjongetje die z’n vogelnestjes en radslagjes net iets gezwinder maakte.
Minstens zo aardig aan dat clubje was dat het beschikte over een heuse drumband. Wanneer er wat te vieren was in het dorp werd ‘onze’ fanfare van stal gehaald die in een straf marstempo, oorverdovend trommelend en toeterend door de straten trok.
Indrukwekkend, vond ik. Als zevenjarige.
Dus vanaf de eerste de beste verjaardag beschikte ik over een Blechtrommel waarmee ik, met in m’n kielzog de voltallige populatie van de Groen van Prinstererschool, in het speelkwartier rondjes over het schoolplein trok. Die trommel deed ik weldra over aan m’n jongere broertje dat ik de fijne kneepjes van het vak had bijgebracht. Ik was inmiddels namelijk nogal onder de indruk gekomen van de rol van de tamboer maître bij zo’n showband. De man (de emancipatie heeft hier nog niet echt toegeslagen) die voor de troepen uit paradeert met een zilveren stok met een bol aan het eind. Hij is de baas en geeft met speciale tekens aan wat er qua muziek en exercitie van z’n volgelingen verwacht wordt.
De baas van Olympia deed dat met verve.
Ademloos keek ik als jongetje toe hoe hij z’n mace wervelend om z’n lengte-as metershoog de lucht in gooide en (meestal) weer keurig opving.
Dus stond ik achter ons huis met m’n zelf vervaardigde mace weldra urenlang te oefenen om dat kunstje onder de knie te krijgen. De Groen van Prinsterer beschikte voortaan naast een surrogaat trommelaar over een zwaar afgetrainde tamboer maître.

De muziekkeuze van een mens krijgt met het klimmen der jaren wel een faceliftje. Het fanfare-genre verdween een beetje uit zicht. Oubollig misschien? Maar toen ik in 1978 vestingbewoner werd, kropen al gauw de nostalgische gevoelens door de kieren van m’n vers betrokken woning op een steenworp van het Promersplein. Het exercitieterrein van het vestingstedelijke muziekvendel Nardinc. Met eigentijdse huppelmeisjes die tot bloedens toe hun listig uitgedachte danspasjes onder de knie probeerden te krijgen. En gekleed in die niet weg te rammen Napoleontisch geïnspireerde gala-outfit uit de jaren ’50. Ik zette m’n ramen en deuren open als de nieuwste nummers er in gestampt moesten worden. Wat mij betreft hadden ze niet hoeven uit te wijken naar De Sprong.
Of ‘Proms’, zo je wilt. Maar klimaatneutraal repeteren heeft natuurlijk ook wel wat.
Als het Vendel weer ‘s door de straten marcheert, ben ik een dankbare toeschouwer. Niet in de laatste plaats vanwege het feit dat ik er als onderwijspensionado nogal wat oud-leerlingen en bekenden bij zie rondstampen. De tamboer (uit het muzikale Naardense geslacht Van Velzen?) doet het tot m’n teleurstelling een stuk soberder dan die op het schoolplein in Soestdijk. Die mace de lucht in gooien, is ‘m kennelijk iets te grijs. Het enige wat ik mis is dat vaandel. Die vlag op een stok met een overdaad aan op muziekconcoursen binnengesleepte bling bling.
Mijn buurman stelde een paar jaar geleden vermetele pogingen in het werk om de elementaire beginselen van het blazen onder de knie te krijgen. Maar toen hij na een bloedig jaartje repeteren op zolder niet verder kwam dan de eerste vier tonen van Vader Jacob, wierp hij de handschoen gedesillusioneerd in de ring.
Nardinc zal het zonder hem moeten stellen.
Als de rode brigade weer eens voor mijn raam langs paradeert, is mijn finest moment steevast het moment waarop het zooitje ongeregeld aan familieleden en vrienden dat zich met een gelaatsuitdrukking die het ongemeen serieuze karakter van hun missie verraadt, achter de muziek voorbij hobbelt. Hoewel: ongeregeld? Ze lopen doorgaans keurig in de maat.

En dan dat briefje van voorzitter Loek dat vorige week op de mat viel.
Het gaat fantastisch met het Vendel. Fanfare-orkest, Slagwerkgroep, Blokfluitgroep, Jeugdorkest. En niet te vergeten het blaasorkest De Wallenkraaiers dat met alle liefde op komt draven, ook als je in de privésfeer wat te vieren hebt. Muzikale vorming voor kinderen vanaf zes jaar onder leiding van gediplomeerde muziekdocenten. Kom daar maar ‘s om.
Vorig jaar op een Vestingzondag genoot ik van een verrassend concert in de Marktstraat. Met zangeres. Het goedwillende amateurisme zijn ze breeduit ontstegen.
De vestingstad Naarden en een muziekvendel. Is er een authentiekere combinatie denkbaar?
Die willen we, als de specifieke Naardense kwaliteiten na zo’n fusie op de tocht komen te staan, toch zeker behouden? Het is een tijd van bezuinigingen Met de minimale subsidie van de gemeente is het bijna ondoenlijk om de zaken financieel rond te krijgen. Loek legt het voor ons allemaal haarfijn uit. Je kunt kiezen voor een vaste jaarlijkse bijdrage van 50 euro. Je beloning is het lidmaatschap van hun ‘Club van 50’.
Maar alle beetjes helpen. Giro NL84RABO0383733162 t.n.v. Muziekvendel Nardinc brengt je (net als mij) misschien op een aardig idee. We nemen tenminste maar even aan dat DIT het juiste nummer is.
Op woensdagavond 6 juli valt er trouwens weer te genieten van een wijkconcert. Op het vernieuwde Ruijsdaelplein bij de Utrechtse Poort. Aanvang 19.30 uur.
Neem maar een stoeltje mee.

ONieuwe afbeelding (5)nderzoek heeft uitgewezen dat geluk voor de helft erfelijk bepaald is. Voor die andere helft kun je, als je de Gooi en Eembode mag geloven, zaterdag en zondag terecht bij de Geluksroute in Naarden. ‘Een uitwisseling van geluk die voor inspirerende ontmoetingen en mooie ontdekkingen zorgt. Er gaan nieuwe verbindingen ontstaan waar Naarden mooier van wordt. We gaan dat met elkaar delen want er is plek voor allerlei gelukservaringen.’ De Flower Power uit de jaren zestig in een nieuw jasje, zeg maar. Kun je tegen een mooier Naarden zijn?

Is geluk trouwens een vrouwenzaak?  Je zou het bijna denken. Het zijn louter Marikes, Hinkes en Annemiekes die ons de weg naar het licht gaan wijzen. Ik blijf als bellenblazende man nergens met mijn filosofieën van de kouwe grond.
De gelukkigste mens is toch degene die het denkt te zijn?
Als ongeluk in een klein hoekje zit, dan zit het geluk toch in de rest?
Van mijn grootste geluk herinner ik me dat het zo groot was dat het pijn deed.
Of, zoals Freek de Jonge ooit zei:
Niemand is gelukkig. Wees niemand.

Feest

Geplaatst: 30 juni 2016 in actualiteit, afscheid, crisis, financiën, Naarden, onderwijs, zorg

vlag_0092.jpg

Hoe lang hangt ie er al? Twee weken? Moet haast wel een zware bevalling geweest zijn, dat vmbo-diploma van deze jeugdige vestingbewoner. Of is het een vileine privé-demonstratie van de ouders van Willem (we noemen hem maar Willem) die godsnakend blij zijn dat die eigenwijze reet van ze na zeven tropenjaren eindelijk opsodemietert?
Het huis uit. Op kamers.
En het liefst een stukkie uit de buurt.
Of gaat het toch mbo worden? Als we de krant van vandaag mogen geloven is het daar allesbehalve een feest. Eenderde van de minder bemiddelde ouders stuurt z’n spruiten naar een andere opleiding dan de eerste keuze was. Vanwege de hoge (reis)kosten.
Het is anno 2016 natuurlijk onacceptabel dat de hoogte van de schoolkosten de keuze voor het vervolgonderwijs bepaalt.
Maar Willem nog eens (op z’n minst) vier jaar over de vloer?
Dat trekken ze niet.

Drie keer is scheepsrecht

Geplaatst: 30 juni 2016 in actualiteit, Naarden, zorg

13567017_1009502799128287_2312345767687956475_nHet leven van een bescheiden Naardense middenstander gaat in deze kommervolle tijden bepaald niet over rozen. In twee opeenvolgende nachten probeerden onverlaten zich toegang te verschaffen tot Ruijsdael op ‘t Hoekje. De op één na leukste winkel van Naarden Vesting. Erg handig waren de boys niet. Wel vasthoudend. Met een boor van vermoedelijk een dubieus huismerk waren ze een kwartiertje in de weer. Het slot was van betere kwaliteit. Teleurgesteld dropen ze af. Een attente buurvrouw noteerde bij de eerste poging omstreeks die tijd het nummer van een wegrijdende (spiksplinternieuwe, gejatte?) auto. De bewakingscamera’s hebben van binnenuit deze sneue acties vastgelegd. Maar denk vooral niet dat die bleekneuzen op het bureau handelend optreden. Met een schaapachtige blik liet de dienstdoende functionaris de bewijsvoering zonder al te veel interesse over zich heen komen. Zo’n auto moet toch in ieder geval in vijf minuten na te trekken zijn, zou je zeggen. En de protocollen bij de Hermandad kunnen ook wel een opfrisbeurtje gebruiken want de jongens van de technische recherche die vanochtend na de tweede keer even routineus kwamen rondsnuffelen, hadden totaal geen weet van een vergelijkbaar feestje in de voorgaande nacht.
Het enige commentaar: Maar uw artikelen staan wel érg in het zicht.
Moet de hele inventaris ‘s nachts misschien achter slot en grendel?
Met buitengewoon veel belangstelling gaan Erik en Claire de komende nacht in.
Dan maar zélf boeven vangen.
Als drie keer inderdaad scheepsrecht is ……..