Voorleesvader

Geplaatst: 20 september 2017 in actualiteit, crisis, kleinkunst, persoonlijk, taal, troonrede, zorg

troonrde.jpg

Van mijn leraar Nederlands gedurende de eerste twee leerjaren op het Christelijk Lyceum in Hilversum (Gé van Putten?) herinner ik me niet zo bar veel meer. Maar zijn voorleessessies staan bijna zestig jaar later nog haarscherp in m’n geheugen gegrift. Het laatste stukje van de les ruimde hij er regelmatig voor in. Vooral met Godfried Bomans scoorde hij als een dolle. De Haarlemmer die, al of niet met een forse slok op, mateloos populair was in verschillende radioprogramma’s, sloot ik in m’n hart.
Vooral dankzij Gé.
M’n eerste schrijfseltjes uit die tijd (het schriftje heb ik nog) waren pure Bomans-imitaties.
Hij zat tot in m’n haarvaten.

Voorlezen, gebeurt dat nog?
Ik deed het in ieder geval wel gedurende de zesendertig jaar dat ik als docent Nederlands op de kinderzieltjes losgelaten werd.
Met ‘Kopstukken’ van Bomans hadden ze, tot mijn teleurstelling, niet zo veel.
Humor? Nee toch?
Des te meer met ‘De meester van de zwarte molen’ van Otfried Preussler, de fraaie oprispingen van Roald Dahl, Jan Terlouw en consorten.
De beloning voor de kids als ze hard gewerkt hadden.
In de vele kwartiertjes jaste ik er hele boeken doorheen.
Omdat ik er de zin van in zag.
En in de heilige overtuiging dat ze dat leuk vonden. Maar misschien had hun enthousiasme ook wel enigszins te maken met de omstandigheid dat, zolang de meester zich uitsloofde, ze effe lekker niksend onderuit konden hangen.
Het kassucces in de bovenbouw was het verhaal ‘Rita Koeling’ uit de bundel ‘De hemelvaart van Massimo’ van Oek de Jong. Waanzinnig goed geschreven. Vond ik. Daar kon je alles wat je aan literatuuranalyse voor ze in de pijplijn had, op loslaten.
Later zullen de arme schapen wel ontdekt hebben dat de juweeltjes van mijn voorleeskeuze bepaald geen afspiegeling waren van het literaire aanbod.
Als ik nu af en toe langs m’n neus weg bij een 6 vwo’er informeer naar z’n mening over literatuur, hoor ik bijna altijd de verzuchting: SAAI!!
Vloggers doen het stukken beter.

Als voorleesvader avant la lettre hoorde ik op de Derde Dinsdag tijdens een fietstocht ter hoogte van het Naardermeer in m’n oortje het tenenkrommende leesbeurtje van onze koning.
Het schaamrood springt je spontaan naar de kaken.
Hij leert het nooit.
Na het jaarlijkse spreekbeurtje van z’n moeder dat in z’n chemisch gereinigde, kakkineuze Nederlands in ieder geval nog iets majesteitelijks had, moeten we het tegenwoordig doen met de uiterst middelmatig geproduceerde woordenbrij van WA. Iedere Koninklijke affiniteit is hem vreemd. Om over dictie maar helemaal niet te spreken. Geef hem een telefoonboek en het oplezen van de nummers zal zich er amper van onderscheiden.
En dan hoor ik in DWDD onze aan lager wal geraakte side kick Jan Mulder helemaal uit z’n plaat gaan over de voorleeskwaliteiten van onze zwaar getormenteerde vorst.
Ironie?
Ik heb het bij ‘Uitzending gemist’ voor de zekerheid nog even gecheckt. Maar de man leek het uiterst serieus te menen.

Een troonrede is natuurlijk geen ‘Meester van de zwarte molen’.
En al helemaal geen Bomans.
Nou is het door Rutte en z’n maten geproduceerde episteltje natuurlijk niet iets waar je ter plekke natte dromen van krijgt. Het stond zoals gewoonlijk bol van de kreupele gemeenplaatsen. Terugkerende clichés zonder kraak of smaak, in nét iets andere woorden verpakt dan vorig jaar.
Hou je vast:
Een baan hebben of werkloos zijn, maakt een groot verschil in het leven van de mensen (..)
Of deze dooddoener
De tendens van de laatste jaren is helaas dat de internationale instabiliteit toeneemt (..)
En anders wel dit absolute toppertje:
Ook in geopolitieke verhoudingen verandert er het nodige (..)

Menige Nederlander zal er ongetwijfeld een slapeloos nachtje aan hebben overgehouden.
Leve de koning!
Dan maar als de sodemieter die glazen koets in voor de rijtoer.
En later de balkonscene met Max.
Wuiven doet ie in ieder geval niet onverdienstelijk.

Advertenties

20170919_141000.jpg

Negentig euri moet de hevig verontruste Geerte Piening van de rechter neertikken. Dat waren er oorspronkelijk 140. Dus ze mag d’r handjes nóg dichtknijpen.
Gelijk kreeg ze trouwens wel met haar proefballonnetje.
Een duur plasje.
Openbare urinoirs zijn mondjesmaat weggelegd voor onze stiefmoederlijk bedeelde vrouwen.
Een geldkwestie.
In de vesting Naarden komt iedereen met een volle blaas desgewenst uitstekend aan z’n trekken. De plaatselijke horeca heeft kamer 100 behoorlijk op orde. En bij grote evenementen (de Matthaeus) springen we empathisch bij met een batterij mobiele dozen.
Maar ook de low budget toerist voor wie een bezoekje aan de horeca wat aan de begrotelijke kant is, kan prima aan z’n gerief komen. Zo ongeveer in de nog immer gestaag uitdijende achtertuin van de notoire Naardense querulant Erik M (nog even en het bescheiden parkeerplaatsje annexeert ie ook) staat immers een redelijk comfortabel openbaar gebouwtje, waarin je ongelimiteerd los kunt gaan.
Het aantal kommervol hunkerende Chinezen, Jappen en Tsjechen dat in hoge nood per abuis aanklopt bij het pal ernaast gelegen spiksplinternieuwe Cultuurcentrum deMess is intussen niet meer op de vingers van twee handen te tellen.
Na de recente ingrijpende verbouwingen beschikt deMess voor haar theatergasten over een uiterst riante toiletsectie met genderneutrale uitstraling.
De creatie Messieurs/Messdames mag er zijn.
Maar ook aan de gehandicapte medemens is uiteraard gedacht.
Het invalidentoilet (Plas des Invalides) is een regelrecht pronkstukje.
Misschien moet dat commercieel maar ’s uitgebuit worden.
Stichting deMess heeft zich flink in de schulden gestoken om dit unieke project van de grond te tillen. Het succesvolle Benefietconcert betekende aanzienlijk meer dan een doekje voor het bloeden.
Een gepeperd plastariefje voor passanten met hoge nood en de Stichting moet in een jaar tijd toch behoorlijk uit de brand zijn, zou je zeggen.
Ik wil als vrijwilliger wel een paar uurtjes per week achter dat schoteltje zitten.

zitten

 

uitverkocht 2

De ultieme natte droom van iedere theaterdirecteur.
Geen groter plezier dan je ronkende affiches diagonaal met vette chocoladeletters af te plakken.
Alle stoelen weg!
Het aardige van een intiem theatertje als deMess met 75 stoelen is dat het orgasme van de directie wat sneller bereikt wordt dan bij een nostalgische mega-toko als Carré, dat 1756 toeschouwers kan hebben.
Als niet bepaald bemiddelde student (en ook later in wat florissantere tijden) heb ik als toeschouwer bij immer uitverkochte voorstellingen vrijwel altijd gefigureerd in de hanenbalken van de galerij waar je je met ware doodsverachting stortte in een levensbedreigende steile wand race op weg naar je simpele zitplaats. Vele malen Herman van Veen, Freek de Jonge. Maar ook musicals. Speelde er eentje van Annie Schmidt, dan waren de perspectieven stukken florissanter. Vanwege m’n uitstekende connecties met de floormanager voor het dansgedeelte die over de vitale informatie mbt de leeg gebleven stoelen beschikte, zat ik na de pauze steevast in een riante zetel op één van de eerste rijen. En dan verstond je ook meteen alles, wat bovenin nog wel ’s wat te wensen over liet.
Het voordeel van deMess is dat iedereen eerste rang zit. Voor of achterin, het maakt geen drol uit. En onze geweldige geluidsinstallatie garandeert in twijfelgevallen optimaal luistergenot.
De eerste voorstellingen in deMess waren uitverkocht.
En wat mij betreft houden we dat zo.

Ook te lezen op de website van deMess,  www.demess.nl onder Nieuws/ Messpuntjes

ramses

Bij de slotmanifestatie van het indrukwekkende Benefietgala ‘Geef deMess Cultureel Kapitaal’ in SPANT! Bussum, sloop er wat mij betreft toch weer dat verrekte twijfelmomentje in.
De totale euforie die zich van het theater meester maakte ten spijt.
Tekst kwijt.
En het ging toch waarachtig om slechts zeven woorden.

Nou heb ik over het algemeen (nog) weinig reden tot klagen over m’n geheugen.
De psalmversjes die wij op de gristullukke lagere school op maandagochtend om de beurt moesten opdreunen (voor een cijfer: één hapering een 9, twee keer mis betekende een 8, en was je drie keer de weg kwijt dan moest je ’s middags nablijven) zou ik voor het merendeel nog rimpelloos kunnen produceren. Op de HBS werden we geacht regelmatig een gedicht (uit het hoofd) voor te dragen. Ik heb er 55 jaar na dato nog een stuk of tien op m’n harde schijf staan. Inclusief de volledige 28 rampzalige regels van de Rey van Engelen uit Vondels Lucifer waarmee ik later in m’n studententijd met een forse slok op, te pas en te onpas, in een zwaar doorgesnoven gezelschap goeie sier maakte.
Mijn compleet grijs gedraaide LP’s van Toon Hermans hebben er voor gezorgd dat ik als 14-jarige zijn volledige shows, inclusief adempauzes (in het subtiele zwijgen was Toon een ware meester) tussen de schuifdeuren van mijn ouderlijk huis, vermoedelijk tot vervelens toe, ten beste gaf.
Toen ik ooit als knaapje ter gelegenheid van een knie-operatie in het Bussumse Majella ziekenhuis verzeilde heb ik er op kerstavond voor een gehoor van drie bij elkaar geveegde zalen (en in die tijd stelde zo’n zaal numeriek nog wat voor) een volledige voorstelling van bij elkaar geluld.
En ook bij de sectievergaderingen Nederlands op de Naardense scholengemeenschap Godelinde had ik vet profijt van dat selectieve geheugen. Die bijeenkomsten, beurtelings bij een van de collega’s thuis, eindigden onveranderlijk in wat je tegenwoordig een Sing Along noemt. Samen met collega cabaretier/ tekstschrijver en later radiomaker bij de TROS Sietze Dolstra joegen we de plaatselijke neerlandici tot in de kleine uurtjes keer op keer meedogenloos door een gevarieerd cabaretrepertoire.
Toon was (toen nog) onze favoriet.
En geef me de eerste regel van een conference van Wim Sonneveld en ik maak ‘m af waar je bij staat.
Met m’n eigen teksten had ik later stukken meer moeite. Maar dat kwam omdat die per voorstelling nogal ingrijpend veranderden. Dat krijg je met cabaret op maat. Wij speelden altijd premières.

Terug naar die Benefiet.
Met alle optredende artiesten op het toneel kwam het tot een ware apotheose via de massaal meegezongen evergreen van Ramses Shaffy:
Zing vecht huil bid lach werk en bewonder.
Hoe het komt? Geen idee.
Ik krijg ze nog altijd niet in de goeie volgorde uit m’n bek.

tamara-bosHet moet toch al gauw een dikke veertig jaar geleden zijn dat ik haar voor het laatst zag. Een sprietig prépubermeisje. Met haar vader die schrijvend en als radiomaker stevig aan de weg timmerde, speelde ik in de nadagen van m’n honkbalcarrière bij HCAW in een softbalteam waarin nogal wat mannen van de ouwe glorie.
Kampioen van het district Gooi-Utrecht. Dat wel. Mooie tijd.
Ko de Boswachter sprak me soms, nadat we de nacht daarvoor nog stevig doorgehaald hadden en hij linea recta door ging naar de AVRO-studio,  op zondagochtend  om zeven uur in zijn vermaarde Boswachtershow in mysterieuze syllaben toe waarvan wij alleen de exclusieve code kenden. Heel veel gelachen. Eindeloze klaverjaspartijen ook. Volgens mij bedwongen we ooit nog samen op de lange latten de sneeuwpistes in het land van Jörg Haider.
Helemaal zeker weten doe ik dat niet.

De carrière van de talentvolle Tamara, ze vertrouwde me deze week toe dat ik nog in haar poezie-album schreef, heeft in die veertig jaar een flinke vlucht genomen. Aanvankelijk in de voetsporen van paps maar al gauw op eigen, sterke benen: succesvol en meermalen bekroond kinderboeken- en scenarioschrijfster.
En, zo ontdekte ik onlangs, levenspartner van cabaretier Johan Hoogeboom, artistiek leider van ons fonkelnieuwe Naardense theater deMess. Twee creatieve talenten die in hun respectievelijke business zo bezig zijn dat ze in deze beginweken van deMess van geluk mogen spreken als ze elkaar af en toe nog even tegenkomen.
‘Als ik hem nog wil zien, dan moet ik maar naar het theater’, verzuchtte ze.
Kaartje kopen dus.

IMG-20170909-WA0001

Als het Benefietconcert in SPANT! een voorbode was van de kwaliteit die ons te wachten staat in het piepjonge Podium deMess in Naarden, dan hebben de Naardense initiatiefnemers goud in handen.
Het is niet gebruikelijk dat een slager z’n eigen vlees keurt. Maar bij wijze van uitzondering die de regel bevestigt, schrijven we hier ongegeneerd onze eigen ronkende recensie.
Wie z’n buik een beetje vol heeft van het proces van aftakeling van het gemeenschapsgevoel en de opgepookte boosheid van oververhitte twitterati in de sociale media, had vrijdagavond z’n neus eens om de hoek van de Bussumse schouwburg moeten steken. Wat een positieve energie straalde er tot in iedere uithoek van de tot de nok gevulde theaterzaal.
Een keur van artiesten stond zich in de coulissen te verdringen om in deze wervelende en uitstekend geregisseerde show pro deo het beste uit zichzelf te halen. En dat bleek heel wat. Wat een talent. Wat een variatie. Wat een ongekende muzikaliteit.
Allemaal bij elkaar geharkt door de artistiek leider van deMess, Johan Hoogeboom die zelf aan de piano regelmatig op virtuoze wijze het geheel in goede banen leidde. Met zo’n netwerk kunnen we de programmering voor de toekomst met het allergrootste vertrouwen tegemoet zien. De meeste optredende kleinkunstenaars en musici vallen overigens de komende tijd al te bewonderen in deMess, waar ze alles nog eens dunnetjes over gaan doen.
Bekijk de speellijst en huiver!

En dat allemaal voor het goede doel.
DeMess heeft zich in het afgelopen jaar fors in de schulden gestoken om in Naarden, vooralsnog ongesubsidieerd en volledig gedragen door louter vrijwilligers, een professionele ambiance neer te zetten. De opbrengst van deze Benefiet (SPANT! stelde de zaal, faciliteiten en personeel gratis beschikbaar) moest een eerste aanzet betekenen tot het reduceren van die schuld. Tel daarbij op de oogst van de lotenverkoop en een heuse veiling en we zouden waarachtig een eind op de goede weg zijn naar het Cultureel Kapitaal.
Aan het begin van de avond kwam een prognose voorbij: Is 15.000 euro haalbaar?
Als je nog nooit een veiling bezocht had, dan moet dat halve uurtje een interessante beleving zijn geweest. Professioneel en geroutineerd geleid door de soms ook geestige veilingmeester Bernadette de Bruijn vlogen de vijftien aantrekkelijke items, variërend van kunstwerken tot uiterst lucratieve (vesting)arrangementen vlotjes de deur uit.
Onder oorverdovend gejuich van alle aanwezigen presenteerde de uitvoerend producent van deze Benefiet Janine Dechesne (ook een Mess-vrijwilliger) tijdens de slotmanifestatie het slotbedrag:
34.365 euro, een ruime verdubbeling van de oorspronkelijke prognose!!!!!!
En natuurlijk ook het moment om de grote initiator van Podium deMess Aya de Lange uitgebreid in de bloemetjes te zetten.
Het mag duidelijk zijn dat de stemming in de foyer na afloop helemaal niet meer kapot te krijgen was. Louter breed lachende en superenthousiaste aanwezigen die verzeild bleken te zijn in een happening zonder weerga.
Het vleesgeworden motto van deMess: VERBINDEN DOOR TE VERRASSEN.
Eén ding is zeker: DeMess gaat het helemaal maken!

Lees ook http://www.demess.nl

_DSC7943.JPG

 

sisters

NaarderNieuws, in korte tijd uitgegroeid tot ‘de Telegraaf onder de regionale bladen’, pakt deze week stevig uit.
Grote consternatie over de paddenstoelen rond de Vesting.
Giftig?
Kom op zeg!
Een simpel snoepwandelingetje met m’n logeerhond Loes over de wallen, zo ontdekte ik, staat garant voor een potje hallucineren waar je niet van terug hebt. Loes helemaal uit d’r dak.
Het Trimbos Instituut heeft de handen inmiddels vol aan het kalt stellen van de verzamelde Naardense horeca-eigenaren die massaal te hoop lopen op de Lange en de Korte Bedekte Weg om het geestverruimende  spul te scoren.
Een welkome (en gratis) uitbreiding van hun assortiment.
Eén simpel shotje en Sint Nicolaas of Sint Joris (die van de draak) op de expositie ‘Heiligen over de vloer’ (kunstwerken  van cursisten van ene Herman Tjepkema) komen voor jou in de toko van Marlo op ongekende wijze tot leven.
En ook de zwaar doorgesnoven spuitgasten van de Naardense formatie Army Sisters, ooit als grap begonnen, hebben eenmaal in de ban van de toegeslagen geestverruiming plechtig beloofd een échte grap van hun toch al zwaar psychedelische tripjes te maken.
De liedjes uit de jaren 30/40 gaan op de schop. Het repertoire van de Rolling Stones, toch waarachtig jongens die in hun toptijd de spuit kwistig wisten te hanteren, wordt wagenwijd opengetrokken.
De revival van ‘Brown Sugar’ lonkt.
Over het daarbij fittende uniform wordt ernstig nagedacht.
En dat is nog maar een begin.
Allemaal rete actueel. Want het plaatselijke sufferdje, dat de dames deze week uitgebreid laat uitlekken over hun zangkunsten miste deze primeur.
In datzelfde periodiekje blijkt ons aller VVV-coördinator Niels Udo ook al geknabbeld te hebben aan de verboden vruchten. Hij hallucineert ons historische stadhuis naar een museum. Maar we mogen er, als het aan hem ligt, godzijdank blijven trouwen
Ook de jeugd pikt z’n portie mee. Verbeeld ik het me nou of zijn de timmerwerkjes op het Vestingeiland dit jaar stukken geïnspireerder en creatiever dan in de voorgaande 49 jaren?

Het gemeentebestuur blaast z’n eigen partijtje zinsbegoocheling intussen  vrolijk mee. Paddo’s laten de vroede hersenen waarnemingen doen die er helemaal niet zijn. Althans ze worden anders beleefd. Of denken ze serieus dat ze de Zilveren Legpenning die vorig jaar om deze tijd beloofd was aan die Naardense Olympische zwemjongen daadwerkelijk uitgereikt hebben?
Ik zweer je: het blijft vanaf nu nog lang onrustig in Naarden.

foto: NaarderNieuws