knuffel-senioren

Met de bereikbaarheid van het bestuurlijk apparaat in ons nieuwe home aan de Brinklaan in Bussum mag het dan nog steeds behelpen zijn, als het aankomt op het afscheiden van empathische missives, wil de printer in het voormalige optrekje van de gesjeesde burgervader Heijman (die van die bonnetjes) opperbest ratelen.
Namens onze Gooise Meren viel er deze week een drie velletjes tellend brandbriefje op de mat, gericht aan mij als 55 plusser. Ik zit als gemarkeerde risicobejaarde in ieder geval in hun systeem.
Een hele geruststelling.
Mijn kersverse gemeente maakt zich ernstige zorgen over mijn lichamelijk welzijn, nu ik duidelijk over de helft ben. En samen met mij willen ze rete-graag een plan opstellen om van mijn failliete boedel te redden wat er nog te redden valt.
Er is kennelijk nog hoop.
Ironisch genoeg zat er bij dezelfde postbestelling een circulaire van de uitvaartverzekeraar Dela waarin me op het hart gedrukt wordt nou eindelijk eens serieus werk te maken van mijn aanstaande aftocht uit dit aardse.
Een tegenstrijdigheid die je, hoe je het ook wendt of keert, toch onwillekeurig aan het denken zet.
Als ingeschaalde 55 plusser behoor ik, althans volgens de Gooise Meren, tot de senioren. Een probleemgroep dus.
Daar zijn ze dan mooi op tijd mee. Ik ben immers al een jaartje of vijftien verder?
Twee keer in de week op de tennisbaan. Trap ‘s zomers in onze Gooi en Vechtstreek een kilometertje of 5000 weg op m’n racefiets. En als de temperatuur van de oceaan op m’n zonnige vakantiebestemmingen een beetje wil meewerken, scoor ik daar dagelijks toch ook al gauw een Engelse zeemijl.
Hoezo probleemgeval? Waar bemoeien ze zich mee?
Voor de duidelijkheid: als er iemand is die zich dagelijks haarscherp bewust is van z’n bevoorrechte positie, dan ben ik het wel. In m’n omgeving zijn er helaas die er stukken minder aan toe zijn. En voor hen ligt de lat van Naarden Samen Fit nou net weer te hoog.
Maar iedereen tevreden krijgen, is een illusie.
Ik dien me voor 26 februari in te schrijven bij de buurtsportcoaches Naarden voor een fitheidstest, waarna er een beweegprogramma van twaalf weken opgestart wordt dat helemaal op mijn noden en behoeften is afgestemd. Afgesloten met een wetenschappelijk onderbouwde evaluatie.
Alles royaal overgoten met koffie, thee en limonade.
In de Lunet.
Hoe zit het: krijgen 50 plussers die nog volop meedraaien in het arbeidsproces hiervoor vrij van hun baas?
Het vragenlijstje van de intake kan ik schriftelijk afdoen. Nee, ik heb geen reumatische aandoening. Met m’n hart en bloedvaten is (tot op vandaag) bar weinig mis. Nooit iets gemerkt van hersenbloedingen of -infarcts. De conditie van lever, nieren en darmen is (nog) bevredigend. Geen ms, astma, spasmen of Parkinson. En ook over een rolstoel is in huize Mut nog niet serieus nagedacht.
Kortom: mens sana in corpore sano, zeg maar.
Laat die gymjuf Bianca alsjeblieft opzooien met die irritante bemoeiallerigheid van haar. Mocht de nood écht aan de man komen, dan stort ik me eerst maar ‘s in de armen van Olga Commandeur (tik-bil, tik-bil), die van dat bedaagde ouderenclubje dat dagelijks voor dag en dauw van het televisiescherm spat.

En wat Dela betreft, als realist ben ik voornemens me toch maar vast eens breed te oriënteren. Dat hebben ze met hun kattenbelletje wél bereikt. De kwaliteit van leven is tenslotte een kwestie van dagprijzen. Ik moet er straks voor naar de Italiaanse vestiging van de Zweedse prijsvechter. Voor een kleine 69 euro kan ik dit absoluut niet laten lopen. Ze leveren er toch wel genoeg schroeven bij?

kist

bastion

Zou het de aantrekkende economie zijn? Geen idee. Maar het lijkt voorlopig weer aardig crescendo te gaan met de horeca in de vesting. De Italiaanse toko van Jan Maurits aan de Marktstraat (die z’n buik aardig vol had van de terrassenoorlog) is overgegaan naar een nieuwe eigenaar die er meteen maar het prozaïsche ‘Oud Naarden’ van heeft gemaakt. ‘De Doelen’ (‘Even Eten & Drinken’, je schijnt er écht wel wat langer te mogen blijven hangen dan ‘even’) is na jaren leegstand weer onder het stof vandaan getoverd. Het voormalige ‘Melati’ heeft als ‘Lokaal’ weer een paar dagen per week de keuken opengegooid. En aan de Nieuwe Haven is de sinds mensenheugenis wat treurig wegkwijnende ‘Turfloods’ uit de spreekwoordelijke as herrezen als een Spaanse Cerveceria Taperia.
Het blijft natuurlijk aardig buffelen om de klandizie over de drempel te krijgen. Maar zolang er in de Grote Kerk maar groots opgezette begrafenispartijen georganiseerd worden, zul je TOV niet horen klagen. Een kekke lunch voor een zangkoor van zestig man dat voor zo’n ceremonie wordt ingehuurd, is niet verkeerd. En ook Limes, dat met een spetterend jazzcafé op zondagmiddag een verrassend nieuw publiek aangeboord heeft, timmert stevig aan de weg.
Alleen ‘Het Bastion’ aan de Turfpoortstraat, het voormalige ‘Bert’s Eetcafé’, was een zorgenkindje. Dreigde ongezien zomaar van de landkaart te raken. Het etablissementje dat een beetje ‘uit de wind’ ligt bij het plaatselijke horecageweld heeft al jaren een ijzersterke buurtfunctie. Iedere woensdag bijvoorbeeld, schuift er een illuster gezelschapje van vrijwel louter omwonenden naar binnen voor de dagschotel. Het moment suprême om het wereldleed van alledag even uitgebreid met elkaar door te nemen.De immer schappelijke tariefjes hoeven in ieder geval geen sta-in-de-weg te zijn.
Omdat met een dreigende sluiting de hoog genoteerde sociale cohesie op de tocht dreigde te komen staan (en ze moesten er vooral niet aan denken om voortaan weer zélf hun piepers te moeten jassen), werd het de hoogste tijd om handelend op te treden.
Een sprankelend collectief van zeven notoire stamgasten sloeg de handen daadkrachtig ineen. Het resultaat: sinds kort hebben de Vesting-Naarders Daan, Bart, Paul, Marco, Hans, Kees en Jan met elkaar de exploitatie, inclusief de hooggemotiveerde gerant Michel die gewoon z’n dingetje kan blijven doen, overgenomen. Als je de ambities voor de nabije toekomst aanhoort, gaat het top worden.De Huiskamer van Naarden.
Een sigaar uit eigen doos, zeg maar. Want als de nieuwe ‘eigenaars’ die stuk voor stuk bekend staan als lieden die bepaald niet in een goed glas spugen, hun vertering niet nauwgezet turven, zuipen de jonge ondernemers binnen de kortste keren hun eigen businessmodel naar de gallemiezen. Maar een geweldig initiatief blijft het. We komen er binnenkort uitgebreid op terug.
Vandaag staan de sliptongetjes op de rol.

appie2

Ben ik effe blij dat ik de afgelopen maanden in alle standen geweigerd heb die kutzegeltjes van Appie te scoren.
Het vaste afrondende vragenritueel aan de kassa bij ons Vesting-Naardense grootgruttersfiliaal.
Over de klantvriendelijkheid zul je me niet horen. Maar weten ze na – tig bezoekjes nou nóg niet dat ik die verrekte kassabonnetjes van ze niet wil? En ook die bestekzegels konden ze wat mij betreft wel in hun reet steken.
Ik plák verdomme geen zegeltjes!
Nu niet.
Nooit niet.
Al in m’n jeugd heb ik definitief afgerekend met die bittere smaak op m’n tong. In de jaren ’50 werd in het kader van het vooruitgangsdenken het grauw lekker gemaakt met de gouden bergen belovende verneuktruc van de spaarzegels. M’n moeder zaliger lustte er wel pap van. En ik maar plakken.
M’n rug trouwens ook op met die airmiles. Je hoeft ze weliswaar niet te plakken. Maar dan nog.
En ik krijg gelijk. Nederland gaat weer ‘s uit z’n plaat.
Er moet ook altijd wat te kankeren zijn.
Nou heeft Appie z’n hoogwaardige mesjes weer te scherp geslepen.
Het is ook nooit goed.

 

draagbeeldhannahcarnaval

Het spel is op de wagen.
Code Rood.
Eerzame lieden die ik doorgaans met mistroostige blik richting de Naardense weekmarkt zie sukkelen, hebben sinds zaterdagmiddag het juk van de benauwdheid afgeworpen. Gehuld in boerenkielen, het onafscheidelijke glas in de hand, haasten ze zich, ‘Alaaf’ brullend, naar de toog van de plaatselijke horeca, en verderop De Sprong. Voor hun jaarlijkse vierdaagse sacrament van bier en vertier.
Ik heb hoegenaamd niets met carnaval. Sorry. Het zullen m’n calvinistische roots wel zijn. Het leven in het ondermaanse was er, althans in mijn jeugd, niet voor de fun. Dat was een zaak van één en al dodelijke ernst. Het bevindelijke neusje werd arrogant opgehaald voor die bandeloze, zuipende papen. Carnaval is, of was in ieder geval, een gerecht uit de katholieke keuken. En daar dienden we ons als exclusieve uitverkorenen die het patent hadden op het ware geloof, verre van te houden.
Lachen mocht nog niet van onze god.
Even voor de duidelijkheid: carnaval hoort natuurlijk thuis beneden de grote rivieren waar het katholieke geloof, of wat daar nog voor doorgaat, verankerd is in de samenleving. Het moet in je genen zitten. Alles wat er boven de Maas aan goedbedoelde joligheid opgehoest wordt, is puur surrogaat.
In een grijs verleden was ik ooit getuige van De Optocht in Maastricht. Indrukwekkend. In Limburg zie je trouwens geen boerenkiel, de uitdossing bij uitstek van de Hollanders die er zich met een Jantje van Leiden van af maken. Wat me van Maastricht ook bijgebleven is: het zijn de enige vier dagen in het jaar waarop je legitiem de buurvrouw mag pakken. Achter de maskers permitteert de vleesgeworden losbandigheid zich kunstjes die het daglicht normaliter niet kunnen velen. Dat heeft te maken met het aannemen van een andere rol dan in de dagelijkse soberheid. Hetzelfde zie je bij het steeds populairder wordende Haloween.
Wat ik er in ieder geval van begrepen heb, is dat carnaval van oudsher om chaos draait. Chaos als gevolg van de overname van de macht door het volk, en die gesymboliseerd wordt door de plaatselijke Prins Carnaval die bij de opening samen met z’n Raad van Elf de sleutel van de stad krijgt.
Landelijk gezien beschikken we over een Prins van formaat. Onze megalomane geblondeerde mafkees die de onderbuik van onze samenleving bespeelt met z’n theorietjes die van plakband aan elkaar hangen. Hij eist op hoge toon de sleutel van het land op. Maar dat kan ie wel shaken.
Er zijn grenzen.

Geen carnavaller dus.
Ik ken ook mensen die graag met een hengeltje aan de waterkant zitten.
Maar maatschappelijk gezien is het een interessant verschijnsel. Voornamelijk vanwege de sociale cohesie die zo’n evenement binnen onze wallen genereert. En die cohesie was ruim voorhanden als je de moeite nam aanwezig te zijn bij ‘onze’ zaterdagmiddagoptocht. Wat daarbij met bijdragen uit Bussum en de Wijde meren (kristummezielen wat een prinsen) aan pure huisvlijt door de Naardense dreven trok, was ronduit hartverwarmend. Veruit het beste wat in jaren vertoond werd, verzekerde een Mestreechse expert me.
Omdat onze Limburgse broeders en zusters zo’n gelegenheid plegen aan te grijpen om hier en daar wat oude rekeningetjes te vereffenen (de plaatselijke schuinsmarcherende meneer pastoor of sjoemelende provinciale VVD-bestuurders worden genadeloos op de strontkar gehesen) was je benieuwd of er ook hier wat maatschappijkritisch vuurwerk op de playlist stond. Dat had wel wat steviger gekund. Daarnaast zijn we in Naarden natuurlijk een te beschaafd volkje om praalwagens door de Marktstraat te jagen met weliswaar eigentijdse maar leeghoofdige thema’s als ‘Daar moet een piemel in’.  Los van wat mild nagepruttel over die vermaledijde fusie, viel het reuze mee. Het enige aan vilein vermaak was onze ex-burgemeester Rehwinkel (trekt ie nog altijd wachtgeld?) achter de kassa van het spookpaleis,
Onze ‘Naardense’ wethouders Miriam en Marleen verstrekten de sleutel.

rehwinkel

En nou maar afwachten of al die nep-katholieken zich iets aan de huisregels gelegen willen laten liggen.
Woensdag askruisje halen.
En dan veertig dagen vasten, gvd.
Tot stof zijn en tot stof wederkeren.
Het zal nog een hele toer worden om ze voor de Vleespotten van Egypte vandaan te houden.

Vraagverkenning

Geplaatst: 6 februari 2016 in actualiteit, Gooise Meren, politiek, zorg

Deze week een SOS-signaal van café ‘t Raedthuys in Bussum (ook Gooise Meren). De geplaagde horecaondernemer klaagde z’n nood over het nogal schrijnende gebrek aan empathie van de kersverse Gemeente Gooise Meren. Dat het daar in die bunker in Bussum communicatief gezien nog niet bepaald op rolletjes loopt, is algemeen bekend.
Om de bittergarnituren, kazen uit diverse landen en aanverwante versnaperingen zo mogelijk nóg adequater aan de man te brengen, was het etablissement toe aan enige aanpassingen die mogelijk verantwoordelijk zouden zijn voor enige malheur. Er werd besloten tot tijdelijke plaatsing van een tent op het eigen terras. Op een steenworp afstand van ons gemeentelijke stadhuis was dat natuurlijk de goden verzoeken. En ja hoor, in no time kreeg de cafébaas een in pittige bewoordingen gestelde missive van GM aan z’n broek: Afbreken voor 21.00 uur. Op straffe des doods. En dan kun je bellen wat je wilt, maar een verantwoordelijke gemeentelijke functionaris krijg je daar never aan de lijn. En dan wordt communiceren een moeizame affaire.
Maar daar gaat verandering in komen.

consulent

ca9ff986-cb29-4792-ac2a-3b3bab17645f_thumb840Dagelijks zie ik ze achter m’n huis een keer of wat in een onafzienbare rij hun euforische Bello’s en Fikkies de wallen opsleuren. Mijn buurtgenoten die onze historische verdedigingswerken unaniem hebben uitverkoren tot het ideale schijtparadijs. Baasjes die, als ze om de tien meter moeten stoppen, de lege blik van hun huisdier tijdens het klaren van het klusje lijken te imiteren.
Of de wettelijk verplichte strontzakjes en schepjes tot de basisuitrusting behoren? Ik heb er m’n twijfels over. De natuur heeft gegeven en zal kennelijk ook weer moeten nemen. Trouwens: tast zo’n eigenaar met een schepje niet in diepste wezen de gezagsverhouding tussen mens en dier aan?
Hondenpoep, al sinds jaar en dag ergernis nummertje 1 voor ouders met kinderwagens
De overlast is in het laatste decennium behoorlijk ingedamd.
En terecht.
Het is al weer een paar jaar geleden dat we zo’n dampende jongen die pal voor de deur van een kennis op de Peperstraat geparkeerd werd, bij wijze van dank prompt met vereende krachten door de brievenbus van het bazinnetje lieten zakken. Voor haar te hopen dat er een plavuizen vloertje achter lag. Met een kortharig kokosmatje moet de ellende niet te overzien zijn geweest.
Ons aller Jelle, die z’n zorgvuldig opgebouwde imago van dienstklopper de laatste jaren een wat menselijke aanzien lijkt te hebben gegeven, deelde hier en daar pro forma wat bonnetjes uit. Een van z’n slachtoffers was de Klokkenluider van de Grote Kerk. Dat de moedjahied van de Naardense terrassenoorlog een paar keer fors de knip heeft moeten trekken, heeft menigeen gniffelend van leedvermaak genoteerd. Zo is er in ieder geval nog wat terugverdiend van de tonnen die zijn treurige, vergeefse procesjes ons als Naardense gemeenschap hebben gekost.
Toch valt er incidenteel nog wel ‘s wat te ergeren.
Als ik ‘s zomers m’n kano achter de Utrechtse Poort te water wil laten, gaat de meeste energie niet zitten in het klaren van dat technisch gezien bepaald niet kinderachtige klusje. Het omzeilen van de ruim aanwezige stront ter plaatse is een ware bezoeking. Niets erger dan een kanotochtje over de vestinggrachten waarbij je je na tien minuten realiseert dat de penetrante geur van de bagger die zich in het profiel van je sportschoenen genesteld heeft nog zeker een uur met je mee zal peddelen.
Dat reguliere stront ruimen is voor de niet-ingewijde trouwens een hele hijs. Voor Vriendin liet ik vorig jaar wel eens de hond uit. Rond het Naardense Meertje van Vlek. Met het ruimen van m’n eigen fecaliën zou ik al de grootst mogelijke moeite hebben. De rillingen lopen me met terugwerkende kracht over m’n rug bij de herinnering aan het in een strontzak vatten van die ongein.
In de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van onze Gooise Meren is er wat betreft die hondenpoep een versoepelde aanpassing gemaakt. HOE de hondenpoep opgeruimd wordt, maakt niet uit, ALS het maar gebeurt.
Het gaat waarachtig nog een gezellige boel worden in de Gooise Meren.

download

glazenwasser

Je zult als vakman maar uitverkoren worden om de glazen te wassen van onze Naardense Bergmankliniek.
De stellages worden tegen de gevel geplaatst.
Sopje is op temperatuur.
Het feest kan beginnen.
Een pittig klusje want aan glas geen gebrek.
Flikker je toch, een uurtje of wat onderweg, bij de tweede verdieping in je tomeloze enthousiasme van de ladder.
En dan zit je toch mooi bij het verkeerde clubje. Want het privé-kliniekje mag dan wat betreft het repareren van onwillige schouders, knieën en heupen een aardige reputatie opgebouwd te hebben, bij een bedrijfsongevalletje kijkt men opeens de andere kant uit.
Gewoon 112 bellen dus en dan rijdt even later, naast de politie en de brandweer, de ambulance voor………..
Van TerGooi Hilversum.
De arbeidsinspectie doet onderzoek.