nee-ja-sticker

Gisteren voor het eerst van m’n leven geflyerd.
Voor het goede doel.
Een cultureel doel in mijn geval.
De Benefiet voor theater deMess in Naarden Vesting op vrijdag 8 september in SPANT!
In de sector ongeadresseerd drukwerk, waar nogal wat Naarders een schijthekel aan hebben, zo ontdekte ik.
In mijn jeugdige overmoed had ik me de intrinsieke saaiheid van een Goois villawijkje in de maag laten splitsen. Het vooruitzicht van een barre overlevingstocht over eindeloze oprijlanen die overwonnen moesten worden, stemde tot niet al te grote vrolijkheid. Maar waar heb ik het als verwoed toerfietser eigenlijk over?
Het grote mes hoefde er niet op. Want ten gerieve van het bezorgvolk heeft nagenoeg alles wat tot welgesteld Naarden behoort zo’n groen, kunststof busje aan de straat geposteerd. Zonder uitzondering met een stroef draaiend deksel waardoor ik beide handen nodig had om m’n gewichtige boodschap naar binnen te laten glijden.
Allemaal voor het goede doel.
In zo’n yuppenparadijs met twee cabrio’s op de oprit stond een weldoorvoede veertiger (ik wist niet dat geruite broeken nog bestonden) mijn werkzaamheden ten behoeve van de culturele gemeenschap met een flink portie argwaan gade te slaan.
Of ik helemaal besodemieterd was:
-Ken je niet lezen?
Dat geringschattende getutoyeer.
De snotneus kon m’n zoon zijn.
De tijd dat ik als docent Nederlands qua taal de wereld had te verbeteren, ligt al mijlenver achter me.
Wat ironie dan maar?
Hoewel?
-Ik vrees dat mijn missie inderdaad niet aan ‘U’ besteed is.

M’n volgende stapeltje ga ik ’s nachts bezorgen. Zeker weten.
!cid_797A0FD9-77C0-4675-9608-5058A5CFA3E3@local.png

20170803_103216

Om m’n door de fusie te grabbel gegooide Naardense identiteit te bevestigen scroll ik dagelijks door de Facebooksite Naardenezen. Veel historisch materiaal. Om je vingers bij af te likken. Al moet ik er meteen bij zeggen: als sommige plaatjes voor de honderdste keer langswapperen, komt de sleet er wel enigszins op.
Een schaamteloos chauvinistisch bolwerkje ook. De prachtig opgekalefaterde vesting is sommigen die hardnekkig zweren bij de ouwe meuk van weleer een doorn in het oog. Voor veel mensen heeft nostalgie de functie grip te krijgen op het huidige leven. Op Naardenezen lijkt de onstilbare hang naar tijden dat het hier een ouwe maar wél overzichtelijke troep was, te overheersen. Onze kerktoren is daarbij een anker in barre tijden. Iedere landschappelijke vereeuwiging  van de Minaret van Marlo, hoe dramatisch soms ook scherp gesteld,  mag rekenen op massale bijval. Dondert niet of de horizon scheef staat. Complete familiealbums worden apetrots binnenstebuiten gekeerd. Spruitjesgeur.

2016 was het jaar van Cas de Bruijn. Een hype. Hij zal het vanaf z’n roze wolk allemaal tevreden gadeslaan. Net als Pouwtje van de snoep. Dit jaar steelt de Kraai de show. Niet het live and kicking exemplaar dat nog steeds een kolerezooi maakt van de laatste vuilniszakken langs de stoeprand. Nee de Naardenees anno 2017 komt geheel aan z’n gerief met de uit plastic opgetrokken artificiële versie. Kan het kitscheriger?

Voor buurman Herman wil ik een uitzondering maken. Een nijver stukje huisvlijt, die windwijzer met de hier alom geadoreerde gevederde vriend. Zojuist bevestigd aan het eind van z’n waslijn. Geeft een extra dimensie aan de schier eindeloze optocht onderbroeken op maandag.

DGVQtkAVoAA1x5C-1024x683

Als je af moest gaan op het cynische commentaar vooraf van de voetbaljongens die het allemaal zo verschrikkelijk goed weten, stond ons met het EK voor vrouwen zo ongeveer een onvervalst paralympisch evenementje te wachten. In het fruitmandje van de Van Hanegems en de Waterreuzen werden appels op stuitende wijze vergeleken met peren.
Veel fiducie had ik er, eerlijk is eerlijk, ook niet in. Maar na één wedstrijd van onze oranjeleeuwinnen was ik om. Ik heb ze allemaal van het begin tot het eind gezien.
Een verademing vergeleken bij de intrinsieke saaiheid van het impotente breedtevoetbal van het Ajax onder Frank de Boer. Wegduttend op de bank voor de tv waan  je je langzamerhand het object van de palliatieve mantelzorg die ons onder regie van corrupte organisaties als de UEFA en de FIFA meedogenloos naar de uitgang leiden. Volgevreten profs met dollartekens in hun ogen en met een ‘marktwaarde’  van een dikke 200 miljoen die in hun narcistische zelfoverschatting meer belangstelling hebben voor dure bolides, een lichaam vol tattoos, bizarre kapseltjes, geile schoentjes, extravagante uitdossingen en ingestudeerde debiele dansjes na een doelpunt. Maar een lekker potje voetbal?
Een pass in de breedte was er bij onze meiden amper bij. Op een tikkie terug leek de doodstraf te staan.
Naar voren!!
Opeens weten we weer wat een rush langs de lijn is.
En bovenal: voetbal is weer een teamsport. Meerrrrrrrr graag.

Dirk3Als de Kluivertjes met hun  9-jarige ‘Nike-Shane’ zo lucratief aan de digitale snelweg timmeren, ligt die wondere wereld dus ook wagenwijd open voor Keverdijkse kleinzoon Dirk (3 maanden) stelde ik handenwrijvend vast.
Een virtuoze balbehandeling zit er vooralsnog niet in. Maar Dirkie, een meer dan schattige versie van z’n opa, beschikt over andere, zeer specifieke eigen kwaliteiten. Wat te denken van z’n amper te evenaren kringspier? Om je vingers bij af te likken.
Drollen-Dirk voor intimi. De volstrekt authentieke wijze waarop mijn stamhouder per dag, pak ‘m beet, zo’n keer of vijf ongegeneerd z’n luier vol jast, moet een beetje luiergigant als Kruidvat toch klaarwakker schudden? Een contract met op z’n minst zes nullen, belooft onze marketeer.  200.000 volgers op de foto- en viodeosite Instagram liggen voor het oprapen . Opa duwt ‘m wel in z’n maxi cosi door het land voor de nietsontziende optocht aan openingen van evenementen en andere contractuele ongein.
En een eigen videokanaal natuurlijk. Met een dagelijkse kooktip. Vooralsnog voornamelijk voedsel uit het Olvarit-assortiment (apart contract?). Persoonlijk ingesproken door de kleine.
Mét ondertiteling uiteraard. Want van z’n gebrabbel zal de niet ingewijde buitenstaander amper chocola  kunnen maken.
Eva en Bo staan late night al in de startblokken.
We gaan er voor.

transgender_1462293269304_1255937_ver1-0

Vanaf deze week zal ik, nog meer dan ik al deed, op m’n woorden moeten passen.
De seksuele en genderdiversiteit staan zwaar onder druk.
Ons gevoel voor respect moet opgeschoond.
Er blijkt godbetert namelijk weer ’s een minderheid tussen de wal en het schip te vallen. De gefragmenteerde genderbelangen leiden tot een seksualiteit- en genderalfabet dat z’n grenzen amper kent. In het Engels hebben we het nu al geschopt tot LGBTQIAP. Ook de queers, aseksuelen en panseksuelen eisen een eigen letter op.
En dan heeft Sylvana Simons er zich nog niet eens mee bemoeid.
Nou heb ik al een leven lang een zwak voor minderheden die niet gehoord, sterker nog, gediscrimineerd worden. De wrange ervaringen van mijn helaas veel te jong overleden homo-broertje  hebben daar ongetwijfeld toe bijgedragen.
Respect voor minderheden hoort een beetje bij hoe de Nederlander in de wereld staat.
Hoewel, dat laatste zit nog.
De verruwing slaat keihard toe.

Ik heb de recente regenboogtaaltips voor Amsterdamse gemeenteambtenaren over hoe je er met je taalgebruik voor kunt zorgen dat iedereen zich gehoord voelt tot iedere punt en komma tot me genomen. En ook de Nederlandse Spoorwegen zijn van zins hun eigen bijdrage te gaan leveren aan te naderende totale verwarring.
Conclusie: het zorgvuldig samengestelde manuscript in wording voor m’n  columnboek 2017 kan de papierversnipperaar in.
Tenzij ik natuurlijk als de sodemieter een niet gehoorde homo, een lokale lesbo of een omgebouwde plaatselijke spijtoptant een prominente plaats geef in een smakelijk verhaal in Naardense setting.
Om vervolgens, daar kun je gif op innemen, de algehele verontwaardiging over me heen te krijgen:
Zoiets schrijf je toch niet?

Vandaag was de nood hoog na een stevige fietstocht.
Mijn gerieflijke seniorentoilet op de Beijert ging ik bij lange na niet halen. Aangezien de laatste kilometers door het Naarderbos voerden, wellicht een unieke kans om mij te verlustigen aan een volledig verantwoorde genderneutrale totaalbeleving.
Blijkt er een meter of tien verderop een dame (of moet ik nu volgens die Amsterdamse voorschriften zeggen: iemand die een jaar of 40 geleden als zodanig aangegeven is bij de burgerlijke stand?) hetzelfde struweel uitverkoren te hebben voor haar elementaire levensbehoefte.
Het struikgewas als oplossing voor een wel wat erg zwaar aangezette problematiek.
Hallo iedereen!

Nieuwe afbeelding (2)

Het zijn wel de religies die deze week weer ’s de toon zetten in de chocoladeletter-koppen van de kranten.
Mijn Naardens-Italiaanse zielenherder om de hoek moet de glutenvrije ouweltjes op last van Rome terstond uit het basispakket van mijn paapse stadgenoten verwijderen.
Waar gaat het over? vraag je je als rechtgeaarde agnost vertwijfeld af.
Twee Haagse meisjes van weer een andere sekte moesten het bezoek van de schoolfotograaf missen omdat dat samen viel met hun Offerfeest. Konden ze daar niet een half uurtje (dat speciaal voor deze categorie was geregeld) voor tussenuit? Andere ouders (wat minder streng in de leer?) gingen akkoord.
10.000 euro schadevergoeding, eiste de verbolgen moeder. Het werden er 500.
Discriminatie!!!
Je bedenkt het niet.

Bij de Nederlandse Bridgebond hebben ze daar een uitstekende, eigentijdse oplossing voor.
Een aantal jaren geleden traden we als Cabaret Dubbelfout op bij het zoveeljarig bestaan van een bridgeclubje in Zwolle. De voorstelling, volledig afgestemd op het deerniswekkende clubleed van de Zwollenaren, speelden Vriendin en ik met z’n tweeën. Met Erik, onze onafscheidelijke en zeer gewaardeerde geluidstechnicus, aan de knoppen.
Twee bedrijfsbusjes, volgestouwd met apparatuur, hebben we door de jaren heen versleten met zo’n 150.000 kilometers over ’s Heeren wegen. Want als je wat moois te bieden hebt, moet het allemaal natuurlijk ook een beetje verstaanbaar zijn voor zaaltjes van 200 man.

In de nazit van onze vele optredens hoorde ik hem regelmatig praten over ‘wij van Dubbelfout’.
Erik wás Dubbelfout.
En dat vonden wij prima. Zolang hij onze sketches, conferences, chansons en de muziekinstrumenten  maar tot in de verste uithoeken van de theaters prima verstaanbaar maakte .
Zijn echtgenote (vaardig met naald en draad) had zelfs een speciaal pakje voor hem in elkaar geflanst. Een variant op onze ooit voor veel euri aangeschafte bridgetheateroutfit.

Na afloop van die voorstelling in Zwolle wilde het jubilerende  bestuur samen met de hotemetoten van het district IJsselstreek én met het Cabaret op de foto.
Voor de regionale krant.
En het maandblad BRIDGE (oplage 100.000).
Je raadt het al. Erik, in de stellige overtuiging dat hij zo ongeveer de ziel van Dubbelfout was, schoof rimpelloos aan bij het groepje dat zorgvuldig geselecteerd was voor het unieke groepsportret. Dat was duidelijk niet de bedoeling, zag ik aan de verbaasde gezichten van de verantwoordelijke functionarissen om me heen.
Maar hoe maak je zoiets duidelijk?
Mijn neus bloedde.

Een paar weken later gleed BRIDGE in de bus.
Mét die foto, ………… waarop Erik in geen velden of wegen te bekennen was.
Ze hadden hem er uit gefotoshopt.
Middels wekenlang zorgvuldig masseerwerk (hij overwoog een bodemprocedure tegen de NBB) kreeg ik hem met uiterste inspanning weer enigszins op de rails.
Hij heeft zich nét niet verhangen. Maar het was kantje boord, kan ik je verzekeren.

Waarmee ik wil zeggen. Als een beetje fotograaf iemand UIT een portret kan fotoshoppen dan moeten die betreurenswaardige Haagse slacht’offertjes’ er toch net zo makkelijk IN geknutseld kunnen worden?
Wat een gezeik.

20170709_121504.jpg

-Wat een prachtige fillumhond heeft u!
De naar schatting 90 kilo uitbundig transpirerende amechtigheid in glimmende campingsmoking (drie streepjes) waaronder een paar oogverblindende roze sneakers had ik, voortgetrokken door logeerhond Loes, op de Lange Bedekte Weg al vijf minuten in het vizier.
Ze had in haar volledige Koninklijke volumineusheid  plaatsgenomen op het bankje onder het bescheiden boompje. Het enige schaduwrijke plekje van het speeltuintje aan de Doorbraak.
De afwerkplek voor Naardense opa’s en oma’s.
Want deze categorie lijkt tegenwoordig het monopolie te hebben op de ongesubsidieerde privé kinderopvang.
In de vooravond wil er nog wel eens een toegewijde jonge vader wat knutselen aan z’n pedagogische inhaalslag. Achter de kwaliteit van die spaarzame pappa-momentjes kun je echter je vraagtekens zetten. De liefdevolle aandacht voor de halsbrekende toeren van de nazaat op het mini- draaimolentje moet het doorgaans vet afleggen tegen de smartphone. Want wees eerlijk, er gaat niets boven het vingeren van de sociale media op de digitale snelweg die de enige echte wereldse werkelijkheid voor iedereen bereikbaar maken.
-Hoe heet ie?
Merkwaardig fenomeen. De meeste hondenbezitters hebben het, los van het geslacht van hun trouwe viervoeter, immer over ‘hij’.  Mijn Loes is dus een ‘zij’.
Die discussie ging ik maar niet aan.
-Loes
Daar knapte de wat onbestemde mistroostigheid die tot op dat moment om ‘Adidas-oma’ hing meteen zienderogen van op.
-Zo heet ik ook.
Omdat zoiets een band schept, besloot ik m’n nogal bedenkelijke vooroordeel tegen campingsmokings voor een keer te laten varen. Bij nader inzien bleek haar linker arm één en al tattoo. Ook daar stapte ik over heen en nam aarzelend plaats naast Loes op het bankje. Waarna ik een inkijkje kreeg in de belevingswereld van mijn generatiegenoot. In de tien minuten spreektijd die ik haar gunde, passeerde alles wat er maar aan ontevredenheid over de maatschappij van tegenwoordig op te hoesten is haar revue. Peroxide Geert was haar laatste strohalm. En die kleine Kevin van haar dochter natuurlijk, die uitgebreid de kwaliteit van het zand onder de wip aan het testen was. Zand is er om in je mond te stoppen. De jongste lichting wordt om voor mij onduidelijke redenen nog steeds opgescheept met Engelse namen: Kevin, Wesley, Jeffey, Dennis, Roy.
Benieuwd of de Brexit die tsunami gaat stoppen.

Als ik Loes op haar woord mocht geloven was haar Kevin een waar godsgeschenk. Een toppertje. ‘Je hebt geen idee hoeveel liefde je van zo’n koter terugkrijgt’. Niks mis mee. Een smeltkroes van superieure kwaliteiten waarmee je je als oma alleen maar gelukkig kunt prijzen, barstte los.
Dat laatste schoffelde ze ter plekke onderuit. Toen Kevin na herhaalde waarschuwingen nog steeds volhardde in het smakelijk consumeren van het wipzand, nam ze haar rol in de opvoeding meteen kloek ter hand.
-Als oma je zegt dat je dat zand niet in je bek moet steken dan stop je daar godverdomme mee. Je moet luisteren!
Ze bezegelde haar opvoedkundige hoogstandje met een fikse tik op de achterdelen van de opstandige kleinzoon, die daarna uitgebreid aan het blèren sloeg.
Mijn Loes werd er lichtelijk nerveus van.

Teruggekeerd op ons bankje maakte ze meteen helemaal korte metten met de rooskleurigheid van het omaschap die ze zo-even nog geschetst had. Ze barstte los in een ware litanie.
De afspraak was dat ze het knaapje één dagje in de week voor haar rekening zou nemen. Voor een dagelijks abonnement op de SKBNM, de Koningskinderen, Smallsteps of hoe al die voortreffelijke commerciële plaatselijke instellingen ook mogen heten, was de beurs van haar keihard werkende dochter en schoonzoon wat aan de krappe kant. Die ene dag was inmiddels uitgegroeid tot drie volle. En daar wilde af en toe ook nog wel eens een slapeloos nachtje aan vastgeplakt worden. Want aan Kevin’s nachtelijke discipline schortte wel het een en ander. Om nog maar niet te spreken van de eetmomentjes die nogal eens leidden tot regelrechte guerrillaoorlogen. Loes (ik ook trouwens) is van de generatie ‘eten wat de pot schaft’. Maar culinair gezien is er geen aanslepen aan vanwege de verfijnde smaak van kleinzoon.
En van haar Henk moest ze het ook niet hebben. Uitgerekend op die oppasdagen nam haar wederhelft samen met Arie, z’n pensionado-partner in crime, de kuierlatten naar hun visplekje bij Fort Ronduit. Met veel bier en de godbetert door Loes herself gesmeerde boterhammen, wisten ze hun gemeenschappelijke hobby schaamteloos te rekken tot een uur of zeven. Het tijdstip waarop Kevin natuurlijk al lang een breed afgeleverd was bij de rechtmatige eigenaars.
Onlangs had ze, bij ontstentenis van de ouders,  nog een volledig kinderpartijtje uit de grond gestampt toen haar toppertje de 3-jarige leeftijd had bereikt. En ga daar als 67-jarige maar eens aan staan. Een eindeloze middag met een stuk of zes al even stront verwende kleutertjes uit de buurt is een regelrechte bezoeking. Een volledig etmaal tussen de klamme lappen had ze nodig gehad om haar leven weer enigszins op de rails te krijgen.
Ik ken die verjaardagen. Heb ze altijd gemeden als de pest. Nu die kids wat ouder zijn zit ik op dat soort partijtjes uitgebreid uren lang  te slempen in een kamer met louter volwassen. Van de jeugdige gasten en de jarige geen spoor. Het persoonlijk en plechtig overhandigen van mijn cadeau is een ritueel dat volledig achterhaald is.
Ik leg m’n envelopje op de cadeautafel.
Een spannend boek is een treurig anachronisme.
Ze willen alleen maar geld.
‘Dieffie met verlos’ op straat is er trouwens niet meer bij. Ze zitten bijeengepakt op de slaapkamers boven met hun tablets en aanverwante digitale bullshit met holle ogen er de meest gruwelijke video-games door te jagen.

Ik gluurde op m’n horloge. Hoogste tijd om er met mijn Loes maar weer eens van tussen te gaan. Maar oma Loes maakte zich klaar voor de apotheose.
-En je wil het geloven of niet. Nou denkt mijn dochter er hard over om er nog een tweede bij te maken. Denk je komend  jaar van al dat gesodemieter af te zijn, begint dat hele circus weer van voren af aan. En mij wordt niks gevraagd. Want wie is er de lul?
IK WIL INSPRAAK.
Zag ik het goed? Gleed er een traan over oma’s  wang?

Ik liet oma in haar volledige ontreddering achter op het bankje.
-Welke kant gaan we uit Loes?
Mijn filmhond krijgt tijdens haar logeerpartij bij alles inspraak.
Ze trok me linea recta naar huis.
Naar de waterbak die lonkte.
Ze had er een droge bek van gekregen.