Archief voor de ‘persoonlijk’ Categorie

Naardens sprookje, niet eens zo ver bezijden de waarheid

788669aaa4154cc52a05bc6f81e22365-1460664912 (2)

Klokslag zes uur schoven ze hun gemaksautootjes over de ruime oprit naar de garage van het fraaie pand aan een van de toonaangevende lanen van het Naardense Componistenkwartier. De Corsa van Annelies, het Twingootje van Margreet en het Pandaatje (met hoge instap) waarmee Jetty zich door het leven worstelt.
Bumper aan bumper, strak achter de al even bescheiden Suzuki van Sofie.
Als het ware om hun jarenlange verbondenheid nog eens extra te benadrukken.
De dag van het jaarlijkse sacrament van solidariteit.
Vrouwen met een synoniem verleden als raakvlak.
Een reinigingsritueel.
Gastvrouw Sofie stond al handenwrijvend en breed grijnzend in de deuropening. Ze had er duidelijk zin an. De door haar trawanten aangeleverde royale voorraad hapjes en drankjes, iedereen had z’n stinkende best weer gedaan, werd vlotjes afgevoerd naar de keuken. Waarna in de riante living weldra de eerste kurken al van de fles gingen.
Geen inleidende formaliteiten. Gewoon regelrecht back to business as usual.

Vriendinnen zou je ze amper kunnen noemen. Geen gezamenlijke bakvis- of dispuutsherinneringen. Nooit samen langs de lijn gestaan bij hun naar eeuwige roem dorstende kroost op een Goois hockeyveld.
Door een toeval bijeengebracht dat ooit had geleid tot deze jaarlijkse ritus.
Hoewel, toeval?
Alle vier ex van Erik.
Een ogenschijnlijk onopvallende employé op een accountantskantoor  wiens vaardigheden zich niet beperkten tot prozaïsche cijfertjes.  Bij nader inzien een vrouwenverslinder van het zuiverste water.
Natuurlijk veel te jong getrouwd met Margreet, z’n openingsscalp. Ze was nog maar koud zwanger van haar eerste toen hij z’n relationele horizon al brutaal meende te kunnen verleggen.
Een jong ding van kantoor  viel als een blok voor z’n onschuldige bruine kijkers en zwoele, empathische babbels.
Stelde niks voor, verzekerde hij Margreet toen ze het ontdekte.
Er was heel wat masseerwerk voor nodig om het huwelijksbootje weer enigszins op koers te krijgen. Maar toen ze een aardig eind op streek was in een tweede zwangerschap kwam ze er bij toeval achter dat ie het al maanden hield met Annelies. Van de Corsa. Die er geen idee van had dat ze haar ziel en zaligheid  vermorst had aan een scharrelende huisvader in spé wiens penopauze zich rijkelijk vroeg aandiende.
Voor Margreet was de maat vol. Drie keer mag dan pas scheepsrecht zijn, met z’n tweede escapade had Erik haar tolerantiegrens ruimschoots overschreden.
Scheiden dus.
Een beetje sterven.
Maar blijven is vaak voorgoed insluimeren
Met het bijbehorende gelazer ook.
Onder andere over de onontkoombare  alimentatie waar de onverbeterlijke prijsneuker niet zo voor te porren was. En ook de zwaar teleurgestelde Annelies die veel te laat in de gaten had gekregen wat voor onbetrouwbaar vlees ze in de kuip had, gaf hem de bons.

Om een lang verhaal kort te maken: Zonder scrupules stortte Erik zich in een volgend avontuur waarin Jetty de gelukkige was. Die er na drie jaar de brui aan gaf nadat ze ontdekte dat hij er nog drie simultane liefdesnestje op na hield.
Erik, een schaker op vier borden.
Logistiek gezien trouwens een nogal gecompliceerde klus. Pure topsport. Binnen een straal van tien kilometer vier affaires uit elkaar houden vereist een zorgvuldige planning. Het kon dan ook niet anders dan dat ie tegen de lamp liep.
Z’n constructie viel op een gegeven moment niet meer bij elkaar te liegen.
Exit Jetty dus.
En Sofie, één van de drie andere slachtoffers.

De jaarlijkse happening van de exen van Erik waarbij de dames beurtelings de organisatie voor hun rekening nemen, kwam er natuurlijk niet zonder slag of stoot. Daarvoor hadden ze stuk voor stuk te veel in elkaars vaarwater gezeten.
Alle aanvankelijke wederzijdse onlustgevoelens, soms vijandigheid,  hebben inmiddels plaatsgemaakt voor tevredenheid over  hun leven na de dood.
Vast programmapunt in hun catharsis vormde lange tijd de dartwedstrijd.
Duizenden pijltjes hebben ze gierend van het lachen en met toewijding in die uitvergrote kop van ‘m gejast. Vooral z’n ogen mochten zich verheugen in een mateloze populariteit bij de dames.
En ook het ganzenbord, vervaardigd door de creatieve Annelies,  zorgde vaak tot ver  in de kleine uurtjes voor pure opwinding. Gewapend met de dobbelsteen (kan het symbolischer?)  werden de hordes van vijfentwintig bizarre hoogtepunten uit het leven van Erik  met rode, blauwe, gele en groene pionnetjes weggetikt.
Een put was er niet bij.
Elk lustrum, en daar hebben ze er toch al gauw een stuk of drie van achter de kiezen, wordt volgens traditie uitbundig gevierd in de sprookjesambiance van de Efteling.
De allegorische smeltkroes van magie, illusie en fantasie.
Waar vooral lang een gelukkig geleefd wordt.
De bezweringsformules waarmee ze hem de vreselijkste ziektes toewensten hebben helaas hun uitwerking gemist.
Ach laat ook maar.
En het idee om hem ritueel in z’n BMW naar de bodem van de vijver langs de Beethovenlaan te duwen ligt ook al ver  achter ze.
Een mens wordt milder.

Een doodenkele keer wordt ie nog wel eens gesignaleerd op de vrijdagse koopavond in de Bussumse Nassaulaan, schichtig wegduikend achter z’n laatste verovering.
Ene Debbie.
Duidelijk van een onbestemde , grauwe derde garnituur.
Zeker niet van het niveau Annelies, Margreet, Jetty of Sofie.
En ook dat stemt tot tevredenheid.
De unanieme opluchting dat ze van hem af zijn is het onverwoestbare bindmiddel.
Het zijn dolle avonden.
Proost!

Advertenties

12141578_1732542926974813_1939905082734585038_n

De webmaster van de plaatselijke afdeling van de VVD geniet al tijden van een verkwikkend winterslaapje. Tenminste als je hun weinig actuele Facebookpagina  mag geloven, waarop dit vrolijke gezelschapje de laatste dagen regelmatig voorbijkomt.
Begeleidende tekst: ‘VVD Gooise Meren is een bruisende lokale afdeling. Wij staan voor mooi wonen’.
Hoogste tijd om wat aan de sociale woningbouw te doen, zou je zeggen.
Die landelijke quote hadden ze trouwens beter weg kunnen laten: ‘Voor een land waarin je zorgt voor jezelf, geeft om een ander en krijgt wat je verdient’.
Met dat zorgen voor jezelf zit het traditioneel wel snor bij de liberalen.
Loek Hermans, Ton Hooijmakers, Jos van Rey, Henry Keizer en, zeer recent nog, Robin Linschoten (om er maar een paar te noemen) bewijzen dat maar weer eens.
Er wordt wat afgelachen door onze bruisende volksvertegenwoordigers.
Om de totale lokale feestvreugde te verhogen is MR de MP er voor ingehuurd.
Miriam van Meerten gaf onlangs te kennen binnenkort afscheid te nemen van de  lachebekjes. Dissident Jelmer Kruyt, hier nog schouder aan schouder met Mark, drijft al tijden een eigen winkeltje in de Raad.
De om z’n weinig parlementaire uitlatingen afgeserveerde Erik Pieter Vlaanderen kon door de webmaster met een vooruitziende blik kennelijk nog net van het plaatje afgeknipt worden.

Voorleesvader

Geplaatst: 20 september 2017 in actualiteit, crisis, kleinkunst, persoonlijk, taal, troonrede, zorg

troonrde.jpg

Van mijn leraar Nederlands gedurende de eerste twee leerjaren op het Christelijk Lyceum in Hilversum (Gé van Putten?) herinner ik me niet zo bar veel meer. Maar zijn voorleessessies staan bijna zestig jaar later nog haarscherp in m’n geheugen gegrift. Het laatste stukje van de les ruimde hij er regelmatig voor in. Vooral met Godfried Bomans scoorde hij als een dolle. De Haarlemmer die, al of niet met een forse slok op, mateloos populair was in verschillende radioprogramma’s, sloot ik in m’n hart.
Vooral dankzij Gé.
M’n eerste schrijfseltjes uit die tijd (het schriftje heb ik nog) waren pure Bomans-imitaties.
Hij zat tot in m’n haarvaten.

Voorlezen, gebeurt dat nog?
Ik deed het in ieder geval wel gedurende de zesendertig jaar dat ik als docent Nederlands op de kinderzieltjes losgelaten werd.
Met ‘Kopstukken’ van Bomans hadden ze, tot mijn teleurstelling, niet zo veel.
Humor? Nee toch?
Des te meer met ‘De meester van de zwarte molen’ van Otfried Preussler, de fraaie oprispingen van Roald Dahl, Jan Terlouw en consorten.
De beloning voor de kids als ze hard gewerkt hadden.
In de vele kwartiertjes jaste ik er hele boeken doorheen.
Omdat ik er de zin van in zag.
En in de heilige overtuiging dat ze dat leuk vonden. Maar misschien had hun enthousiasme ook wel enigszins te maken met de omstandigheid dat, zolang de meester zich uitsloofde, ze effe lekker niksend onderuit konden hangen.
Het kassucces in de bovenbouw was het verhaal ‘Rita Koeling’ uit de bundel ‘De hemelvaart van Massimo’ van Oek de Jong. Waanzinnig goed geschreven. Vond ik. Daar kon je alles wat je aan literatuuranalyse voor ze in de pijplijn had, op loslaten.
Later zullen de arme schapen wel ontdekt hebben dat de juweeltjes van mijn voorleeskeuze bepaald geen afspiegeling waren van het literaire aanbod.
Als ik nu af en toe langs m’n neus weg bij een 6 vwo’er informeer naar z’n mening over literatuur, hoor ik bijna altijd de verzuchting: SAAI!!
Vloggers doen het stukken beter.

Als voorleesvader avant la lettre hoorde ik op de Derde Dinsdag tijdens een fietstocht ter hoogte van het Naardermeer in m’n oortje het tenenkrommende leesbeurtje van onze koning.
Het schaamrood springt je spontaan naar de kaken.
Hij leert het nooit.
Na het jaarlijkse spreekbeurtje van z’n moeder dat in z’n chemisch gereinigde, kakkineuze Nederlands in ieder geval nog iets majesteitelijks had, moeten we het tegenwoordig doen met de uiterst middelmatig geproduceerde woordenbrij van WA. Iedere Koninklijke affiniteit is hem vreemd. Om over dictie maar helemaal niet te spreken. Geef hem een telefoonboek en het oplezen van de nummers zal zich er amper van onderscheiden.
En dan hoor ik in DWDD onze aan lager wal geraakte side kick Jan Mulder helemaal uit z’n plaat gaan over de voorleeskwaliteiten van onze zwaar getormenteerde vorst.
Ironie?
Ik heb het bij ‘Uitzending gemist’ voor de zekerheid nog even gecheckt. Maar de man leek het uiterst serieus te menen.

Een troonrede is natuurlijk geen ‘Meester van de zwarte molen’.
En al helemaal geen Bomans.
Nou is het door Rutte en z’n maten geproduceerde episteltje natuurlijk niet iets waar je ter plekke natte dromen van krijgt. Het stond zoals gewoonlijk bol van de kreupele gemeenplaatsen. Terugkerende clichés zonder kraak of smaak, in nét iets andere woorden verpakt dan vorig jaar.
Hou je vast:
Een baan hebben of werkloos zijn, maakt een groot verschil in het leven van de mensen (..)
Of deze dooddoener
De tendens van de laatste jaren is helaas dat de internationale instabiliteit toeneemt (..)
En anders wel dit absolute toppertje:
Ook in geopolitieke verhoudingen verandert er het nodige (..)

Menige Nederlander zal er ongetwijfeld een slapeloos nachtje aan hebben overgehouden.
Leve de koning!
Dan maar als de sodemieter die glazen koets in voor de rijtoer.
En later de balkonscene met Max.
Wuiven doet ie in ieder geval niet onverdienstelijk.

tamara-bosHet moet toch al gauw een dikke veertig jaar geleden zijn dat ik haar voor het laatst zag. Een sprietig prépubermeisje. Met haar vader die schrijvend en als radiomaker stevig aan de weg timmerde, speelde ik in de nadagen van m’n honkbalcarrière bij HCAW in een softbalteam waarin nogal wat mannen van de ouwe glorie.
Kampioen van het district Gooi-Utrecht. Dat wel. Mooie tijd.
Ko de Boswachter sprak me soms, nadat we de nacht daarvoor nog stevig doorgehaald hadden en hij linea recta door ging naar de AVRO-studio,  op zondagochtend  om zeven uur in zijn vermaarde Boswachtershow in mysterieuze syllaben toe waarvan wij alleen de exclusieve code kenden. Heel veel gelachen. Eindeloze klaverjaspartijen ook. Volgens mij bedwongen we ooit nog samen op de lange latten de sneeuwpistes in het land van Jörg Haider.
Helemaal zeker weten doe ik dat niet.

De carrière van de talentvolle Tamara, ze vertrouwde me deze week toe dat ik nog in haar poezie-album schreef, heeft in die veertig jaar een flinke vlucht genomen. Aanvankelijk in de voetsporen van paps maar al gauw op eigen, sterke benen: succesvol en meermalen bekroond kinderboeken- en scenarioschrijfster.
En, zo ontdekte ik onlangs, levenspartner van cabaretier Johan Hoogeboom, artistiek leider van ons fonkelnieuwe Naardense theater deMess. Twee creatieve talenten die in hun respectievelijke business zo bezig zijn dat ze in deze beginweken van deMess van geluk mogen spreken als ze elkaar af en toe nog even tegenkomen.
‘Als ik hem nog wil zien, dan moet ik maar naar het theater’, verzuchtte ze.
Kaartje kopen dus.

nee-ja-sticker

Gisteren voor het eerst van m’n leven geflyerd.
Voor het goede doel.
Een cultureel doel in mijn geval.
De Benefiet voor theater deMess in Naarden Vesting op vrijdag 8 september in SPANT!
In de sector ongeadresseerd drukwerk, waar nogal wat Naarders een schijthekel aan hebben, zo ontdekte ik.
In mijn jeugdige overmoed had ik me de intrinsieke saaiheid van een Goois villawijkje in de maag laten splitsen. Het vooruitzicht van een barre overlevingstocht over eindeloze oprijlanen die overwonnen moesten worden, stemde tot niet al te grote vrolijkheid. Maar waar heb ik het als verwoed toerfietser eigenlijk over?
Het grote mes hoefde er niet op. Want ten gerieve van het bezorgvolk heeft nagenoeg alles wat tot welgesteld Naarden behoort zo’n groen, kunststof busje aan de straat geposteerd. Zonder uitzondering met een stroef draaiend deksel waardoor ik beide handen nodig had om m’n gewichtige boodschap naar binnen te laten glijden.
Allemaal voor het goede doel.
In zo’n yuppenparadijs met twee cabrio’s op de oprit stond een weldoorvoede veertiger (ik wist niet dat geruite broeken nog bestonden) mijn werkzaamheden ten behoeve van de culturele gemeenschap met een flink portie argwaan gade te slaan.
Of ik helemaal besodemieterd was:
-Ken je niet lezen?
Dat geringschattende getutoyeer.
De snotneus kon m’n zoon zijn.
De tijd dat ik als docent Nederlands qua taal de wereld had te verbeteren, ligt al mijlenver achter me.
Wat ironie dan maar?
Hoewel?
-Ik vrees dat mijn missie inderdaad niet aan ‘U’ besteed is.

M’n volgende stapeltje ga ik ’s nachts bezorgen. Zeker weten.
!cid_797A0FD9-77C0-4675-9608-5058A5CFA3E3@local.png

20170803_103216

Om m’n door de fusie te grabbel gegooide Naardense identiteit te bevestigen scroll ik dagelijks door de Facebooksite Naardenezen. Veel historisch materiaal. Om je vingers bij af te likken. Al moet ik er meteen bij zeggen: als sommige plaatjes voor de honderdste keer langswapperen, komt de sleet er wel enigszins op.
Een schaamteloos chauvinistisch bolwerkje ook. De prachtig opgekalefaterde vesting is sommigen die hardnekkig zweren bij de ouwe meuk van weleer een doorn in het oog. Voor veel mensen heeft nostalgie de functie grip te krijgen op het huidige leven. Op Naardenezen lijkt de onstilbare hang naar tijden dat het hier een ouwe maar wél overzichtelijke troep was, te overheersen. Onze kerktoren is daarbij een anker in barre tijden. Iedere landschappelijke vereeuwiging  van de Minaret van Marlo, hoe dramatisch soms ook scherp gesteld,  mag rekenen op massale bijval. Dondert niet of de horizon scheef staat. Complete familiealbums worden apetrots binnenstebuiten gekeerd. Spruitjesgeur.

2016 was het jaar van Cas de Bruijn. Een hype. Hij zal het vanaf z’n roze wolk allemaal tevreden gadeslaan. Net als Pouwtje van de snoep. Dit jaar steelt de Kraai de show. Niet het live and kicking exemplaar dat nog steeds een kolerezooi maakt van de laatste vuilniszakken langs de stoeprand. Nee de Naardenees anno 2017 komt geheel aan z’n gerief met de uit plastic opgetrokken artificiële versie. Kan het kitscheriger?

Voor buurman Herman wil ik een uitzondering maken. Een nijver stukje huisvlijt, die windwijzer met de hier alom geadoreerde gevederde vriend. Zojuist bevestigd aan het eind van z’n waslijn. Geeft een extra dimensie aan de schier eindeloze optocht onderbroeken op maandag.

transgender_1462293269304_1255937_ver1-0

Vanaf deze week zal ik, nog meer dan ik al deed, op m’n woorden moeten passen.
De seksuele en genderdiversiteit staan zwaar onder druk.
Ons gevoel voor respect moet opgeschoond.
Er blijkt godbetert namelijk weer ’s een minderheid tussen de wal en het schip te vallen. De gefragmenteerde genderbelangen leiden tot een seksualiteit- en genderalfabet dat z’n grenzen amper kent. In het Engels hebben we het nu al geschopt tot LGBTQIAP. Ook de queers, aseksuelen en panseksuelen eisen een eigen letter op.
En dan heeft Sylvana Simons er zich nog niet eens mee bemoeid.
Nou heb ik al een leven lang een zwak voor minderheden die niet gehoord, sterker nog, gediscrimineerd worden. De wrange ervaringen van mijn helaas veel te jong overleden homo-broertje  hebben daar ongetwijfeld toe bijgedragen.
Respect voor minderheden hoort een beetje bij hoe de Nederlander in de wereld staat.
Hoewel, dat laatste zit nog.
De verruwing slaat keihard toe.

Ik heb de recente regenboogtaaltips voor Amsterdamse gemeenteambtenaren over hoe je er met je taalgebruik voor kunt zorgen dat iedereen zich gehoord voelt tot iedere punt en komma tot me genomen. En ook de Nederlandse Spoorwegen zijn van zins hun eigen bijdrage te gaan leveren aan te naderende totale verwarring.
Conclusie: het zorgvuldig samengestelde manuscript in wording voor m’n  columnboek 2017 kan de papierversnipperaar in.
Tenzij ik natuurlijk als de sodemieter een niet gehoorde homo, een lokale lesbo of een omgebouwde plaatselijke spijtoptant een prominente plaats geef in een smakelijk verhaal in Naardense setting.
Om vervolgens, daar kun je gif op innemen, de algehele verontwaardiging over me heen te krijgen:
Zoiets schrijf je toch niet?

Vandaag was de nood hoog na een stevige fietstocht.
Mijn gerieflijke seniorentoilet op de Beijert ging ik bij lange na niet halen. Aangezien de laatste kilometers door het Naarderbos voerden, wellicht een unieke kans om mij te verlustigen aan een volledig verantwoorde genderneutrale totaalbeleving.
Blijkt er een meter of tien verderop een dame (of moet ik nu volgens die Amsterdamse voorschriften zeggen: iemand die een jaar of 40 geleden als zodanig aangegeven is bij de burgerlijke stand?) hetzelfde struweel uitverkoren te hebben voor haar elementaire levensbehoefte.
Het struikgewas als oplossing voor een wel wat erg zwaar aangezette problematiek.
Hallo iedereen!