Archief voor de ‘persoonlijk’ Categorie

96126_l

Dat er ’s avonds gedurende een uurtje of wat een paar uitgekiende spotjes op de Naardense Utrechtse Poort, het stadhuis en de Grote Kerk staan, is alleszins begrijpelijk. Monumenten waar we trots op zijn verdienen een feeërieke verlichting. Over de functionaliteit daarvan zal de grootste milieufreak amper twisten. Een onverbiddelijke tijdklok waakt over verspilling.
De betonnen stalinistische gemeentebunker aan de Brinklaan waarvan de peperdure verbouwing al aardig begint te vlotten is nou niet bepaald een sieraad waar ons fusiehart sneller van gaat kloppen. Waarom de lampjes daar ’s nachts nog steeds blijven branden, is velen een raadsel. De  lokalen van Hart voor BNM stelden er met een wakker oog voor duurzaamheid herhaaldelijk vragen over aan het College.
Tot nu toe zonder effect.
Of worden er in de nachtelijke uurtjes samen met de grootgrutter snode plannen gesmeed om dwars tegen alle volksraadplegingen en collegebesluiten in de verhuizing naar het Scapinoterrein er alsnog door te jassen?
Appie let toch zo op de kleintjes?

licht uit

14484720_1132929860106026_8903826341527287187_n

Qua kennis van onze natuur heb ik nooit echt potten kunnen breken. Kan zo maar gelegen hebben aan m’n biologieleraar op het Gristulluk Lyceum in Hilversum (het Bussumse ‘Willem’ was voor m’n ouders niet bevindelijk genoeg) die er in slaagde iedere lust daartoe in de knop te breken.
Flipse was mogelijk de zoveelste academicus die tot z’n immense teleurstelling een carrière in de wetenschap in rook had zien opgaan. Waarna hij wegens gebrek aan alternatieven uit pure ellende veroordeeld was tot het leraarsvak. Van pedagogiek en didactiek had ie geen kaas gegeten. Zijn schrikbewind genoot in het Gooi en Ommeland een meer dan kwalijke reputatie.
Met een sadistisch genoegen streek hij, nadat wij muisstil en vliegensvlug onze plaatsen hadden opgezocht in de amfitheateropstelling van zijn heiligdom, met z’n duim door z’n lerarenagenda waarna hij uiterst irritant een deuntje begon te fluiten. Na een halve minuut schreeuwde hij opeens de naam door de klas van degene die ‘de beurt’ had. Een zucht van opluchting trok door de drie rijen bij diegenen die de dans ontsprongen waren. Het slachtoffer voor die les strompelde kokhalzend uit z’n bank om vervolgens voor het front van de troep twintig minuten lang doorgezaagd te worden over het huiswerk voor die dag. Hoe gewetensvol je er ook de vorige avond op had zitten blokken, eenmaal oog in oog met deze genadeloze scherprechter vloeide alle kennis uit je hoofd.
In het tweede leerjaar prijkte onder andere de bloedsomloop op het menu. In ons leerboek stond een prachtige tekening van het hart. Linker kamer, rechter kamer, linker boezem, rechter boezem. Het zuurstofrijke en -arme bloed, gesymboliseerd door respectievelijk een rood en een blauw kleurtje.
Aan ons de taak om die kraakheldere afbeelding na te tekenen. Zal wel onder belevingsonderwijs zijn gevallen. Twee dagen lang verwaarloosde je alle andere bezigheden om Flipse op z’n volgens geruchten allesbehalve kinderachtige wenken te bedienen. Je uit de vereiste pasteltinten opgetrokken kunstwerkje dat niet onder deed voor het boekvoorbeeld, kreeg je een week later terug.
Een vijf.
En je liet het, tot op het bot beledigd,  wel uit je hersens om naar het hoe en waarom te vragen.
De bioloog Flipse besliste over leven en dood.
Bladerend door de biologiemethodes van tegenwoordig, gaat er een wereld voor je open.
Van het lesrepertoire van Flipse heb ik een uiterst povere herinnering. Maar van de voortplanting van de varens (die volgens mij een geslachtelijke én een ongeslachtelijke variant kennen) kan ik na 58 jaar nog de meest schrijnende details oplepelen. Als er door een vermetele leerling bij Flipse voorzichtig geïnformeerd werd naar hoe het nou met de voortplanting bij mens en dier zat, bleef het ijzig stil op zijn troon. En als orthodoxe calvinist ontkende hij ook de evolutietheorie. Goedbeschouwd een prestatie van formaat voor een bioloog.
Dat zal hem vermoedelijk wel z’n kop gekost hebben bij z’n wetenschappelijke aspiraties.
De schooldag werd het eerste uur immer begonnen met bijbellezing en gebed. De meeste docenten maakten zich daar enigszins gegeneerd met een Jantje van Leiden vanaf. Maar als je om kwart over acht in de klauwen van de streng gelovige Flipse viel, was je aan de beurt. Bidden kon hij als geen ander. En je kreeg er gratis en voor niks een uitgebreide donderpreek vol hel en verdoemenis op de koop toe bij.
Tot zo ver Flipse en mijn eerste kennismaking met de biologie.

Jaren heeft het geduurd voordat ik de door Flipse opgeworpen torenhoge barricades wist te overwinnen. Ik maak gestage vorderingen. Mijn vooroordelen smelten als sneeuw voor de zon. Een niet onaanzienlijke bijdrage daaraan levert het VARA-radioprogramma ‘Vroege Vogels’. NPO Radio 1. Zondagochtend van zeven tot tien.
Voor m’n gevoel bestaat het al honderd jaar.
En meer dan over vogels alleen.
Van april tot oktober is het voor mij fietsseizoen. Als vroege vogel trap ik regelmatig omstreeks die tijd met in m’n oortje Radio 1 over ’s Heeren wegen m’n sportieve kilometers weg.
Vroege Vogels, een aandoenlijk mengsel van oer-Hollandse kneuterigheid en met liefdevolle toewijding gemaakte natuur-info. Er gaat een wereld voor me open. Het overbekende cliché ‘Er bestaan twee soorten vogels, levende en dooie’  heb ik inmiddels ver achter me gelaten. De quiz ‘Raad het vogelgeluid’ is weliswaar nog wat te hoog gegrepen. Maar ik weet inmiddels alles van, om maar eens wat te noemen,  het ‘wantsenproject’, het meerkoetenprotocol en het wonderbaarlijke fenomeen ‘koekoeksjong’. Sterker nog, sinds kort prijkt het naslagwerkje ‘Gooise vogels’ op tafel.
Toegegeven, het is nog maar een bescheiden begin met die regionale gevleugelde vrienden. Maar toch.
vredespimpelmeesOf, met onze historische kanonnen op de wallen de vredespimpelmees nou een typisch Naardense vogel is? Geen idee.
Lange tijd heb ik me afgevraagd waar die vogelaars op de Melkmeent (weinig geitenwollen sokken en sandalen trouwens) door hun geavanceerde optiek (een gewoon verrekijkertje is er niet meer bij) nou eigenlijk urenlang naar staan te koekeloeren. Even afstappen en je wordt helemaal bijgepraat over hun onverwachte wondere wereld.

Vroege Vogels wordt tegenwoordig uitgezonden vanuit Naarden. Gasterij Stadzigt. Reden om gisteren maar eens de afslag te nemen. Nieuwsgierig naar de mens achter de vertrouwde zondagochtendstemmen.
Bescheiden bestelwagen voor de deur. Binnen: de vier man sterke crew te midden van een massa techniek en veel koffie. En een stuk of tien toeschouwers.
Voor een radioprogramma opmerkelijk.

NB: Om 10.00 vervolgde NPO Radio 1 met het VPRO-programma Onvoltooid Verleden Tijd.
Ook al sinds jaar en dag.
Geen idee wat de luisterdichtheid van OVT is. Ik vrees het ergste. De meeste itempjes zijn duidelijk niet voor het grote publiek maar af en toe pik ik wel eens wat aardigs mee. En het houdt de makers van de straat.
Moet nog ergens een bandje hebben liggen van een jaar of tien terug. Over De Franse Kamp, de zomercamping  van minderbedeeld Amsterdam. M’n moeder zaliger zwaaide ooit met veel plezier de scepter over de speciale FranseKampklas op het Chr. Instituut Brandsma.
Daar had ik, de juf zelf hemelde al een jaar of twintig, nog wel een paar aardige anekdotes over.

Gisteren haalde een nazaat van Michiel de Ruyter zonder blikken of blozen een zekerheidje uit de geschiedenislessen van weleer onderuit: De vloot van De Ruyter is op de tocht naar Chatham helemaal never dwars door die ketting over de Theems gevaren. Godsonmogelijk.
De Ruyter zelf heeft er trouwens weinig weet van gehad.
Die lag ziek in z’n kooi.

De nieuw verworven zekerheden over de natuur tegenover de verzinsels uit de geschiedenis op een ochtendje Radio 1.

Hopelijk is het komende zondagmorgen een beetje fietsweer.

tekening Stadzigt: Lex Hamers

De Naarling 2
We kunnen er dan wel massaal door inwoners gesteunde petities tegen aan gooien, als de fusiegeile provincie Noord-Holland z’n zin doordrijft, hebben we op commando maar door hun perverse hoepels te springen.
Nog maar koud zijn onze nog immer irritant jeukende fusiewonden gelikt of we worden al weer een nieuw masterplan in gerommeld.
Vette schijt aan de gemeenteraadsverkiezingen van 2018.
Toch een prima moment om ons als bewoners uit te spreken over dit soort ongein, zou je zeggen.
De Haarlemse kraamkamer van ellende heeft in z’n schier onuitputtelijke schaamteloosheid aangekondigd nota bene vlak voor die verkiezingen z’n macabere plannetjes over al weer een nieuwe herindeling er door te gaan jassen.
En dan valt er gewoon niks meer te kiezen.
Wat die grotere  bestuurskracht betreft beschikken we natuurlijk over een lichtend Haags voorbeeld. Een kissebissend clubje krijgt dat knarsende motorblokje maar niet aan de praat.

tom

SONY DSC

Onlangs stoomde ik welgemoed op naar de kassa van m’n Naardense grootgrutter met een karretje dat bij nader inzien voor een deel gevuld bleek met artikelen waarvan ik het in de verste verte niet in m’n hersens zou halen om ze te scoren. Bietjes, worteltjes en, godbetert, doperwten stonden echt niet op m’n virtuele playlist.
Ergens in die goddelijke toko moet ik overgeschakeld zijn op de vierwieler van een dame (het zijn nog steeds overwegend dames die de onvermijdelijke fourage voor hun rekening nemen) die nu ongetwijfeld radeloos op zoek was naar haar treurigheid in mijn winkelwagentje die ik echt niet ging afrekenen. De kassajuffrouw had er alle begrip voor.
Het stemde evenwel tot nadenken. Een incident?

Als je qua leeftijd sluipenderwijs de zorgzone begint te naderen, is het zaak de vinger aan de pols te houden. M’n moeder zaliger immers verruilde toen ze een paar jaar verder was dan ik nu, haar dagelijkse helderheid en overzichtelijkheid voor een steeds dikker wordende mist. Het leidde uiteindelijk tot opname in het tranendal van een (overigens voortreffelijk) tehuis waar ze haar laatste jaren sleet in een huiskamer te midden van lispelende lotgenoten die stuk voor stuk driftig bezig waren de weg volledig kwijt te raken.
Haar ondoordringbare  mist was trouwens het grootste probleem niet.
Nee, het onverteerbare schemergebied met bijbehorende kwetsbaarheid dat er aan voorafging brachten me bij de regelmatige bezoekjes in opperste verwarring.
Ik heb haar genen.

Sommige leeftijdgenoten maken er nu al ronduit een potje van.
In Amerika hees men een ziekelijk narcistische volidiote klimaatonbenul (een half jaar jonger dan ik) op het presidentiële schild die met z’n comateuze apocalyptische wartaal vrijwel dagelijks een onverdraaglijk reukspoor van verwarring weet achter te laten.
Kanniewaarwezen.
Dandy/strafpleiter/dwarsligger/FvD-kopstuk Theo Hiddema, een jaartje ouder, is samen met z’n compaan Thierry het rechtpopulistische paardenmiddel tegen homeopatische verdunning van Nederland.
Een lichtpuntje daarentegen zijn de Rolling Stones die na een liederlijk leven van spuiten en slikken nog steeds volle zalen trekken met hun rollatorrock.
En wat te zeggen van zo’n 74-jarige onderkoning van Nederland die na een paar maanden van malaise van stal wordt gehaald om een beetje fatsoenlijk regeringsploegje in elkaar te timmeren?
Dat dan weer wel.

Het voordeel van dement zijn is weliswaar dat je probleemloos je eigen paaseieren kunt verstoppen maar zulk vertier duw ik met alle liefde nog een tijdje voor me uit.
Wat mijn fysieke welzijn betreft heb zo m’n simpele dagelijkse checkmomentjes. Zo stap ik moeiteloos balancerend op één been nog vlotjes in m’n broeken. Muurbeugels in de inloopdouche liggen nog ver achter m’n horizon. Incontinentieluiers? Ik haal m’n neus er voor op.
Op de tennisbaan verbeeld ik me twee keer in de week dat ik nog als een jonge god in mijn ouwelullenpotjes over het gemalen baksteen snel. Ik koester die illusie. Dat ik op eerste pinksterdag op m’n Giant OCR Compact Road op één bidonnetje en vier mueslirepen (ik heb de gloeiende pest aan afstappen) die 150 kilometer Markerwaard in zes uur wegtrapte vind ik op zich nog niet eens zo’n prestatie. Dat ik twee dagen later zonder een centje pijn alle gepasseerde dorpen langs de boorden van het voormalige IJsselmeer nog kan oplepelen, stemt tot tevredenheid.
En die 52 bridgekaarten heb ik ook nog volledig onder controle.
Evenals m’n pincode.

Maar waarom verslond ik zo obsessief die met veel humor geschreven verpleeghuisboeken (Zolang er leven is, Pogingen om iets van het leven te maken) van Hendrik Groen?
En leg me eens uit waarom ik na  Ma als een speer door  Ach, Moedertje, de gevoelvolle kost van zorgactivist Hugo Borst heen dender?
Verkenning van m’n voorland?
Ik ga toch maar eens maatregelen nemen om de onafwendbare ontluistering voor te zijn.

20170515_093807.jpgAls je een beetje van het bijgeloof bent dan trouw je in Naarden niet op vrijdag.
Natuurlijk niet.
Maar waarom zou vrijdag een uitzondering zijn?
Bovendien is zoiets op die dag in de vesting een exclusief dingetje. Het prijskaartje dat er aan hangt is daarnaast nogal heftig.
Afgelopen maandag werd dus de gelukkigste dag van haar leven
9.00 uur.
Gratis. All inclusive.

De gelegenheidsambtenaar van de burgerlijk stand wreef zich de slaap uit de ogen om het paar op dit weinig courante tijdstip aan elkaar te prevelen .
Er zijn plekken op aarde waar een huwelijk al een succes genoemd wordt als het koppeltje samen de kerk uit gaat.
Zelfs die kerk was er niet bij
De dochter van de overburen dus.

Sommige vrouwen trouwen alleen maar om twee mensen gelukkig te maken. Hun moeder en zichzelf.
Niet dat Ploon zich echt zorgen maakte over het feit dat die ware Jacob maar niet aan de horizon verscheen. Maar het werd toch verdorie langzamerhand wel eens tijd.
Dochterlief had zich breed georiënteerd. Struinde uitgebreid de nogal teleurstellende nationale markt af. Maar die Hollandse prijsstieren kwamen niet door haar ballotage. Dus werd de focus verlegd naar het buitenland.
Onder het motto: het gras bij de buren…
Wat haar betreft liefst iets temperamentvol Latijns-Amerikaans.
Kleine, temperamentvolle mannetjes met een grote libido.
Nou trof het dat Anne voor haar werk nogal eens die kant uit moest. In het kader van de paardenverzorging van de riante polo-stal van mevrouw Cees van der Hoeven. De gesjeesde topman van Ahold die in 2008 vanwege een omvangrijk boekhoudschandaal het veld moest ruimen. De eis die aan z’n extreme zelfverrijking hing was 15 maanden brommen.
Uiteindelijk kwam ie nog leuk weg met een luizige boete van 30.000 euri.
Indirect zou ik me een sponsor van dit huwelijk kunnen noemen. Want ik betrek sinds jaar en dag m’n grutterswaren bij Appie.
Nadat ze een tijdje proefgedraaid had met een wat onduidelijke Argentijn, kwam ze vorig jaar met haar Leonardo DiCaprio uit het land van Maxima en Videla op de proppen.
Een blijvertje.
‘Haar grote liefde’, ronkt  haar Facebooksite.
Dat nemen we voetstoots aan.

Moet toch al vanaf het begin een wat stroeve communicatie zijn geweest op nummertje 12.
De bescheiden Sleghjes staan nou niet bepaald bekend als talenwondertjes. Hoewel? Ploon, jarenlang de rots in de branding achter de toog van de Doelen, verraste de Koninklijke Beijert  ooit met een glanzende carrière op de moedermavo. Ze kon er na iedere sessie gloedvol over vertellen. Maar met een mondje mavo-Duits en -Engels kun je amper uit de voeten met dat Argentijnse Spaans van de troonpretendent.
En in de Doelen was onvervalst  Noardens de voertaal.
Klaas die al veertig jaar lang de supervisie heeft over de kwaliteit van het houtskoolvuur op onze straatbarbecue, is doorgaans een man van weinig woorden. Z’n staccato zinnen stokken meestal na een woord of vijf.  Stukken liever staart ie (ook buiten het seizoen)  vanuit z’n visbootje naar z’n dobber die traag meedeint op de golven van de vestinggracht. Samen met z’n onafscheidelijke compaan Jan Versteeg.
Na diens verscheiden, enige jaren geleden, lijkt hij langzamerhand de draad weer op te pakken.

De tijd van een degelijke verlovingstijd waarin je uitgebreid de tijd nam om te checken of je het juiste vlees in de kuip had, ligt ver achter ons. Tegenwoordig maak je eerst maar eens een kind en als de kwaliteit daarvan een beetje door de beugel kan, wordt het tijd voor verdere actie. Als je daarnaast ook wat uitgeluld raakt over jezelf wordt het langzamerhand tijd om te trouwen.
Met die baby, een paar maanden terug, werd de eerste horde voortvarend genomen.
Moeder-  en oma-geluk.
Trouwen dus.
In het wit.
De apetrotse opa Klaas was maandagmorgen om zes uur al druk in de weer om z’n voordeur helemaal in de (eveneens hagelwitte) tule te zetten. Symbool voor de maagdelijkheid die in huize Slegh dus ook ver te zoeken is. (NB:Uit een recent onderzoek bleek dat 7% van het vrouwelijk geslacht maagd is. De rest heeft een ander sterrenbeeld). Om zeven uur belde hij me m’n nest uit om te checken of ik er wel aan gedacht had mijn nationale driekleur uit te hangen.
Om vijf voor negen slenterde een select gezelschap naar de plechtigheid. Weliswaar een formaliteit. Maar toch. Met bijbehorende fotoshoot bij de Uut.
Uitgerekend op de mooiste dag van je leven moet de fotograaf tegen je zeggen: ‘Even lachen a.u.b. ‘

Om vijf over negen arriveerde een bloednerveuze jonge moeder met tweeling voor wie de tijdsdruk kennelijk iets te veel van het goede was geweest. Voor een gesloten deur. De twee maxi cosi’s werden voorlopig maar even geparkeerd op de stoep. Waarna voor het oog van de intens meelevende buren achter de ramen uitgebreid een nummertje originele borstvoeding ten beste werd gegeven..
Een topdag dus.
Voor iedereen.

limes.jpg

Het wrakkige muurtje langs het schaduwrijke terras van de Naardense horeca-gigant Limes benadrukte nog eens extra de jongste tragische ontwikkelingen in de carrière van de onfortuinlijke Jan-Kees.
Op vrijdagmiddag had hij er zijn toevlucht gezocht in het gezelschap van z’n soulmate Philip.
Al vanaf de basisschool onafscheidelijk.
Hoewel?
Het had een haartje gescheeld of de Cito-toets had daar abrupt een stokje voor gestoken. Philip denderde  aan het eind van groep 8 spelenderwijs naar een vwo-advies.
Het Willem dus.
Voor Jan-Kees restte met z’n schamele score niets anders dan de mavo. De meest ondergewaardeerde onderwijsvorm van weleer waar het Jeugdjournaal deze week zo lullig over deed.
Om het leed nog enigszins te verzachten werd er tactvol nog wel wat geschermd met een mogelijk havo-perspectief.
Maar toch.
Een Salomonsoordeel dat voor z’n ouders amper te verkopen was tegenover de buren in het Rembrandtkwartier. De habitat van academisch gevormd Naarden.  In de Naardense Schilderswijk doet  de aanstormende  jeugd het doorgaans niet voor minder dan vwo of gymnasium. Alle reden voor de vader van Jan-Kees om zich na dit teleurstellende advies onverwijld te melden voor een verhelderend oudergesprekje.
Geheel tegen z’n gewoonte trouwens.
Acht jaar lang had hij (druk druk druk) die honneurs overgelaten aan z’n eega. Maar als het water tot de lippen staat, en daarvan was nu toch echt wel sprake, weet een toegewijde vader in het belang van z’n hevig miskende zoon wat hem te doen staat.
Al z’n charmes en verbale vaardigheden gooide hij in de strijd
Alle respect uiteraard voor de competentie van het onderwijzend personeel, voornamelijk juffen, dat hem zonder kleerscheuren door de basisschool geloodst had. Maar hier gingen ze toch echt in de fout. Iedere boerenlul voelde toch op z’n klompen aan dat we met Jan-Kees te maken hadden met een onversneden vwo-er?
De verantwoordelijke juf kon dan wel tegensputteren door te wijzen op de nauwelijks te negeren conclusies van hun uiterst betrouwbare leerlingvolgsysteem, paps was niet te vermurwen.
Dus vanaf het nieuwe schooljaar zat zoonlief in een havo/vwo brugklas.
Samen met Philip.

Spiekend en anderszins gênant frauderend had ie z’n verblijf in het kielzog van Philip met kunst en vliegwerk nog tot 3 vwo  weten te rekken maar toen was het voltallige docentencorps onverbiddelijk.
Doek.
Hij mocht het bij godsgratie nog op de havo proberen.

Hun gemeenschappelijke minuten brachten ze voortaan slechts in de lunchpauzes door.
En op de hockeyclub.
De Gooische.
In de donkerblauwe wedstrijdpantalon van het kakkersgenootschap ontwikkelde Jan-Kees zich tot een kanjer die het weldra schopte tot de hoogste regionen van de jeugdafdeling. Tenminste nog één terrein waarop hij z’n vriend overtrof, die anoniem z’n balletjes sloeg in één van de wat minder aansprekende teams.
Het prestige dat hij met z’n sportieve heldendaden verwierf was indrukwekkend. Zeker ook bij de blonde paardenstaartjes met hun onafscheidelijke ‘kinderenvoorkinderen-tongval’.

Maar op het Willem hadden ze daar niet zo’n boodschap aan.
Daar golden andere wetten.
Over de laatste twee klassen van de havo, met pretpakket, deed hij vier jaar. Niet in de laatste plaats tot z’n eigen verbazing afgerond met een heus diploma.
Het resultaat van een optocht peperdure huiswerkcursussen en bijlessen voor de meest kritische vakken.
En dat waren er heel wat.

En ook voor de daaropvolgende HEAO nam hij ruim de tijd.
Toen ie uiteindelijk z’n felbegeerde diploma mocht afhalen, had Philip intussen maar liefst twee bepaald niet kinderachtige academische studies tegelijk afgerond.
Econometrie en theoretische natuurkunde.
En behoorlijk op streek naar een glanzende carrière.
De vriendschap had er niet onder geleden.

Middels intensief lobby- en masseerwerk van pa die stikte in z’n Old Boys netwerkjes, werd hij geparkeerd bij Ernst&Young.
Accountmanager. Een functie die stukken indrukwekkender klonk dan wat Jan-Kees er van bakte. In z’n volledige schoolloopbaan had ie bij voortduring zwaar tegen z’n plafond moeten aanbuffelen.
Maar  de accountancy vroeg van hem skills waarmee hij er dwars door heen zou moeten. Resultaat: in no time twee gigantische burn-outs waarmee hij evenzoveel jaren veroordeeld was tot eindeloze sessies ongeïnspireerd gamen en televisiekijken op de lederen bank in de halve villa met tophypotheek.

SONY DSC

‘Boer zoekt Vrouw’ was peanuts vergeleken bij z’n eigen uitzichtloze zoektocht.
Het hockeyprestige was al lang en breed verbleekt. En één van de paardenstaartjes met wie hij inmiddels al twee koters op de wereld had gezet begon onrustbarende tekenen van algeheel ongenoegen te vertonen.
Had ze op het verkeerde paard gewed?

Nadat hij voorzien van de nodige psychische littekens bij z’n baas terugkeerde, miste hij in drie opeenvolgende jaren glorieus z’n targets voor de Finance-boer. Waarna het snel gebeurd was.
Jan-Kees@3xnix.nl
Afmars dus.

En daar zat ie dus met z’n achtendertig teleurstellende jaren.
Tegenover een machteloze vriend die met al z’n  begrip in deze zorgsector ook geen passende handen aan het bed voorradig had.
Nog maar zo’n bruine jongen met drie vingers schuim dan maar.
En straks een halve Franse kip van het huis.
Biologisch.
Specialiteit van de chef.

Fine

Geplaatst: 10 mei 2017 in afscheid, crisis, geluk, Naarden, persoonlijk, relaties, zorg

24150_schipbreuk_detail

‘Dat er al een half jaar niet meer geneukt wordt, is nog tot daar aan toe. Maar …..’
Ik stond op het punt m’n espressootje op het terras van het Naardense etablissement Fine af te rekenen. Met een riant uitzicht op een ranzig inkijkje in het relationele leed dat zich vermoedelijk ergens in een doorzonwoning in het Componistenkwartier van Divorced City afspeelt, besloot ik likkebaardend tot een tweede.
M’n gebrek aan belangstelling veinzend, dook ik nog iets verder achter m’n krant.
Een truttig Pouw-ensemble. Daaronder de in zwarte fashion panty gehulde, iets te volumineuze onderdanen, uitmondend in afgetrapte Ballerina’s. Het schrille contrast met de woordkeuze van haar openingsquote kon amper groter zijn. De mascara was op de golven van haar opkomende tranen op weg naar haar mondhoekjes. Emotionele incontinentie. De rooie vlekken in haar hals accentueerden nog eens extra de onmiskenbare ernst van de situatie.
Vriendin, een masker van ingetogenheid, wachtte vol empathie af.
Vriendinnen zijn er om je sores mee te delen.
Ze had, cum laude afgestudeerd, die ontluikende carrière van haar toch gvd niet ingeruild voor een fletse deeltijdbaan om vervolgens, met twee koters in de lagere school leeftijd, enkel en alleen meneer op z’n wenken te bedienen?
Die vuilniszak wil ie dan nog wel aan de straat zetten. Nog te beroerd om op z’n tijd ook eens een wasje te draaien. Maar ruim dan tenminste die eeuwig rondslingerende onderbroeken en sokken op! Het zijn toch niet alleen háár haren die ze wekelijks uit het doucheputje moet peuteren? En wie peest zich een paar keer per week de kolere om de kids naar de hockey-, de tennisclub en ander vertier te brengen?
Op de fiets. Want René heeft de auto.
Ze deed er nog een schepje bovenop: En nou was ie ‘m in de Koningsnacht, zonder ook maar iets van democratisch overleg, naar Amsterdam gepeerd. Met vrienden. God mag weten wat die mannen daar uitvraten. En de volgende dag nog te brak om z’n nest uit te komen. Stond zij urenlang te blauwbekken bij die oubollige kinderspelen waar die twee van haar niet weg te branden waren.
Geen greintje aandacht voor haar. Maar die botergeile buurvrouw hoefde maar even aan de horizon te verschijnen of…..
Naar de rest van haar verhaal kon ik fluiten want twee onvervalste, meer dan luidruchtige vestingyuppen die overduidelijk elders al stevig ingedronken hadden, schoven bij het tussenliggende tafeltje aan voor de lunch. Ik moest het er mee doen.
Die cliché riedel over vuilniszakken, onderbroeken, sokken, doucheputje en hockeyclub kwam me al te bekend voor. Voor de rol van de buurvrouw in het geheel en wie weet de verdere uitdieping van het thema (povere) seks was ik zielsgraag even blijven zitten.
Het bootje van Pouwtje verkeert in zwaar weer, dat was duidelijk.
Was het toeval dat ze voor het verhaal over de teloorgang van haar huwelijksgeluk uitgerekend de symboliek van het hellende vlak van het Fine-terras bij de brug aan de Oude Haven uitverkoren had?
En als we het dan toch over Fine hebben.
Ben je een beetje ingevoerd in het Naardense dan spreek je het natuurlijk uit als fain.
Maak je er echter fiene van, op z’n Italiaans, dan geeft dat het eind van een muziekstuk aan.
Finito, einde oefening, kappen met die handel dus.
En daarheen leek Pouwtje hard op weg.