Archief voor de ‘dood’ Categorie

Titanic

Geplaatst: 3 juli 2020 in actualiteit, crisis, dood, gezondheid, Naarden, zorg

titanic

unnamed

emo

emo 070

it giet oan

verzoening

2018-11-24 10.57.24Het zal toch al gauw een jaar of 65 geleden zijn dat ik m’n laatste vis aan de haak sloeg.
Een populaire hobby.
M’n overbuurman Klaas bijvoorbeeld, lust er wel pap van. Maar sinds het verscheiden van z’n makker Jan met wie hij duizenden uren in een bootje op de vestinggracht doorgebracht moet hebben, is de klad er aardig in gekomen.
Vissen. Ik heb er niks mee. Dat eindeloze getuur naar die dobber. En mocht ik dan sporadisch beet hebben dan zag ik er met m’n fijngevoelige natuur als een berg tegen op om het betreurenswaardige beestje van m’n haakje te krijgen, dat meer dan eens diep in z’n strot zat.
Maar ieder z’n meug natuurlijk.

Allerlei instanties lijken zich ernstige zorgen over deze pensionado te maken.
Ben ik de doelgroep van een groot complot?
Of het gerichte campagnes zijn? Ik heb langzamerhand bange vermoedens.
Regelmatig vallen er bont geïllustreerde missives op m’n deurmat die me bijvoorbeeld willen doen geloven dat wij, Naardense ouderen, meer moeten bewegen. Het liefst onder deskundige leiding van een coach. Het vormt zelfs onderdeel van gemeentelijk beleid. Olga, die op tv voor dag en dauw de grijze plaag door een stalinistisch fitnessprogramma jaagt waarover diep is nagedacht, is kennelijk voor mij niet genoeg.
Ik voel me amper aangesproken met m’n 5000 jaarlijkse fietskilometers en twee ochtenden ouwelullentennis per week bij de TV Naarden.

Onder leiding van empathische zorgmedewerkers klaverjassen of, godbetert nog erger, bingoën in een buurtcentrum? Met eens per jaar een inspirerend, gezamenlijk schoolreisje per bus naar de Keukenhof?
Prachtig dat het bestaat.
Mij niet gezien.
Nog niet.

Haaks op dit soort ongein staat trouwens weer een ander soort flyers.
Stukken zorgelijker vind ik die steeds hardnekkigere folders van uitvaartverenigingen waar ik periodiek mee belaagd word.
Kennelijk zit ik met al m’n personalia in de kaartenbak van deze branche.
Tellen ze daar m’n dagen af?
Ik ben er nog niet aan toe.

Terug naar het vissen.
Vandaag werd ik verblijd met het decembernummer van het VISBLAD. Een speciale editie. Dat speciale is me niet helemaal duidelijk. Even snel gegoogeld op de website van onze sportvissers: op de omslag van ieder periodiekje dat ze maandelijks moeiteloos vol metselen met een ongekende partij visvertier, staan immer MANNEN (..) die apetrots hun vangst aan de wereld tonen.
En ik snap al helemaal niet waarom de eer, dit periodiekje te mogen ontvangen, uitgerekend MIJ te beurt valt. Hebben ze, in een ultieme poging mij over de streep te trekken, m’n vakbroeder Jochem afgedrukt, die toch écht wel wat anders aan z’n hoofd heeft dan deze flauwekul?
Sodemieter toch op.
Kom mijn agenda maar ’s bekijken.

De Naarling 2

Nieuwe afbeelding (4)Dat is de weinig opbeurende boodschap die het kakelende orakel in de blauwe jurk Jomanda ooit heeft doorgekregen van verschillende overledenen aan gene zijde.
Ondergronds opgevreten worden door de wormen voel je niet, want dat gaat langzaam. Maar cremeren doet pijn.
En niet zo’n  beetje ook.
Jo kan het weten: ‘Het komt omdat het onzichtbare koord dat tussen het lichaam en de ziel loopt dan snel afbrandt. Een verschrikkelijk proces’.
In een grijs verleden bracht ze in haar afgeladen thuisstadion  in Tiel massa’s trouwe fans in complete vervoering door gamellen gemeentepils en de knapperig krokante  bruine jongens van Mora in te stralen. En haarscherp staat natuurlijk nog op ieders netvlies hoe ze de onfortuinlijke Sylvia Millecam volledig op het verkeerde been zette met haar splijtende diagnose: bacteriële infectie. Chemo niet nodig. Maar laat het bij nader inzien nou toch borstkanker geweest zijn.
Tegenwoordig sjokt het genezend medium voor Lampenonline  met perenpakketjes langs de deur.
Om het eeuwigdurende licht te brengen. Jazeker.

Het is me wat met dat cremeren.
Hoe het met dat onzichtbare koord zit in het dierencrematorium Naarden? We kunnen er slechts naar gissen. Jarenlang rookte de schoorsteen naar hartenlust naast het dierenpension aan de Overscheense weg. Niks mis met die plek. We hadden er amper weet van. Bovendien, bestaat er een waardiger eind aan het leven van je geliefde huisdier dan in een ambiance aan de rand van het Naardermeer waar een ongekende flora en fauna groeit, bloeit en ons altijd weer boeit?
De illustratie op de website van het crematorium suggereert die locatie nog steeds maar de rituele lijkverbranding is inmiddels om onduidelijke redenen verlegd naar de Kobaltstraat op het industrieterrein. Ingeklemd tussen de belendende percelen van de technische jongens van Falco, de weegschalen van René Pas, autoschade De Zeeuw en de langzame sapjes van Slow Juice.

De pijn van het cremeren zit dit keer voor de verandering  bij die buren. Geen woonwijk weliswaar. Maar toch. De Naardense ondernemers zijn ook maar mensen. Een allesbehalve florissant uitzicht vanuit de comfortzone van je kantoor, die onheilspellende inktzwarte rook die vlak voor je snufferd uitgebraakt wordt via een armetierig pijpje en meedogenloos neerslaat op wat eens een gerieflijk dakterras was. Het fijnstof op het geplande woonwijkje op de Borgronden is er kinderspel bij.De ee rste de beste kleuter in het bezit van een veterdiploma kan je vertellen dat het gewoon een verkeerd klusbedrijf op een verkeerde plaats is. En hoe zit het eigenlijk? Voldoen alle ontsnappingsroutes (onontbeerlijk bij dit soort clubjes) aan de wettelijke normen?
De weigerambtenaren van de Gooise Meren kijken met een know how van lik-me-vestje mistroostig een andere kant uit.
Het is al tijden een treurig armpje drukken van heb ik jou daar, op die Kobaltstraat. Hoogste tijd voor RTV Noord-Holland om er maar eens stevig overheen te denderen met een pakkend itempje.

la-passion-du-christ-cruxifixion-1951-bernard-buffet-1951-vatican-museum-bernard-buffet

Naarden is een maand lang in de ban van het Fotofestival.
Aan aansprekende evenementen in onze vestingstad geen gebrek.
In feite scheelde het maar een haartje  of we hadden die andere fraaie plaatselijke traditie van vorige maand op onze buik kunnen schrijven.
Niet zo leuk voor  al die hotemetoten die zich jaarlijks likkebaardend op Goede Vrijdag in de tempel van Marlo Reeders laten ophokken.
Ze hadden naar ander vertier moeten uitkijken.
Erbarme dich.
De Matthäuspassion dus.
Een reconstructie.

Met de kruisiging, de (als je je  het probeert voor te stellen nogal onsmakelijke) wederopstanding en Hemelvaartsdag achter de kiezen en de zo mogelijk nog onbegrijpelijkere uitstorting van de Heilige Geest voor de deur, de hoogste tijd om eens wat spitwerk te doen bij de eigentijdse experts.

Afijn, om een lang verhaal kort te maken, beperken we ons tot de hoofdzaken:
De evangelisten in het Nieuwe Testament, Matthäus Marcus Lucas en Johannes, hebben er (in tegenstelling tot de veel betrouwbaardere Paulus) een potje van gemaakt.
Zeventig jaar na Chr. opgeschreven.
In het Grieks, terwijl Aramees de voertaal was.
Had er iemand genotuleerd?
De discipelen?
Maar die waren beslist geen toonbeeld van geletterdheid.
Vooral Johannes maakte het bont. Voor zijn pennenvruchten zouden roddelperiodiekjes anno 2017 als Story en Privé hun neus ophalen. Historisch gezien zijn de evangelisten volslagen onbetrouwbaar. Met een hele dikke duim. Het adagium ‘beter goed gejat dan slecht geschreven’ kan in de prullenbak. Stilistisch broddelwerk. En er is onderling heel wat afgejat.
De kruisiging van de rebel Jezus zal dan wel kloppen.
Maar verder: een verzonnen, smakelijk verhaal op basis van wat in het Oude testament bij de Psalmen en de Profeten voorspeld was.
Gehistoriseerde profetie.

Barabbas of Jezus?
Een willekeurig groepje voorbijgangers wordt door Pilatus voor  de keuze gesteld om Jezus dan wel Barabbas los te laten? Hedendaagse historici hebben de grootste twijfels over de geloofwaardigheid van dit verhaal. Het meest ongeloofwaardige is dat een Romeinse landvoogd, onaantastbaar zetelend in de onneembare burcht Antonia en omringd door karrenvrachten soldaten niet gewoon op eigen gezag een aangeklaagde  zou durven veroordelen of vrijlaten.
Het beeld van  milde, toegeeflijke Pilatus voor een schreeuwende menigte staat haaks op wat we over hem weten: een specialist in het hardhandig bestrijden van onlusten.
En die mag z’n handen in onschuld wassen?

Stel je voor dat dat samengeraapte zooitje voor de vrijlating van Jezus had gekozen?
Dan was de kruisiging niet doorgegaan.
En was van dat grote Zoenoffer (en dus onze verlossing) al helemaal niks terechtgekomen.
Dan had de mensheid vierkant achter het heil gegrepen.
En Naarden achter z’n Matthäus.

Bronnen:
S.G.F. Brandon: The trial of Jesus of Nazareth
John Dominic Crossan: Jesus. A revolutionary Biography
John Dominis Crossan: Who killed Jesus?
Charles Vergeer: Een nameloze. Jezus de Nazarener
Maarten ’t Hart: De bril van God

feenstra

Dat kleurige flyertje van hem viel al een keer of wat op de mat van mijn vestingwoning. En aangezien ik wat te vieren had (nee, aan verjaardagen doe ik niet) dus maar even buurten op  de Raadhuisstraat.
Jan Feenstra dus.

Voordat ik me te buiten zou gaan aan een woest dagje  op het Markermeer lagen er namelijk een paar mogelijke drempels die wel even geslecht dienden te worden.
Hoe zat het eigenlijk met de groepsgrootte die Jan kan behappen?
Op m’n eigen pieremachochel die in jachthaven Muiderzand al weken kommervol ligt te wachten op de opening van het zeilseizoen kan ik er hooguit zes kwijt. Na zorgvuldige selectie was ik tot een uitgelezen gezelschap van  zo’n twintig man gekomen.
Jan adverteert voor groepen van twaalf.
Er viel over te onderhandelen. Twaalf blijkt gebaseerd op het aantal beschikbare slaapplaatsen. En als er iets is wat ik met dat zooitje ongeregeld van mij buitengaats  in ieder geval niet moet doen, dan is het wel slapen. Daar komt alleen maar gedonder van, heeft de geschiedenis ruimschoots bewezen. Slapen in zo’n ambiance met een schipper die z’n domicilie heeft in Divorced City is de goden verzoeken.
Toch?

En nu we het tóch over de goden hadden dan meteen maar even het tweede pijnpuntje.
De naam van de boot.
Eben Haëzer.
Met een streng reformatorische opvoeding achter de kiezen heb ik nog steeds sterke associaties met de aloude profeet Samuel.
‘De steen des Aanstoots’.
‘Tot hiertoe heeft de Heere Heere ons geholpen’.
Van die dingen.

De naam ook van een kerkgenootschap dat er prat op gaat dat iedereen in de hemel komt. Mochten we onverhoopt ter hoogte van het Paard van Marken schipbreuk lijden dan is die hemel wel zo ongeveer het laatste wat ik mijn overwegend agnostische gezelschap zou willen aandoen.
Als er ergens gevloekt wordt als een bootwerker, dan toch wel in de zeilbranche. Je hoeft bij een scherpe  ‘overstag’ maar één keer een fokkenschoot uit je poten te laten schieten of je krijgt van de schipper een liederlijk godsoordeel over je uitgestort.
Mocht Jan écht zo zuiver in de leer zijn dan wil ik geen steen des aanstoots voor hem vormen met mijn kompanen die verbaal van wanten weten. Daar zit geen woord ‘tale Kanaäns’ bij.
Hij wist me in alle opzichten gerust te stellen.
Van een Groninger tjalk uit 1901 verander je de naam niet meer.

Godskolere (..), wat was het koud op die 7 mei.
Daar viel voor Jan met z’n vlammetjes en kroketten  niet tegen op te frituren.

Orchidee-verbinding-12-e1438718765767

Het zijn er ongetwijfeld honderdduizenden geweest die hun dierbaren op de tonen van de onvergetelijke kaskraker ‘Waarheen Waarvoor’ vergezelden naar hun laatste rustplaats.
Mieke was een toppertje.
Maar haar mateloos populaire evergreen moet langzamerhand duidelijk terrein inleveren aan het eigentijdse repertoire van tranentrekkers. En als de geruchten kloppen, zou daar binnen afzienbare tijd wel eens een geheel nieuwe dimensie aan toegevoegd kunnen worden.
Er bestaan namelijk plannen voor een uitvaartcentrum aan de Naardense Anna Meursstraat, Keverdijk.
Je kunt je allereerst natuurlijk afvragen wat zo’n locatie te zoeken heeft aan de rand van een  woonwijk. Extra pikant detail: deze bevindt zich op een steenworp afstand van De Sprong. Zoals bekend het gebouw dat jaarlijks in februari een week lang als Chapter fungeert van onze luidruchtig carnavallende Vestingnarren. Prima stek natuurlijk, zeker met het oog op de in overvloed geproduceerde mega decibellen.
Niet ondenkbaar dus dat als je volgend jaar je natte cake staat weg te slikken tijdens een roerend afscheid, dit gebeurt op de luidruchtige tonen van:

-Daar moet een piemel in
-Shirt uit en zwaaien
-Er staat een paard in de gang
-Liever te dik in de kist dan…..
-En als ge dood bent groeit er gras op oewen buik
-Nooit meer naar huis toe
-Allemaal gaan we een keertje dood

Het gaat een dolle boel worden daar aan de Keverdijk.

Berusten

Geplaatst: 4 maart 2017 in actualiteit, afscheid, dood, Naarden, ouder worden, zorg

16939119_1883316715276275_997353564926823947_n

Gisteren werd het  C’est La Vie Huis geopend.
Zorg voor ongeneeslijk zieken.
Ongetwijfeld een mooi en gevoelvol project.
Ons naderende verscheiden geeft, weliswaar bevrijd uit de taboesfeer,  weinig aanleiding tot vrolijkheid.
Voor de bijpassende ironie zorgt het zorgcentrum zélf wel.
Om nog maar eens extra te benadrukken dat deze zieken (nog) in het volle leven staan, is gekozen voor een locatie op een van de drukste kruispunten van Naarden-Bussum. Waartegenover, indien gewenst, naar hartenlust bijgetankt kan worden
Als ik straks aan de beurt ben: even mijn vesting uit en ik stort me vol vertrouwen in de liefdevolle armen van een uitgekiend team van medewerkers.
Maar dat wilde ik, als je het niet erg vindt, nog even uitstellen.
Vrijwel dagelijks fiets ik er gezond van lijf en leden (althans dat denk ik) langs waarbij ik in diep gepeins verzonken voort peddel.
Over die naam.
C ‘ est La Vie.
Daar moet  behoorlijk over nagedacht zijn.
De onafwendbaarheid van ons lot in drie woorden.
Uiteindelijk  worden we allemaal geacht te berusten.
Doodgaan hoort bij het leven.
Het is niet anders.
Op Facebook kun je er, als je het leuk vindt, in ieder geval nog een bemoedigend duimpje aan geven.