Archief voor de ‘Vroege Vogels’ Categorie

14484720_1132929860106026_8903826341527287187_n

Qua kennis van onze natuur heb ik nooit echt potten kunnen breken. Kan zo maar gelegen hebben aan m’n biologieleraar op het Gristulluk Lyceum in Hilversum (het Bussumse ‘Willem’ was voor m’n ouders niet bevindelijk genoeg) die er in slaagde iedere lust daartoe in de knop te breken.
Flipse was mogelijk de zoveelste academicus die tot z’n immense teleurstelling een carrière in de wetenschap in rook had zien opgaan. Waarna hij wegens gebrek aan alternatieven uit pure ellende veroordeeld was tot het leraarsvak. Van pedagogiek en didactiek had ie geen kaas gegeten. Zijn schrikbewind genoot in het Gooi en Ommeland een meer dan kwalijke reputatie.
Met een sadistisch genoegen streek hij, nadat wij muisstil en vliegensvlug onze plaatsen hadden opgezocht in de amfitheateropstelling van zijn heiligdom, met z’n duim door z’n lerarenagenda waarna hij uiterst irritant een deuntje begon te fluiten. Na een halve minuut schreeuwde hij opeens de naam door de klas van degene die ‘de beurt’ had. Een zucht van opluchting trok door de drie rijen bij diegenen die de dans ontsprongen waren. Het slachtoffer voor die les strompelde kokhalzend uit z’n bank om vervolgens voor het front van de troep twintig minuten lang doorgezaagd te worden over het huiswerk voor die dag. Hoe gewetensvol je er ook de vorige avond op had zitten blokken, eenmaal oog in oog met deze genadeloze scherprechter vloeide alle kennis uit je hoofd.
In het tweede leerjaar prijkte onder andere de bloedsomloop op het menu. In ons leerboek stond een prachtige tekening van het hart. Linker kamer, rechter kamer, linker boezem, rechter boezem. Het zuurstofrijke en -arme bloed, gesymboliseerd door respectievelijk een rood en een blauw kleurtje.
Aan ons de taak om die kraakheldere afbeelding na te tekenen. Zal wel onder belevingsonderwijs zijn gevallen. Twee dagen lang verwaarloosde je alle andere bezigheden om Flipse op z’n volgens geruchten allesbehalve kinderachtige wenken te bedienen. Je uit de vereiste pasteltinten opgetrokken kunstwerkje dat niet onder deed voor het boekvoorbeeld, kreeg je een week later terug.
Een vijf.
En je liet het, tot op het bot beledigd,  wel uit je hersens om naar het hoe en waarom te vragen.
De bioloog Flipse besliste over leven en dood.
Bladerend door de biologiemethodes van tegenwoordig, gaat er een wereld voor je open.
Van het lesrepertoire van Flipse heb ik een uiterst povere herinnering. Maar van de voortplanting van de varens (die volgens mij een geslachtelijke én een ongeslachtelijke variant kennen) kan ik na 58 jaar nog de meest schrijnende details oplepelen. Als er door een vermetele leerling bij Flipse voorzichtig geïnformeerd werd naar hoe het nou met de voortplanting bij mens en dier zat, bleef het ijzig stil op zijn troon. En als orthodoxe calvinist ontkende hij ook de evolutietheorie. Goedbeschouwd een prestatie van formaat voor een bioloog.
Dat zal hem vermoedelijk wel z’n kop gekost hebben bij z’n wetenschappelijke aspiraties.
De schooldag werd het eerste uur immer begonnen met bijbellezing en gebed. De meeste docenten maakten zich daar enigszins gegeneerd met een Jantje van Leiden vanaf. Maar als je om kwart over acht in de klauwen van de streng gelovige Flipse viel, was je aan de beurt. Bidden kon hij als geen ander. En je kreeg er gratis en voor niks een uitgebreide donderpreek vol hel en verdoemenis op de koop toe bij.
Tot zo ver Flipse en mijn eerste kennismaking met de biologie.

Jaren heeft het geduurd voordat ik de door Flipse opgeworpen torenhoge barricades wist te overwinnen. Ik maak gestage vorderingen. Mijn vooroordelen smelten als sneeuw voor de zon. Een niet onaanzienlijke bijdrage daaraan levert het VARA-radioprogramma ‘Vroege Vogels’. NPO Radio 1. Zondagochtend van zeven tot tien.
Voor m’n gevoel bestaat het al honderd jaar.
En meer dan over vogels alleen.
Van april tot oktober is het voor mij fietsseizoen. Als vroege vogel trap ik regelmatig omstreeks die tijd met in m’n oortje Radio 1 over ’s Heeren wegen m’n sportieve kilometers weg.
Vroege Vogels, een aandoenlijk mengsel van oer-Hollandse kneuterigheid en met liefdevolle toewijding gemaakte natuur-info. Er gaat een wereld voor me open. Het overbekende cliché ‘Er bestaan twee soorten vogels, levende en dooie’  heb ik inmiddels ver achter me gelaten. De quiz ‘Raad het vogelgeluid’ is weliswaar nog wat te hoog gegrepen. Maar ik weet inmiddels alles van, om maar eens wat te noemen,  het ‘wantsenproject’, het meerkoetenprotocol en het wonderbaarlijke fenomeen ‘koekoeksjong’. Sterker nog, sinds kort prijkt het naslagwerkje ‘Gooise vogels’ op tafel.
Toegegeven, het is nog maar een bescheiden begin met die regionale gevleugelde vrienden. Maar toch.
vredespimpelmeesOf, met onze historische kanonnen op de wallen de vredespimpelmees nou een typisch Naardense vogel is? Geen idee.
Lange tijd heb ik me afgevraagd waar die vogelaars op de Melkmeent (weinig geitenwollen sokken en sandalen trouwens) door hun geavanceerde optiek (een gewoon verrekijkertje is er niet meer bij) nou eigenlijk urenlang naar staan te koekeloeren. Even afstappen en je wordt helemaal bijgepraat over hun onverwachte wondere wereld.

Vroege Vogels wordt tegenwoordig uitgezonden vanuit Naarden. Gasterij Stadzigt. Reden om gisteren maar eens de afslag te nemen. Nieuwsgierig naar de mens achter de vertrouwde zondagochtendstemmen.
Bescheiden bestelwagen voor de deur. Binnen: de vier man sterke crew te midden van een massa techniek en veel koffie. En een stuk of tien toeschouwers.
Voor een radioprogramma opmerkelijk.

NB: Om 10.00 vervolgde NPO Radio 1 met het VPRO-programma Onvoltooid Verleden Tijd.
Ook al sinds jaar en dag.
Geen idee wat de luisterdichtheid van OVT is. Ik vrees het ergste. De meeste itempjes zijn duidelijk niet voor het grote publiek maar af en toe pik ik wel eens wat aardigs mee. En het houdt de makers van de straat.
Moet nog ergens een bandje hebben liggen van een jaar of tien terug. Over De Franse Kamp, de zomercamping  van minderbedeeld Amsterdam. M’n moeder zaliger zwaaide ooit met veel plezier de scepter over de speciale FranseKampklas op het Chr. Instituut Brandsma.
Daar had ik, de juf zelf hemelde al een jaar of twintig, nog wel een paar aardige anekdotes over.

Gisteren haalde een nazaat van Michiel de Ruyter zonder blikken of blozen een zekerheidje uit de geschiedenislessen van weleer onderuit: De vloot van De Ruyter is op de tocht naar Chatham helemaal never dwars door die ketting over de Theems gevaren. Godsonmogelijk.
De Ruyter zelf heeft er trouwens weinig weet van gehad.
Die lag ziek in z’n kooi.

De nieuw verworven zekerheden over de natuur tegenover de verzinsels uit de geschiedenis op een ochtendje Radio 1.

Hopelijk is het komende zondagmorgen een beetje fietsweer.

tekening Stadzigt: Lex Hamers

Advertenties