Archief voor de ‘onderwijs’ Categorie

carine

Ze heeft het leukste hondje van Naarden Vesting.
Vind ik.
Hoewel, het blonde mormeltje dat zich in de tijgersluipgang door de Conceptstore voortbeweegt, mag er ook zijn. Wat mij betreft goed voor de zilveren plak.
Een zeer subjectieve ranking uiteraard. De Naardense kunsthandelaar Floris zal er not amused mee zijn. Hij nomineert hardnekkig zijn rijkelijk eenkennige vuilnisbak Bagus. (beet me in de Sigarenkamer van Joop ooit iets te gretig in m’n liefdevol toegestoken hand).
Over die vestinghondjes goed nieuws trouwens.
Kunstschilderes en evenementenbedenker Aya (in mei krijgen we in het kader van ‘Naarden Uit De Kunst’ een weekend lang het thema ‘Annie Schmidt’) is aan de Markstraat bezig met een indrukwekkende serie miniatuurtjes van ALLE viervoeters die dagelijks onze wallen verrijken met hun fecaliën. Dat gaat te zijner tijd een bescheiden, leuk en voor velen verrassend expositietje worden. Alhoewel, door dit in de publiciteit te gooien is die verrassing er misschien wel zo’n beetje van af. Ik heb de indruk dat de productie de laatste tijd enigszins stagneert. En misschien betekent zo’n ‘hondsbrutale’ aankondiging wel het ultieme zetje dat ze nodig heeft.

Carine dus.
Academie voor Beeldende Kunsten, Utrecht. Maar dat blijkt bij nader inzien lang niet alles te zijn. Plakte er ook nog een academische opleiding communicatie en management aan vast. Geeft in haar atelier cursussen tekenen en schilderen voor amateurs en lessen ter voorbereiding op de toelating voor kunstacademies. Als docent verbonden aan de Gooise Academie in Laren en het Grafisch Werkcentrum in Amsterdam. En vlak haar vermaarde schildervakanties op schitterende locaties in het buitenland ook even niet uit. Het is slechts een greep uit haar indrukwekkende aanbod.
Atelier in de bunkers van Katten. Vanaf de Oude Haven rechtdoor, even omhoog. De originele deur zit uitstekend in de verf. Vestinggroen. Het fonkelnieuwe hangslot is van een zodanige kwaliteit dat het tijdens haar afwezigheid moeiteloos de iets te enthousiaste fans op passende afstand houdt.
Ze helpt, zo je die al hebt, naadloos je volstrekt misplaatste vooroordelen ten aanzien van lieden die voor de kunst leven om zeep: Zó druk bezig met de ontplooiing van hun ‘Creatieve Ik’ dat de aandacht voor de eigen uiterlijke vormgeving er op ‘werk’dagen nog wel eens bij in wil schieten. Nou worden je schilderijen er natuurlijk niet significant beter van als je te veel energie steekt in een partij ogenschaduw en een likje lippenstift. Maar toch.
Carine kan een behoorlijke dame zijn.
Een bescheiden roker. En dat draagt ook amper bij aan dat vermeende imago.
Intussen maakt ze als prominente Naardense beeldende kunstenares onmiskenbaar mooie dingen. En daar heeft ze in tegenstelling tot sommige vakbroeders en -zusters geen coke-lijntje voor nodig.
De Naardense natuur rond Katten is al hallucinerend genoeg.

Verkerend in de aanwezigheid van beeldende kunstenaars, ben ik doorgaans één en al bescheidenheid. Ik luister. Voel me altijd de ultieme leek tussen de experts. Van luisteren leer ik. Meer wordt er van trouwens mij niet verwacht. En terecht. Waar ik me als neerlandicus met een ruime belangstelling voor beeldende kunst wél mateloos over kan opwinden is het irritante, wollige taalgebruik in de kunstrecensies. Ik ben qua hermetische poëzie wel wat gewend. Maar wat die recensenten (én tentoonstellingsteksten) er van bakken gaat me vaak vele bruggen te ver. M’n darmen spelen er van op. Voorbeeldje?
‘In het werk van K speelt materiaal een centrale rol. Maar altijd in combinatie met een idee van aanwezigheid en spiritualiteit die de oppervlakkige actualiteit overstijgt van het object in woorden. Het leidt altijd tot iets immaterieels. K ziet dit als de fundamentele paradoxale nog aanvullende voorwaarde van de materiële wereld. Termen als lichtheid, traagheid en groei lijken de inspiratie en drijvende kracht achter de nieuwe kinetische, ruimtelijke objecten van K. Aan de wortels van dit alles ligt bij K de uiting van angst door middel van ongegeneerde emblemen en de formele verwijzing naar seksualiteit en geweld.’
Ik kan er geen chocola van maken.
De spiritualiteit en de eventuele paradoxen in haar bij voorkeur wat abstracte werk geïnspireerd door de natuur, laat ik graag voor wat ze zijn. Vanuit het oogpunt van de human interest ben ik bijvoorbeeld meer geïnteresseerd in het sociale aspect dat een kunstenaar nogal eens moet ontberen. Laat dat nou net de reden zijn waarom Carine zo graag cursussen geeft. Die bieden het broodnodige evenwicht.
En afscheid nemen van kunstwerken waar je je ziel en zaligheid in hebt gelegd?
‘Geen probleem. Als het af is, is die afstand er. Afscheid nemen van mensen, daar heb ik veel meer moeite mee.’

Al een respectabel aantal jaren sleep ik me als een immens tevreden model-alpha door het leven. Naast de onmiskenbare voordelen die aan alpha-eigenschappen kleven en die ik volgens mij behoorlijk uitgebuit heb, word ik toch van tijd tot tijd keihard met m’n neus op de duistere kanten ervan gedrukt.
De verwarring sloeg vanmorgen toe bij het lezen van onderstaand artikel in mijn ochtendblad.
Nieuwe afbeelding (2)
Om eerlijk te zijn, die mysterieuze negende planeet zal me een zorg zijn. Leuk voor de Chriet Titulaers van deze aardkloot die daar wel pap van lusten.
Lezen doe ik zo’n stukje nog wel.
Had ik ’t maar niet gedaan.
Deze alpha verkeert al een uur of drie in een staat van opperste verwarring.
En dat zit ‘m in de zinsnede ‘ongeveer vier keer groter dan de aarde’.
Ik mag dan qua exacte vakken wat minder onderlegd zijn, wat betreft de taal kan ik aardig meekomen. Vind ik. Maar ‘vier keer groter dan de aarde’ (hoe meten ze dat trouwens?) is volgens deze Bartjens toch hetzelfde als 5 keer de aarde?
Als ik op mijn website een foto van 100 bij 50 pixels wil vergroten dan heb ik zo’n handeling helemaal onder controle.
2x zo groot, wordt 200 bij 100
5x, als ik dat zou willen, wordt 500 bij 250
Een kwestie van vermenigvuldigen. Als weliswaar kinderloze pensionado denk ik deze vaardigheid nog wel aardig in de klauwen te hebben.
Maar ‘vier keer groter’? Daar moet ik maar liefst twee rekenkundige handelingen voor verrichten. Vermenigvuldigen én optellen. Een beetje omslachtig.
Ik was door m’n wilde cigarillo’s heen en viel in Ruijsdael op ’t Hoekje in een somber middenstandsgesprek tussen eigenaar Erik en buurvrouw Gerda. Die van de natuurlijke materialen (sieraden, tassen of gewoon aardige hebbedingetjes) om de hoek. Twee mensen van kaliber die voor hun professie toch gewend zijn om de nodige rekensommetjes te maken.
Of ik effe mijn probleem met ze kon ‘delen’?
Delen,dat vreselijke Facebookwoord.
Nou dat mocht.
In eerste instantie keken ze me wat bevreemd aan. Wat was eigenlijk mijn probleem? Maar toen ik met behulp van m’n zojuist gescoorde sigarenkistje mijn dilemma op de toonbank probeerde te visualiseren, sloeg ook bij onze Naardense ondernemers de twijfel ongenadig toe. Gerda verliet na tien minuten met een zorgelijke blik het pand om een paar deuren verderop alles nog eens in alle rust de revue te laten passeren. En ook in de oogjes van topfiscalist Erik, die aanvankelijk een uiterst resolute indruk maakte, sloeg de aarzeling zichtbaar toe.
Drie Naarders op donderdagmorgen in complete verwarring.
Wie het weet mag het zeggen.

prev_watermarked0_15576839-1920x1277

In de nadagen van mijn 36-jarige carrière in het onderwijs als docent Nederlands (Godelinde Scholengemeenschap Naarden, Vechtstede College Weesp) werden we in het kader van de verplichte bijscholing van tijd tot tijd met alle meesters en juffen door een optocht zwaar gesubsidieerde workshops gejaagd die tot doel hadden ons optimaal te laten functioneren. Daarmee werd naadloos aangeknoopt bij de modegrillen en de waan van de dag waarvan de Pedagogische Studiecentra hun schoorsteen laten roken. Middagenlang werden wij, lesboeren, gegijzeld in onze aula. Om onze kwaliteit te laten pimpen door nijvere functionarissen die ons net een hoofdstukje voor waren in het grote handboek van de te implementeren verworvenheden.
M’n aanvankelijke open mind maakte na een indrukwekkende serie teleurstellende ervaringen allengs plaats voor een portie gezond cynisme. De waterlanders spatten nog spontaan uit m’n ogen bij de herinnering aan de workshop ‘Vertrouwen‘. Met een blinddoek omgeknoopt dienden we ons op zorgvuldige aanwijzingen van een uiterst toegewijde collega stap voor stap zonder ook maar een schrammetje door een vervaarlijk, van banken en stoelen opgebouwd doolhof te laten geleiden.
Nou, dat (tijdelijke) vertrouwen was er.
Jammer dat het een paar maanden later door diezelfde collega volledig afgefikt werd tijdens een docentenvergadering waarop die Judas ons, leerlingbegeleiders, onvervaard een mes in de rug stak.
Als je een jaar later tijdens de middagpauze in de docentenkamer bij de boterhammetjes achteloos refereerde aan dit soort wijze lessen, wist nog slechts een enkeling waar je het over had.
Dus implementeren: Ho maar!
Sensitivitytrainingen? Breek me de bek niet open.
Wat het me als freelance columnist in ieder geval opgeleverd heeft, is een aantal zurige analyses die grif aftrek vonden in het onderwijswereldje.
Onder het motto ‘Je houdt er in ieder geval wel een stukkie aan over’, liet ik me uit pure nieuwsgierigheid ooit door een moeder uit de Ouderraad verleiden tot een weekendje Landmark, dat toen bij de zwevers mateloos populair was. Een sektarisch clubje van gesjeesde scientology-adepten en zelfhulpmassapsychologen uit de jaren ’60. Hoewel ik vond dat ik redelijk stevig in m’n schoenen stond, kwam ik er behoorlijk depressief vandaan. Maar een stevig fietstochtje (in een dag om het IJsselmeer, 320 kilometer) en m’n open mind was weer helemaal terug op het oude niveau. Zo deed ik dat.
Er is nog hoop. Want we hebben nu Mindfulness.
Bewust leven in het hier en nu maakt ons gelukkig en gezond. Mindfulness past in de trend van het maakbare geluk – ‘gelukkig zijn’ is een intrinsiek doel. Daar wordt een hele industrie omheen gebouwd: elke dag komen er nieuwe lifecoaches, mindstyleblogs, zelfhulpboeken en bladen bij die je het ultieme geluk beloven, omkleed met vrolijke kleuren en bloemetjes. Wie vandaag de dag een knoop in z’n buik heeft van ellende wordt in Mindfulness geleerd deze knoop haarscherp te voelen. Maar de prangende vraag is of er ook wat mee gedaan wordt. Symptoombestrijding dus. Laat mij maar gewoon een stukkie fietsen, een potje janken, de stress van me afschreeuwen of desnoods woedend de borden door de kamer smijten.

Wakker gekust door Claudia de Breij in haar laatste voorstelling ‘Teerling’,waarin ze een geestige persiflage (Mindlessness) op deze nieuwe hype ten beste geeft, en een interview van Marco Visscher met voormalig meditatiejunk Miguel Farias (Vrij Nederland, 16 januari 2016) sla ik ons regionale sufferdje de Gooi en Eembode op. Om ten prooi aan opperste gelukzaligheid te constateren dat we godezijdank in de Palmpit in Bussum (Gooise Meren) gedurende acht weken mindfullness aan de bak kunnen voor een laagdrempelige training à raison van een slordige 160 euri.(..)
Hoezo laagdrempelig?

Literatuur
Marco Visscher: ‘Meditatie is geen oplossing voor alles’,
Vrij Nederland 16 januari 2016

Nieuwsgierig naar zo’n onderwijscolumn?
Frans Muthert: Krabben aan de korst: Briljante scholing, alle neuzen dezelfde kant op

Slikken

Geplaatst: 21 september 2014 in actualiteit, crisis, cultuur, gelezen, Naarden, onderwijs, persoonlijk, zorg
Tags:

Uut

Naarden, 16 september 2014
Dacht je toch in Wachthuis Q bij De Naardense kunsthandelaar Floris Siemer à raison van 45 keiharde euri een ingelijst zeefdrukje te scoren, loop je hier tegen aan. De poorten van zijn bunkertje in de wallen zijn nog maar koud geopend of bij de Utrechtse Poort wordt iedere ambitie genadeloos de kop ingedrukt. Rest niets anders dan de verkoop slinks langs andere wegen te benaderen. De Kapt. G.A. Meijerweg dus. In de volksmond ‘De Afsluitdijk’. Maar daar loop je weer tegen het soort ongein aan waar je als oud-docent Nederlands, die zich zesendertig jaar het leplazarus ploeterde om de plaatselijke middelbare schooljeugd de elementaire beginselen van de spelling bij te brengen, compleet van aan de dunne raakt.
Zo wordt het natuurlijk nooit wat met zo’n grote kunstverkoopactie.
Ik geef het op.

foto

Steve-Job-IpadHier is weinig aan toe te voegen. We blijven in dezelfde valkuil trappen. De zwakkere leerling wordt het kind van de rekening.
Jobs

export_01

Maar liefst vier jaar lang (..) is een forensisch onderzoeksclubje bezig geweest om uiteindelijk via een 3D-scan vast te kunnen stellen dat de kogelgaten in de muur van Het Prinsenhof in Delft helemaal authentiek zijn. Met dank aan het EO-programma Blauw Bloed. Een uitermate geruststellende gedachte. De geschiedenisboekjes hoeven wat dat betreft niet herschreven te worden. Stukken moeilijker zit het met de laatste woorden van de betreurde prins. Het uitspreken van het gevleugelde Mon Dieu, ayez pitié de moi et de ce pauvre peuple blijkt ten enenmale een fysieke onmogelijkheid te zijn geweest. De arme man was op slag morsdood. Die oneliner hebben we, wilden we althans bij een geschiedenisrepetitie op mijn door en door vaderlandslievende, gristullukke  lagere school van weleer nog een beetje scoren, dus voor niets uit ons hoofd geleerd.
Maar wel fijn om te weten natuurlijk.