Archief voor de ‘historie’ Categorie

96126_l

Dat er ’s avonds gedurende een uurtje of wat een paar uitgekiende spotjes op de Naardense Utrechtse Poort, het stadhuis en de Grote Kerk staan, is alleszins begrijpelijk. Monumenten waar we trots op zijn verdienen een feeërieke verlichting. Over de functionaliteit daarvan zal de grootste milieufreak amper twisten. Een onverbiddelijke tijdklok waakt over verspilling.
De betonnen stalinistische gemeentebunker aan de Brinklaan waarvan de peperdure verbouwing al aardig begint te vlotten is nou niet bepaald een sieraad waar ons fusiehart sneller van gaat kloppen. Waarom de lampjes daar ’s nachts nog steeds blijven branden, is velen een raadsel. De  lokalen van Hart voor BNM stelden er met een wakker oog voor duurzaamheid herhaaldelijk vragen over aan het College.
Tot nu toe zonder effect.
Of worden er in de nachtelijke uurtjes samen met de grootgrutter snode plannen gesmeed om dwars tegen alle volksraadplegingen en collegebesluiten in de verhuizing naar het Scapinoterrein er alsnog door te jassen?
Appie let toch zo op de kleintjes?

licht uit

20170531_122805.jpg
De enige zekerheid die de mens heeft is dat ie zekerder wordt naarmate z’n behoefte aan zekerheden afneemt.
In een tijdsgewricht waarin onze zekerheden zwaar onder druk staan toch altijd weer een geruststellende gedachte dat de Kruiskerk bij de buren in het bevindelijke Huizen er met z’n onelinertjes  de moed behoorlijk in weet te houden.
Zo te zien is het er elke dag raak.
En hemelsbreed slechts op een steenworp afstand van het verdorven Naarden waar het monumentale historische godshuis een maand lang vergeven is van een tsunami aan profane foto’s.
Die gereformeerden hebben er in de loop van de geschiedenis een smakelijk gezelschapsspelletje van gemaakt. Om de haverklap scheidde zich een tot op het bot verontwaardigd clubje af. Wereldschokkende dilemma’s of de slang nou wel of niet gesproken had. Of de betekenis van de doop. Het liep ze daarnaast redelijk dun door de broek bij de invloed van occulte zaken waar menige synodale hoogvlieger regelmatig slapeloze nachten van had.
Vrijgemaakt van die verrekte satan ziet het leven er al gauw een stuk leuker uit.
Ook op 5 mei.

18766085_10209836048126397_5946578941781042705_nToch sneu voor m’n opa zaliger Frans Kroeze dat Concordia van de r.k. Militairen Vereeniging voor hem omstreeks 1914 vermoedelijk geen haalbare zaak was.
Opa was als onderofficier gelegerd in Naarden. En behoorlijk Nederlands Hervormd. De bokken en de geiten werden, zeker in die tijd, zorgvuldig gescheiden. Het is voor hem te hopen dat er in de vesting een calvinistisch equivalent voorhanden was.
In mijn eigen diensttijd, eind jaren ’60, in ieder geval wel.
Hoewel, de klad kwam er al aardig in.
Wij hadden voor onze geestelijke verzorging de keus tussen het PMT (protestants militair tehuis) en het KMT (katholiek militair tehuis). De humanistische zielenherder scharrelde daar zo’n beetje tussendoor. Gezien mijn opvoeding was ik rücksichtslos ingedeeld bij de protestanten (ik ben nota bene in m’n jeugd nog met een collectebus voor het PMT de straat op gestuurd).
Je zorgde er natuurlijk wel voor je portie geestelijke verzorging mee te pikken. Want in die uurtjes was je vrijgesteld van uiterst gewichtige militaire taken. Ik ging (toen al) voor de humanist die zetelde in het KMT, waar bovendien het biljart stukken beter liep.
En dat telt als je opgaat voor je nummer.

Concordia (de godin van de eendracht) Naarden dus.
Hemelsbreed vijftig meter van mijn huidige vestingwoning.
Op mijn bridgeclubje beoefende ik er ooit het spel van de duivel.
Jarenlang huisde de goddeloze Catherine Keyl er.
Het zijn barre tijden.

la-passion-du-christ-cruxifixion-1951-bernard-buffet-1951-vatican-museum-bernard-buffet

Naarden is een maand lang in de ban van het Fotofestival.
Aan aansprekende evenementen in onze vestingstad geen gebrek.
In feite scheelde het maar een haartje  of we hadden die andere fraaie plaatselijke traditie van vorige maand op onze buik kunnen schrijven.
Niet zo leuk voor  al die hotemetoten die zich jaarlijks likkebaardend op Goede Vrijdag in de tempel van Marlo Reeders laten ophokken.
Ze hadden naar ander vertier moeten uitkijken.
Erbarme dich.
De Matthäuspassion dus.
Een reconstructie.

Met de kruisiging, de (als je je  het probeert voor te stellen nogal onsmakelijke) wederopstanding en Hemelvaartsdag achter de kiezen en de zo mogelijk nog onbegrijpelijkere uitstorting van de Heilige Geest voor de deur, de hoogste tijd om eens wat spitwerk te doen bij de eigentijdse experts.

Afijn, om een lang verhaal kort te maken, beperken we ons tot de hoofdzaken:
De evangelisten in het Nieuwe Testament, Matthäus Marcus Lucas en Johannes, hebben er (in tegenstelling tot de veel betrouwbaardere Paulus) een potje van gemaakt.
Zeventig jaar na Chr. opgeschreven.
In het Grieks, terwijl Aramees de voertaal was.
Had er iemand genotuleerd?
De discipelen?
Maar die waren beslist geen toonbeeld van geletterdheid.
Vooral Johannes maakte het bont. Voor zijn pennenvruchten zouden roddelperiodiekjes anno 2017 als Story en Privé hun neus ophalen. Historisch gezien zijn de evangelisten volslagen onbetrouwbaar. Met een hele dikke duim. Het adagium ‘beter goed gejat dan slecht geschreven’ kan in de prullenbak. Stilistisch broddelwerk. En er is onderling heel wat afgejat.
De kruisiging van de rebel Jezus zal dan wel kloppen.
Maar verder: een verzonnen, smakelijk verhaal op basis van wat in het Oude testament bij de Psalmen en de Profeten voorspeld was.
Gehistoriseerde profetie.

Barabbas of Jezus?
Een willekeurig groepje voorbijgangers wordt door Pilatus voor  de keuze gesteld om Jezus dan wel Barabbas los te laten? Hedendaagse historici hebben de grootste twijfels over de geloofwaardigheid van dit verhaal. Het meest ongeloofwaardige is dat een Romeinse landvoogd, onaantastbaar zetelend in de onneembare burcht Antonia en omringd door karrenvrachten soldaten niet gewoon op eigen gezag een aangeklaagde  zou durven veroordelen of vrijlaten.
Het beeld van  milde, toegeeflijke Pilatus voor een schreeuwende menigte staat haaks op wat we over hem weten: een specialist in het hardhandig bestrijden van onlusten.
En die mag z’n handen in onschuld wassen?

Stel je voor dat dat samengeraapte zooitje voor de vrijlating van Jezus had gekozen?
Dan was de kruisiging niet doorgegaan.
En was van dat grote Zoenoffer (en dus onze verlossing) al helemaal niks terechtgekomen.
Dan had de mensheid vierkant achter het heil gegrepen.
En Naarden achter z’n Matthäus.

Bronnen:
S.G.F. Brandon: The trial of Jesus of Nazareth
John Dominic Crossan: Jesus. A revolutionary Biography
John Dominis Crossan: Who killed Jesus?
Charles Vergeer: Een nameloze. Jezus de Nazarener
Maarten ’t Hart: De bril van God

feenstra

Dat kleurige flyertje van hem viel al een keer of wat op de mat van mijn vestingwoning. En aangezien ik wat te vieren had (nee, aan verjaardagen doe ik niet) dus maar even buurten op  de Raadhuisstraat.
Jan Feenstra dus.

Voordat ik me te buiten zou gaan aan een woest dagje  op het Markermeer lagen er namelijk een paar mogelijke drempels die wel even geslecht dienden te worden.
Hoe zat het eigenlijk met de groepsgrootte die Jan kan behappen?
Op m’n eigen pieremachochel die in jachthaven Muiderzand al weken kommervol ligt te wachten op de opening van het zeilseizoen kan ik er hooguit zes kwijt. Na zorgvuldige selectie was ik tot een uitgelezen gezelschap van  zo’n twintig man gekomen.
Jan adverteert voor groepen van twaalf.
Er viel over te onderhandelen. Twaalf blijkt gebaseerd op het aantal beschikbare slaapplaatsen. En als er iets is wat ik met dat zooitje ongeregeld van mij buitengaats  in ieder geval niet moet doen, dan is het wel slapen. Daar komt alleen maar gedonder van, heeft de geschiedenis ruimschoots bewezen. Slapen in zo’n ambiance met een schipper die z’n domicilie heeft in Divorced City is de goden verzoeken.
Toch?

En nu we het tóch over de goden hadden dan meteen maar even het tweede pijnpuntje.
De naam van de boot.
Eben Haëzer.
Met een streng reformatorische opvoeding achter de kiezen heb ik nog steeds sterke associaties met de aloude profeet Samuel.
‘De steen des Aanstoots’.
‘Tot hiertoe heeft de Heere Heere ons geholpen’.
Van die dingen.

De naam ook van een kerkgenootschap dat er prat op gaat dat iedereen in de hemel komt. Mochten we onverhoopt ter hoogte van het Paard van Marken schipbreuk lijden dan is die hemel wel zo ongeveer het laatste wat ik mijn overwegend agnostische gezelschap zou willen aandoen.
Als er ergens gevloekt wordt als een bootwerker, dan toch wel in de zeilbranche. Je hoeft bij een scherpe  ‘overstag’ maar één keer een fokkenschoot uit je poten te laten schieten of je krijgt van de schipper een liederlijk godsoordeel over je uitgestort.
Mocht Jan écht zo zuiver in de leer zijn dan wil ik geen steen des aanstoots voor hem vormen met mijn kompanen die verbaal van wanten weten. Daar zit geen woord ‘tale Kanaäns’ bij.
Hij wist me in alle opzichten gerust te stellen.
Van een Groninger tjalk uit 1901 verander je de naam niet meer.

Godskolere (..), wat was het koud op die 7 mei.
Daar viel voor Jan met z’n vlammetjes en kroketten  niet tegen op te frituren.

minder

Grote verontrusting op de drukbezochte Facebooksite Naardenezen.
Een besloten groep met 2327 leden.
Dat is een keus.
De zorgvuldig over ons zielenheil wakende beheerders Constanze en Frits dringen met klem aan beslist geen mensen uit te nodigen die helemaal niks met Naarden hebben.
Reinigingsrituelen. En goedbeschouwd behoorlijk geestig ook. Want wat immers moeten we ons voorstellen bij dat niksige niks? Wat heb je hier dan eigenlijk te zoeken met je niks?
Dagelijks haasten velen zich naar de historische Vleeschpotten van Henk Schaftenaar, Herman Blüm, André Leijenhorst, Frans de Gooijer, Frits Klijnstra e.v.a.
Gewoon, omdat die vaak interessant materiaal aandragen over ons roemruchte verleden.
Geschiedenis is straks iets van vroeger.
En dan nemen ze de regelmatig uitstekende, maar soms ook deerniswekkende (‘wat een geweldige foto!’) kiekjes, en niet te vergeten, die eindeloze optocht kerktorentjes, wel op de koop toe.
Een nogal incestueuze kraaien-invalshoek die de vermaledijde Fremdkörper zorgvuldig buiten de deur houdt.
En dat is jammer.
Er schijnt inderhaast een werkgroepje in het leven geroepen te zijn dat zich gaat buigen over een draconisch balloterende geloofsbelijdenis in aangepaste vorm die iedere potentiële bezoeker met hart en ziel dient te onderschrijven.

Web201705

Wien Naerder bloed door d’aderen vloeit,
Van vreemde smetten vrij,
Wiens hart voor stad en  poorters gloeit,
Verheff’ den zang als wij:
Hij stell’ met ons, vereend van zin,
Godsklere, what the fuck
Dit welgevallig feestlied in
Voor vestingstadgeluk

20170423_124914.jpg

Ik schat nog een stief dagje en we kunnen  ons weer naar hartenlust ontdoen van ons volledig verantwoord gescheiden glas, plastic, chemie, gft, papier en restafval. De jongens van de  bestrating hebben de afronding van hun klusje nog net over het weekend weten heen te tillen. Maar dan heb je er straks ook wat voor.
De locatie is historisch volledig verantwoord. Maar liefst ZES megacontainers liet de royale GAD op de restanten van een Middeleeuwse gracht zakken. Deze week zag ik de fine fleur van onze archeologie koortsachtig in de bouwput graaien en fotograferen. Op zoek naar de laatste potscherven, schedelresten en andere ongein. Zo’n gracht fungeerde in oude tijden als afvalcontainer avant la lettre. Werkelijk alles waar men van af wilde werd er in geflikkerd. De penetrante odeur (vermengd met veengrond) had  na een paar eeuwen nog niets aan verwoestende kracht ingeboet.
Inderdaad, zes containers. Geen plaats voor fecaliën. Want nummertje zeven, de Dixi, uw partner voor toiletcabines, is slechts tijdelijk. Laten we ons wat dat betreft dus maar concentreren op de diarree aan Shanty koren die we op Koningsdag over ons heen krijgen.