Opzooien met die stagiaire

Geplaatst: 4 maart 2011 in onderwijs

Het begon er al mee dat ze altijd te laat kwam. Ik hoefde na een maand of twee de kutsmoes al niet eens meer te horen. Natuurlijk, het openbaar vervoer was af en toe een ramp maar mij maakte je niet wijs dat het uitgerekend elke dinsdagmorgen met zo’n lullig trajectje van 15 hele kilometertjes  zo dramatisch gesteld was als Alice wilde doen voorkomen.
Alice, zo’n geheel eigentijds product van de lerarenopleiding.
Zelf begreep ze, naar eigen zeggen, eigenlijk niet waarom ze uitgerekend daarvoor gekozen had en mij was het al helemaal een raadsel. Nederlands. Mijn vak.
Afgaande op de bepaald niet kinderachtige inhoud van haar te pas en meestal te onpas te voorschijn getoverde lila beauty-caseje dat pijn aan m’n ogen deed, had een opleiding voor schoonheidsspecialiste wellicht iets meer voor de hand gelegen. Of een carrière in de fast food. Want in het korte tijdsbestek dat ze onze onderwijsinstelling verrijkte met haar buitengemeen penetrante aanwezigheid, was ze ieder vrij moment te vinden in de nabijgelegen snackbar waarvan ze het gehele assortiment van binnen en van buiten kende. Maar het moest met alle geweld het onderwijs worden.
En daar hadden we het maar mee te doen.

De stagiaire.
Voor mij een noodzakelijk kwaad waar ik als het even kon met een grote boog omheen liep. Maar jouw ‘nee’ betekende automatisch dat je je collega’s opzadelde met een onbezoldigd extra begeleidingstrajectje en dat wilde je ook niet op je geweten hebben. Bovendien, aspirant-leraren moeten op enig moment de kans krijgen om proef te draaien in de harde dagelijkse praktijk? Toch?
Ik had er al heel wat van versleten, van die stagiaires. Hele goeie, die ook jou als docent extra wisten te prikkelen en met wie je soms in eendrachtige samenwerking uitgekiende projectjes uitstippelde die écht zoden aan de dijk zetten. Studenten met een hartverwarmende motivatie die ook bereid waren na te denken. En die, niet onbelangrijk, wekelijks het bewijs leverden over voldoende kennis van zaken te beschikken. Er waren er die ik bijzonder graag ter plekke had ingelijfd in onze sectie.
Van enige kennis van zaken was bij de aan alle kanten autochtone (laten we dat er voor de duidelijkheid maar even bij zeggen) hoogblonde Alice hoegenaamd geen sprake. Al tijdens de snuffelstage, de periode waarin in korte tijd kennis gemaakt dient te worden met een zo groot mogelijke variëteit aan vakken, werd al snel duidelijk dat we hier allesbehalve met een topgemotiveerde aanstaande collega te maken hadden. Aan snuffelen had ze een broertje dood.
Nee, veel liever zat ze achterin de klas te blokken op dat stukken belangrijkere tentamen van haar Hogeschool voor de volgende dag. Want daar was in het weekend vanwege de geneugten van het boeiende uitgaansleven in de grote stad, niet al te veel terechtgekomen. En ik in m’n naïviteit aanvankelijk maar denken dat ze zich daar ongans zat te schrijven aan het stageverslag, dat haar als een zwaard van Damocles boven het hoofd hing.

Maar dan kwam toch uiteindelijk écht het moment waarop de aspirant Neerlandica voor de leeuwen moest. Een lesje. Niet uit zo’n stom leerboek natuurlijk. Voor stagiaires selecteer je zorgvuldig de krenten uit jouw pap. En het kwam dus mooi uit dat ze van Hogeschoolwege consignes had meegekregen die aan duidelijkheid niets te wensen overlieten. Haar opleiding had de voorafgaande weken in het teken gestaan van een zinderend project waarin de spreekvaardigheid centraal stond. Om precies te zijn: het klassengesprek. Alice wist, zo vertrouwde ze me barstend van het zelfvertrouwen toe, van de hoed en de rand en het was de bedoeling dat alle stagiaires de in die week de verworven kennis en vaardigheden maar ’s moesten loslaten op hun praktijkscholen.
Mij had je, met dit soort lessen die over het algemeen behoorlijk onderschat plegen te worden.
Organisatorisch allesbehalve eenvoudig. Dat begint al met de onderwerpkeuze en wil je een beetje sturing kunnen geven dan is het zaak om als docent van tevoren goed nagedacht te hebben over dat onderwerp en de sub-onderwerpjes die er gaandeweg zo’n vaardigheidsles op listige wijze doorgedouwd moeten worden. Er is in het onderwijs al genoeg ouwehoercultuur.
En dan hebben we het nog niet eens over het probleem van het handhaven van zoiets als orde. Zelfs voor een gepokte en gemazelde lesboer vaak al geen sinecure.
Alice had er, gesterkt door haar kersverse Hogeschoolproject, alle vertrouwen in. Omdat haar relatie met de Nederlands Spoorwegen op nogal gespannen voet stond, besloten we de les veiligheidshalve maar voor het tweede uur te plannen. Dat zou ze toch zeker halen?
Het onderwerp: Vandalisme. Klas 3vmbo-t. Kortom: ongekende mogelijkheden.

Het drama was er één van een astrale, bijna klassieke schoonheid. Om te beginnen moest ik op het afgesproken uur m’n klasje eerst maar ’s zélf aan het werk zetten want de juf had het weer moeten afleggen in de race tegen de klok.
Na een kwartier betrad ze doodleuk, zonder dat we iets van excuses mochten vernemen, het lokaal om vervolgens leiding te geven aan één van de meest dramatische spreekvaardigheidservaringen uit m’n carrière. Van meet af aan werd duidelijk dat ik m’n hooggestemde verwachtingen ten aanzien van het Hogeschoolproject enigszins diende te temperen. Met samengeknepen billen zag ik alles wat er door ons in tweeëneenhalf jaar ingejast was aan vaardigheden en strategieën in een handomdraai naar de Filistijnen geholpen worden. Waar Alice van tevoren allemaal over nagedacht had, werd geen moment duidelijk. In ieder geval niet over vandalisme en alles wat daar op en aan zit.
Na tien minuten roken de vier grote bekken uit de klas hun kans om het klassengesprek, zo daar al sprake van was, voor de verdere duur van de les via een paar eindeloos herhaalde, armetierige one-liners smakelijk de richting uit te sturen van ongetwijfeld thuis opgedane meningen die een wel erg hoog Wilders-gehalte ademden. Van enige nuance was geen sprake. Net zo min als van broodnodige  sturing van de kant van de juf.
De oplossingen van het vandalismeprobleem moesten we, samenvattend, maar zoeken in het afknallen van betrokkenen. De doodstraf werd moeiteloos van stal gehaald. Kortom, het werd een rotzooitje.
De resterende 22 leerlingen hielden het weldra voor gezien en begonnen, enigszins schichtig omkijkend naar mij achter in het lokaal, ten einde raad maar aan hun huiswerk. Voorwaar, geen eenvoudige opgave in de ontstane chaotische ambiance. Ik mocht me nergens mee bemoeien.

De nabespreking was zo mogelijk nog onthutsender.
Je opent maar eens met het geweldige cliché: wat dacht je er zelf van? Doorgaans een prachtig middel om het begin van iets als introspectie aan te boren. Het stelt je bovendien in de gelegenheid om een beetje op adem te komen en je creëert daarnaast wat tijd om te zoeken naar wat parlementaire taal om de gepasseerde treurigheid mee samen te vatten.
Over enthousiasme over haar eigen giga-inspanning had ze geen klagen. Wat ze daar zo-even in een half uur had neergezet mocht er, volgens haar, absoluut wezen. Het was dan misschien wel een tikkie aan de drukke kant geweest, gaf ze volmondig toe, maar de kinderen waren ontzettend goed bezig geweest.
Bezig geweest?
Groot was de verontwaardiging, toen ik er mijn vier volgeschreven velletjes met commentaar bij haalde en met een reeks striemende argumenten een analyse gaf die er niet om loog.
Alle begin is moeilijk, dacht ik nog hoopvol.

Maar Alice kreeg een herkansing. En nu voor de verandering maar eens een lesje reguliere stof uit het boek. Toch haar voorland, zou je denken. In een eerste klas vwo, een buitengewoon leuke en bovenal behoorlijk slimme groep, mocht ze een paar weken later op een vierde uur (..) los gaan op een combinatie van grammatica en spelling. Onderwerp en persoonsvorm. Eén van mijn favoriete stukjes leerstof die loepzuiver bewijzen hoe spelling- en grammaticaonderwijs broederlijk hand in hand kunnen gaan. Een onderdeel waarvan de methode aan duidelijkheid niets te wensen over liet.
Willen vmbo- en havo-leerlingen nog wel eens baat hebben bij enige instructie, 1VA had ons daar niet voor nodig. Maar misschien voor Alice de kans om te bewijzen dat ze het misschien toch ergens wel in zich had.
Goed voorbereiden, raadde ik haar aan. In twintig minuten gewoon die paar zeer zinnige argumenten bespreken die de relatie tussen onderwerp en pv duidelijk maken. Gebruik het bord. Daarna zet je ze aan de verwerking.

Het drama was zo mogelijk nog ernstiger dan haar onfortuinlijke college spreekvaardigheid. Na tien minuten kwam ze er niet meer uit, althans dat was de algemeen heersende mening in de klas. Niet echter die van Alice die op het hoogtepunt van haar instructie in een principiële discussie verzeild  raakte met een briljant grietje dat het allemaal meer dan prima begrepen had. Nu de juf nog.
Toen de laatste in haar bordwerk tot algemene hilariteit bovendien vier knoeperds van spelfouten maakte, verloste ik haar resoluut uit haar lijden.
Begrijp je het zélf wel? vroeg ik, m’n irritatie amper meer onderdrukkend.
Wat ik wel niet dacht.
Hevige verontwaardiging.
Maar dat zinnetje dat je op het bord schreef .
Jouw heb ik dat niet gevraagt’.
Los van het feit dat het jou zonder w moet zijn en ook de spelling van gevraagt wat vreemd aandoet, wat is daarin nou het onderwerp?
Ze keek me aan of ik van god los was.
Jouw natuurlijk.’
Tja, daar ging de les over.
Ik wist genoeg.

Het was niet de eerste stagiaire bij wie ik dit meemaakte. Maar wel de laatste. Dezelfde dag nog legde ik de rector uit waarom het maar ’s afgelopen moest zijn met dit soort nitwitten in m’n les. En dat kostte me verdomme nog de nodige moeite.

Uit mijn column/verhalenbundel Krabben aan de korst (2009)

Advertenties
reacties
  1. Rob Alberts schreef:

    Op mijn voor vorige school is een collega met veel poeha naar binnen gehaald.
    De leerlingen reageerden minder enthousiast.
    De kleur “root” op het bord geschreven vonden de leerlingen toch minder geslaagd.

    Toch geniet ik ook wel van stagiaires en jongere collega’s!

    • fr@nsmuthert schreef:

      Rob, ik kan natuurlijk ook wel een aantal suceesvolle stagiaires noemen. Maar dan wordt het wel een wat ander verhaal.

  2. Prachtig verhaal, met genoegen gelezen.

  3. ezelgedachten schreef:

    Prachtig verhaal. Ik word er plaatsvervangend nijdig om (als dat kan, tenminste). Geloof, dat ik jouw boek eens moet aanschaffen.

    • fr@nsmuthert schreef:

      Burro, je staat bij m’n links, zoals je kunt zien. Ik volg het onderwijs nog steeds met belangstelling. Hoewel ik er al 6 jaar uit ben. Zal er nog wel een paar verhalen uit plaatsen. Want ze blijven helaas actueel. Er staan er trouwens al verschillende. Kijk in de infobalk maar eens bij de categorie onderwijs.

  4. Ik ken dat systeem. Zelf heb ik ze ook wel gehad.Meestal werd het eind van de dag niet gehaald

    • Rob Alberts schreef:

      Ik heb een collega voor 5 minuten gehad. Zo snel leverde een nieuwe collega zijn sleutels weer in. In een jaar is het voor een vak gewoon een draaideur geweest. meer dan tien collega’s zijn aan het team en de klas voorgesteld.
      Ja, stagiaires kunnen gaan lopen zelfs aangenomen leerkrachten kunnen gaan lopen.
      Terwijl het toch ook een mooi vak is, het lesgeven!

    • fr@nsmuthert schreef:

      Maar je wordt wel geacht een hoop tijd en energie in zulke mensen te steken, Paco

  5. fr@nsmuthert schreef:

    5 Minuten moet een record zijn Rob. Zo grijs heb ik ’t nooit meegemaakt.

  6. Lasja schreef:

    hè…heerlijk zo op de zondagochtend…stagiaires…je hebt ze in soorten en maten …vooral de uitblinkers blijven je bij 😉

    • fr@nsmuthert schreef:

      Hoewel ik natuurlijk ook hele goeie had, kan ik van dit soort ervaringen nog wel een blogje of wat vullen. Maar eentje is genoeg.

  7. Klopt, en na de tweede mislukking ben ik er niet meer aan begonnen

  8. Johnb699 schreef:

    Hello There. I found your blog using msn. This is a really well written article. Ill make sure to bookmark it and return to read more of your useful information. Thanks for the post. I will definitely return. ddbkddgeceak

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s