Leerlingbespreking

Geplaatst: 1 maart 2011 in onderwijs
Tags:

Vorm en inhoud
Het roer moet om.
De hoogste tijd om de nieuwe bezems ook maar ’s door de vergadersector te halen.
Het was natuurlijk niet allemaal even verheffend wat wij als docenten daar al jaren bij mekaar hadden geneuzeld. In onze nooit aflatende liefde voor het kind plachten we, op zoek naar de diepmenselijke oplossingen voor onze probleemgevallen, met enige regelmaat de grote lijnen enigszins uit het oog te verliezen.
Ook schoolmeesters zijn gewoon mensen en willen dat beetje elementaire discipline maar moeilijk onder de knie krijgen. En dan is zelfs de door een barre reeks van managementcursussen zwaar afgetrainde afdelingsleider vaak niet meer bij machte de spontane chaos nog in goede banen te leiden.
Maar dat ging nu allemaal stukken beter worden.
Kees, de gymnastiekmeester wiens glanzende carrière tussen rekstok en ringen na een aantal jaren enigszins in het slop was geraakt, had z’n belangstelling in pure vertwijfeling naar de zorgsector verlegd. Een gebied waar nog veel te winnen was. Niet in de laatste plaats vanwege het grote aantal zorguurtjes waarmee de opeens verrassend gulle directie de betrokken functionarissen meende te mogen faciliteren.
Het kersverse lid van het zorgteam dat zich vanaf zijn eerste wankele schreden in het begeleidingscircuit ontpopte als een ware cursustijger, had z’n eerste leergangetje nog maar koud achter de kiezen of wij, lesboeren,  moesten er via een ‘model leerlingbespreking’ met z’n allen meteen maar ’s aan geloven.

De leerlingbespreking, het stoomstrijkijzer van de vooruitgang dat alle pedagogische oneffenheden glad strijkt. Onder leiding van Ankie, de mentrix van H3A, schurkte een schamele helft van de vijftien genodigden  in carrévorm bijeen in het biologielokaal, waar aan de wand een schoolplaat over de evolutieleer ons met het oog op wat ons te wachten stond, symbolisch toelachte.
De ‘case’ die we deze middag te bespreken hadden was Sharon over wie de klachten zich in korte tijd tot astronomische hoogte opgestapeld hadden. Een bespreking die zich zou voltrekken volgens de allermodernste inzichten en vooral niet te vergeten: de ultieme procedure. Die procedure was nu nog alleen het geestelijk eigendom van Kees, die al op z’n stoel zat te stuiteren van ongeduld om nu ook óns, het pedagogische voetvolk, in te wijden in de geheimen die het APS hem ontsluierd had.
Ankie nam de informatieve inleiding voor haar rekening waarbij ze in het kort de problematiek aangaande haar treurige mentorleerling zou schetsen. Vervolgens was er gelegenheid tot het stellen van verhelderende vragen. Waarna de sessie afgerond zou worden met een resoluut plan van aanpak.
Het was ons allemaal meer dan duidelijk.

Met de inleiding van de liefhebbende mentrix, die zich zichtbaar te pletter schrok van de vitale rol die zij diende te spelen, ging het meteen al mis. Ankie had gewoon bar weinig te melden. Nou ja, de cijfers waren allerbesodemieterdst, haar beschermeling werd er, áls zij al aanwezig was en dan nog vaak te laat, wel erg vaak uitgestuurd. Maar dat was het dan wel zo ongeveer.
Hoezo weinig te melden?
Had ik, als ex-mentor van Sharon, deze lieve collega aan het begin van het jaar dan niet een lijvig dossier overgedragen waar de huiselijke en andere ellende werkelijk aan alle kanten uitpuilde? Een dossier dat haarfijn aangaf hoe vorig jaar de diverse plannen van aanpak onder mijn wanhopige verantwoordelijkheid stuk voor stuk faliekant gefaald hadden? Een dossier tenslotte, waarin toch melding werd gemaakt van het bestaan van een schrijnend rapport van de schoolpsycholoog dat om privacy-redenen, veilig weggeborgen lag achter de kastdeuren van de zorgcoördinator?
Niets van dat alles. Tijdens Ankie’s summiere uiteenzetting druppelde zo nu en dan een verlate collega binnen, waaronder één die algemeen bekend stond als uitventer van allerlei op z’n minst dubieuze meningen over leerlingen voor wie hij al jaren hardnekkig weigerde ook maar de geringste belangstelling op te brengen.
Hij had z’n onberispelijke attachékoffertje nog niet naast z’n stoel geplaatst of hij barstte los. Maar daar stak Kees, die z’n heilige procedure tot in details wenste te bewaken, meteen een stokje voor.
Het bleek namelijk inmiddels de hoogste tijd voor het stellen van verhelderende vragen.
Op basis van Ankie’s verhaal was er echter bitter weinig verhelderends te vragen. Te vertellen daarentegen des te meer. Vond ik. Want als iedereen al niet volledig op de hoogte diende te zijn van de ten hemel schreiende voorgeschiedenis, dan was dit toch wel het meest geëigende moment om een broodnodig boekje open te doen.
De eerste aanzet daartoe werd meteen in de kiem gesmoord. M’n interventie had, volgens de licht geïrriteerde Kees, niets weg van een verhelderende vraag en volgens de procedure was het stellen daarvan toch absoluut aan de orde.
Een kwartier lang kabbelde het povere middenstandsgesprekje een beetje voort. Herhaling van zetten, waarbij Ankie ruimschoots in de gelegenheid werd gesteld het weinige kruit waarover ze beschikte nog een paar maal, in telkens iets andere bewoordingen, te verschieten.
Plan van aanpak. Kees gooide met veel aplomb het slot-item van zijn heilige ritueel in de strijd.
Wat gingen we nou toch beleven?
Was er dan niet van alles aan de hand waar kennelijk niemand weet van had en waar toch waarachtig, voordat er überhaupt sprake kon zijn van een ordentelijk plan van aanpak, op z’n minst wel wat verhelderende opmerkingen over te maken waren?
Moest er bij wijze van spreken niet eerst verteld worden dat het meisje in kwestie bij herhaling het slachtoffer was geweest van seksueel misbruik door haar bloedeigenste vader? (vertrouwelijke gegevens waar de zorgcoördinator als een moederkloek over waakte) Dat ze daardoor met suïcidale plannen rondliep waarbij de enige vragen die er nog restten, waren: WANNEER en WAAR die stevige boomtak opgezocht zou worden? Waarna er uiteraard geen enkele verhelderende vraag meer gesteld hoefde te worden.
Donder toch op met je procedures!
Maar nee, er was slechts tijd voor die uitzichtloze procedurele pedagogische humbug en dat zachte heelmeesterige gedoe dat alleen maar kon leiden tot de conclusie die weldra langs de schoolplaat over de evolutie omhoog kroop : Ankie gaat eens goed met Sharon praten en er worden duidelijke afspraken gemaakt.
Haastig gristen de vijf overgebleven docenten (de rest had om allerlei respectabele redenen de vergadering al lang voor gezien gehouden) hun spullen bij elkaar.
Hoezo inhoud?
Het gaat om de vorm.

Uit mijn bundel Krabben aan de korst (2009)

Advertenties
reacties
  1. beusekom schreef:

    Weer een verhaal uit je boek ‘krabben aan de korst’.
    Leuk om weer eens te lezen.

  2. Glaswerk schreef:

    Niks mis met die gouwe ouwe verhalen Frans.

    Ze zijn (helaas) nog steeds actueel.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s