Gezellig

Geplaatst: 16 februari 2011 in persoonlijk
Tags:, ,

Terwijl ik m’n handbagage in het vak boven stoel 03C perste, bekroop me meteen al het natte vermoeden dat HV777 wel eens een bijzondere vlucht zou kunnen worden.
-Gezellig.
Twee fletse ogen keken me uit een asgrauw gelaat verwachtingsvol aan. Voor zover dat mogelijk was althans.
Haar naam was Sarah schoof ik tegen beter weten nog welgemoed in de bagageklem tegen de rugleuning van 02C. Een flinke dijk in de kaskraker kon ik wel op m’n buik schrijven.
-Gezellig.
Zei ze. Om het bijzondere karakter van de ons in het vooruitzicht gestelde, gezamenlijke vier uur en twintig minuten nog maar eens extra te benadrukken.

In welke fase van het proces ze precies verkeerde, viel voor mij als niet-expert moeilijk vast te stellen. Hoe lang was het eigenlijk al weer niet geleden dat ik m’n eigen moeder in het tijdsbestek van luttele jaren onomkeerbaar zag wegzakken in de bodemloze put van Alois A.?
Hij keek vanaf  03A wat mistroostig uit het raampje waaronder de contouren van wereldhaven nummertje drie langzaam voorbijtrokken.
Hoe oud waren ze eigenlijk? Mijn leeftijd? Een jaartje of vijf ouder?
Een lichte huivering kroop langzaam langs m’n rug naar boven.
Leuk, zo’n veiligheidsgordel. Maar hoe kreeg je die in godsnaam weer dicht?
Daar kun je je een hele reis het hoofd over breken.

Weldra zocht de magere hand met ouderdomsvlekken de mijne, waarop ook de aftakeling zich reeds enigszins in rudimentaire staat aandiende.
-Waar gaan we heen?
-Dat weet je toch Els? Tenerife. En val die meneer niet lastig!
Geschrokken trok de hand zich terug. Om even later steels z’n inmiddels vertrouwde plek weer in te nemen.
-Gezellig. Toch?
M’n mening werd gevraagd. Dus.
Ik kon niet anders doen dan dit te beamen. Al had ik me ’s ochtends bij het opstaan uiteraard een enigszins andere voorstelling gemaakt van het Transavia-tochtje.
En als er eenmaal A is gezegd, ontkom je niet aan B.
Een gesprek dus.
Of wat er voor doorging.
Ze had waarachtig wel wat te vertellen.

Vanwege een overduidelijk gebrek aan korte-termijn-herinneringen, moesten we ons beperken tot haar high lights uit een wat grijzer verleden. Ze voerde me hortend en stotend mee in een caleidoscopische rondgang door wat al gauw ook zo ongeveer mijn jeugd bleek te zijn. Al moest ik niet thuis geven zodra het over het persoonlijke wel en wee in haar jonge jaren ging. Bij De Watersnoodramp (ze kwam uit Zeeland) was ik weer helemaal bij de les.
Veel koningin Juliana ook. Met haar geweldige prins.
Dat laatste zat wat mij betreft nog.
Maar er zijn meer geëigende gelegenheden om tegengas te geven.
Karel had zich bij het raampje inmiddels mokkend neergelegd bij die hand. Een subtiele blik van verstandhouding tussen ons was genoeg om hem in de gelegenheid te stellen zich zonder al te veel schuldgevoel op de Voetbal International te storten.
Ik probeerde me in zijn positie te verplaatsen.
Mijn god.
Om me enigszins te ontlasten duwde hij haar een Privé in de handen. Lusteloos bladerde ze door de pagina’s vol veelkleurige plaatjes van mij volslagen onbekende, Bekende Nederlanders. Van voor naar achteren. En weer terug. En nog eens.
Ik pikte m’n kwaliteitsminuutjes dankbaar mee.

De lichte transpiratiegeur viel nog wel te verdragen. Dat kon evenwel niet gezegd worden van een nogal penetrante pislucht die op een gegeven moment onmiskenbaar de kop op stak.
Hoogste tijd voor een sanitaire stop. Of minimaal het verversen van de Tena Lady.
Mocht je verwachten dat de werkelijke echtgenoot wel op zou staan om deze operatie in goede banen te leiden, niets was minder waar. En hoewel we toch in een paar uur waarachtig iets moois opgebouwd hadden, ging de rol van empathische mantelzorger me rijkelijk een brug te ver.
-Die stewardess helpt je wel Els!
Ik maakte ruim baan.
-Daar zijn ze toch voor!
Voegde Karel mij schouderophalend toe. En dook weer gedecideerd in z’n VI.
In het gangpad op vijf meter van het toilet was Els, amper op eigen benen, meteen de weg kwijt. Ze maakte volkomen gedesoriënteerd aanstalten voor een troosteloze dwaaltocht door de Boeing 737.
-Nee Els, hier voorin. De stewardess helpt je wel!
Stewardess? En om welke deur ging het eigenlijk?
Tussen de handige karretjes met drank en etenswaren in ieder geval niet.
-Jullie moeten haar even helpen. Ze kan het niet alleen!
Geen idee hoe het zit met de taakomschrijving van het cabinepersoneel anno 2011. Maar op een gegeven moment daalde bij een gefronst groen mantelpakje een kwartje. Waarna met vereende krachten de ergste nood gelenigd werd.
En vind dan je stoel maar weer ’s terug.
Karel clickte haar veiligheidsgordel vast die ze prompt weer losmaakte.
-Volgend jaar ga je niet meer mee. Dan ga ik alleen. Dit is niks!
Een paar lege, wanhopige ogen keken me aan.
Waarna ze tevreden haar hand weer op de mijne legde.
-Gezellig. Waar gaan we heen?

Advertenties
reacties
  1. cor3006 schreef:

    gvd Frans wat word ik hier terurig van,knap gedaan hoor

  2. GooiBoy schreef:

    zal ik nog gaan vliegen binnenkort?

  3. de stripman schreef:

    Mooi verhaal ! Ook al is het niet echt vrolijk…

  4. Beiden:triest en prachtig.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s