Ik ben geen medici

Geplaatst: 6 januari 2011 in taal

Wat hou ik toch zielsveel van interviews met door mediatraining sufgelulde topsporters.
Je mag me ter plekke wakker maken als een overgelukkige tenniscrack op een onchristelijk uur aan de andere kant van de aardkloot een Grand Slam op z’n  naam heeft geschreven. En een microfoon onder z’n snufferd krijgt voor een magistrale slotanalyse.
Want wees eerlijk, zonder z’n begeleidingsteam, z’n vader die hem als kind dagelijks tegen heug en meug naar de baan joeg, z’n moeder die altijd en eeuwig bij thuiskomst met thee en ranja klaar stond, z’n twee zussen die hem immer door dik en dun door z’n dipjes sleurden, was ie natuurlijk nergens.
En vergeet ook vooral de miep niet die z’n shirtje gestreken had waarin ie even daarvoor de grote concurrent van de baan mepte.  Dikke kus voor allemaal.
Het is allemaal van een tranentrekkende dunheid waarvan ik meer dan volledig aan m’n gerief kom.

Het schaatscircus is neergestreken in het Italiaanse Collalbo waar het zich komend weekend weer naar de zoveelste krachtmeting in een onafzienbare rij kampioenschappen klapschaatst. Volgens mij is het tegenwoordig van december tot maart ieder weekend dikke pret. Ik kan al bij voorbaat helemaal door het lint gaan van schattebouten als Ireen Wüst (we gaan knallen) en consorten die onmiddellijk na de race aan de rand van de baan bereid zijn in een luidruchtige  overdrive hun superbe ervaringen met ons te delen.

Verreweg het mooist zijn de splijtende interviewtjes met voetballers. Doorgaans de jongens van het betere proza. Een beetje schoolopleiding was er vanwege de focus op hun ontbolsterende talent dikwijls niet bij. En dat is later hard aanpoten voor de mediatrainers. De fraaie stijlbloempjes van Johan Cruijff zijn genoegzaam bekend. Maar breek me vooral de bek niet open over sneeuwvlokje Ronald Koeman die a raison van een flinke stapel euri wekelijks voor de tv bereid is z’n superieure analyticuslicht te doen schijnen over de meest povere potjes voetbal. Kan werkelijk geen zin produceren die ook maar enigszins voldoet aan de meest elementaire grammaticale eisen.
Ieder hoofdstuk van het mediatrainershandboek behandelt naast de broodnodige basisvaardigheden kennelijk ook altijd een paar voetbalwereldvreemde woorden waar ze van huis uit toch al weinig affiniteit mee hebben. Maar de meester is streng. Moeilijke woorden geven aan hun verhaal het broodnodige intellectuele vernisje waarmee de vooroordelen in de kiem gesmoord moeten worden. Dat is stevig blokken geblazen voor de boys.
En je kunt ook vaak exact horen in welk deel van het Grote Boek ze zijn blijven steken. Want zo’n  lastig woord uitspreken is nog wel wat anders dan er een beetje soepeltjes mee improviseren.
Arjen Robben bijvoorbeeld zit overduidelijk ergens te rommelen in het midden van het alfabet. Bij de M. Je telt al  lang niet meer mee als je zonder blikken of blozen meldt dat de media het niet door heeft. Maar vanavond in het Sportjournaal had ie weer een hele sterke. Hij is na alle ellende inmiddels weer helemaal opgelapt. Maar pratend over z’n mysterieuze blessure waarover heel wat te doen is geweest, excuseerde hij zich met droge ogen royaal:
Ik ben geen medici.
Als ik ’t niet dacht.
Heerlijk.
Ik kan er in ieder geval tot Collalbo weer even tegen.

http://www.vkblog.nl/bericht/363589/Ik_ben_geen_medici

http://www.ekudos.nl/

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s