Nichtenvlucht

Geplaatst: 23 december 2010 in Uncategorized

Het (basis)onderwijs mag dan meer en meer in de wurggreep van het vrouwelijk geslacht komen, in de vliegbranche lijkt het in de omgekeerde richting te gaan. Kon je je, pak ‘m beet, een jaar of twintig geleden op een semi-continentaal chartervluchtje nog uitgebreid laten verwennen door een cabincrew die voor het merendeel uit (steeds minder goedgemutste) dames bestond, de boys hebben de macht volledig overgenomen. Aan de knuppel zelf is het wat de ladies betreft trouwens nog steeds behoorlijk behelpen geblazen.
De romantiek is er inmiddels aardig van af. Een vluchtje Tenerife valt in de orde van grootte van een tramritje Amsterdam CS-Leidesplein. Zeker nu het overweldigende slotapplaus bij de geslaagde landing ook nog ’s van de aardbodem verdwenen is.
Over de veelgeroemde humor van het hoofdstedelijke trampersoneel hoeven we het al heel lang niet meer te hebben. Het lachen is hen wel vergaan met die contingenten zwartrijders die, als dat zo uitkomt, tot overmaat van ramp ook dikwijls nog een flink portie agressie in hun penetrante aanwezigheid stoppen.
Met de intrede van de voetbalhooligans, de meer dan afgetankte Russen en ander gespuis aan boord is het stewardessenmetier al lang niet meer wat het is geweest. Wim Sonneveld riep het een halve eeuw geleden al met voorspellende blik : kotszakkenophalers. De bewonderende blikken als je op een feestje te kennen gaf je werkzame dagen te slijten in het, weliswaar ongelooflijk truttige, hansopje van KLM, Martinair of Transavia, hebben plaatsgemaakt voor meewarigheid. En dat hakt er in.

De boys dus.
Samengedreven in de wachtruimte voor gate D85- de leprozen voor de chartervluchten van Transavia worden om volstrekt onduidelijke redenen altijd verbannen naar de uiteinden van de meest afgelegen piertjes- kregen we een half uur voor vertrek meteen al een nietsverhullend voorproefje.
De entree van het boordpersoneel.
Ingetogen groetend passeerden de gezagvoerder en z’n maten. Op de voet gevolgd door een knipmessende roedel giechelend cabinevolk, gehuld in de strak gesteven groene truitjes van de prijsvechter. Zonder uitzondering duidelijk fervente aanhangers van de herenliefde. Ze maakten er meteen maar een nummer van. Wat les 1 op de cursus behelst, werd op slag haarscherp duidelijk. Nog voordat er ook maar een kilometer gevlogen is moet je als passagier in spé vooral het gevoel krijgen dat het straks boven de Golf van Biscaje een toffe boel gaat worden. Gezelli. Een bloggersbijeenkomst is er niks bij. Het begrip lachen verbleekt tot een understatement. Marc Rutte kan er zo aan de slag.
Onder welk gelukkig gesternte het Hoofd Personeelszaken het dienend volk voor mijn vlucht HV661 bij elkaar geschraapt had, werd al snel duidelijk. Never ben ik bij binnenkomst (de vlotte truitjes waren ingewisseld voor kekke colbertjes in dezelfde kleur) zo hartverwarmend de plane ingeluld. Het treurige vooruitzicht om strak opgevouwen gedurende viereneenhalf uur in de 737 naar de Canarische zon te worden getransporteerd, werd op slag stukken draaglijker.
Een verwenvlucht.

Om te beginnen die rituele dienstmededelingen bij de aanvang. Normaliter toch het soort informatie waar hoegenaamd geen enkele belangstelling voor bestaat. Als je toch met z’n allen naar de oceaanbodem dreigt te verkassen, is de wetenschap dat het vliegtuig over een zestal prachtige nooduitgangen beschikt van nul en generlei waarde. Om maar helemaal te zwijgen over de plaats van de reddingsvestjes of het luikje van waaruit bij calamiteiten de zuurstofmaskers naar beneden plegen te dwarrelen. Maar Antoine, de purser, onmiskenbaar chef van het spul, wist van het plichtmatige babbeltje een dusdanig spannend verhaal te maken dat alle stoelen toch gedurende vijf minuten ademloos aan z’n lippen hingen.
Antoine was sowieso een kanjer. Zorgvuldig als een kloek wakend over de hem toevertrouwde zonaanbidders maakte hij, met een empathische glimlach voor elk individu, met punctuele regelmaat een rondje door het middenpad. Dit was geen rasacteur. Het kwam uit z’n hartje. Dat zag je zo.
Amper had de gedachte aan een koele, dorstlessende consumptie postgevat of het sprankelende biertje stond al te schitteren op je uitklaptafeltje. Drie euri uiteraard. Daar viel ook bij de boys niet over te marchanderen. Maar toch. Nog nooit zo belangeloos zo veel kussentjes uitgedeeld gezien. En na ieder toiletbezoek haalde een razendsnel toegeschoten groene trui weer net zo makkelijk een desinfecterend dweiltje door de plaats des onheils. Maar dat kan net zo makkelijk een handeling zijn die het gevolg is van pure bezuiniging.
Omdat het een ongewoon lange en gecompliceerde retourvlucht betrof met een tussenstopje op een ander Canarisch lustoord, was er rondom vier stoelen een soortement geïmproviseerde tent aangebracht waar de heren beurtelings in de gelegenheid werden gesteld een uurtje bij te snurken. Dat eist het rijtijdenbesluit van de baas nou eenmaal.
En dan wil ik meteen maar even afrekenen met het vooroordeel dat er maar niet uit te rammen valt. Wellicht ingegeven door de reputatie van evenementjes als de Gay Pride. Niet alle homo’s zijn op keiharde seks beluste mannenverslinders die iedere gelegenheid te baat nemen om hun vleselijke geneugten tot op het bot uit te venten. Achter het gordijn, en ik kan het weten want ik zat er pal naast, werden, zo er al niet een tukkie gedaan werd, languissant slechts glossy magazines doorgebladerd. Waarvan acte.
Als op een teken van de Almachtige werden van tijd tot tijd de truitjes op mysterieuze wijze ingeruild voor een vrolijk streepjesoverhemd. De noodzaak voor de metamorfose? Ik heb er de vinger niet achter kunnen krijgen. Maar het had in ieder geval geen enkele invloed op de onveranderlijk superieure dienstverlening. Wat een verademing na jaren die bloedchagrijnige mutsen die les 1 uit hun handboek zelfs niet eens meer kunnen acteren.
Antoine en z’n crew. Een middelgrote zorginstelling in kommervolle tijden zou ter plekke uit z’n as herrijzen met zo’n perfect op dienstverlening toegesneden team aan het roer.
Laat ze nog maar een weekje wachten met die overstap.
Woensdag moet ik nog terug.

Bij de exit zwaaiden ze ons hartelijk uit.
De truitjes waren weer ingewisseld voor de groene jasjes.
Even bekroop me de aanvechting Antoine als onomstotelijk bewijs van erkentelijkheid recht op z’n bek te zoenen.
Ik liet het bij een gelispeld afscheidsgroetje.
In die dingen blijf ik gewoon een schijterd.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s